Over de olifant, de kraai en verse vis - Sicilië 2009

Pin it!

Sicilië is in vele opzichten een vreemd eiland. De verschillende culturen en volkeren van de Middellandse Zee ontmoeten er elkaar al eeuwen, vaak in conflict maar al even vaak in uitwisseling en versmelting. Zo was Siracuse voor mij nog heel duidelijk oud-Grieks en had het iets van die openheid en handelsgeest van die cultuur bewaard. Caltegirona, de hoofdstad van het majolica-aardewerk, had voor mij dan weer een veel Arabischer invloed. Overal op straat stonden groepjes mannen te praten (waar zitten die vrouwen eigenlijk ?), de kleding was armer en wat stroever en strenger en er was niks te merken van het ijdele pauwen-gepronk dat we in Siracuse zagen. De naam van de stad komt dan ook van het Arabische Qual'At al Giran of Burcht van de Vazen, en alhoewel de pottenbakkerij hier al sinds het neolithicum bestaat (omwille van de kwaliteit van de klei) waren het de Arabieren die de majolica-glazuurtechniek invoerden waarvoor het stadje nu nog bekend is. Wij liepen er een inktvisje of twee af op de befaamde trap en werden beloond door een mooi uitzicht, maar in de benedenstad en het park stonden gebouwtjes die me meer deden denken aan Algiers dan aan Italië.

DSC00989

                                                                                                                                

Catania, onze laatste stop in Sicilië gaf ons opnieuw een cultuurschok. Wij hadden het er met Gianni al over gehad hoe rijk Sicilië ons wel leek en hoe, wel, on-Siciliaans, het ons leek, helemaal anders dan de clichés van zwartgerokte priesters, maffiosi en armoede die wij meenden te kennen. Toen we de stad inreden kwamen al die clichés echter met volle kracht terug. De voorsteden van Catania zijn druk, chaotisch, vuil en vreemd en ze doen meer denken aan Noord-Afrika dan aan Italië. Beenhouwers werken er nog op straat, het krioelt er van het volk, het is een continu getoeter en verkeerslichten fungeren er hoofdzakelijk als decoratie. Overal liggen onafgewerkte fabrieksgebouwen, wegenwerken die ooit begonnen zijn maar nooit afgemaakt en vervallen flatgebouwen. De dreigende aanwezigheid van de Etna, het zwarte stof, de donkere vulkaansteen waarmee hier gebouwd werd, voegen daar nog iets grimmigs aan toe en plots waren wij heel blij dat we in Ragusa sliepen en niet hier.

Het grote plein met de Duomo had eerst, in de zon, wel iets, maar tegen de middag was ook het weer wat slechter geworden en in combinatie met de zwarte steen maakte dat alles wat somberder werd. Véél mensen op straat, dat wel, maar het viel me erg op dat hier niet gelachen werd. Ook in de kathedraal hing een erg aparte sfeer. Terwijl die van Ragusa en Noto me meer deden denken aan de Jongerenkerk van vroeger, waren het hier terug de zwarte kraaien die de scepter zwaaiden, dreigend rondkijkend naar de vermaledijde die te luid sprak of te licht gekleed was. De best wel indrukwekkende monumenten van de stad lagen er vuil, half ingevallen en totaal verwaarloosd bij. Het plein zelf wordt beheerst door een standbeeld van een olifant in vulkaansteen. Niemand weet waar hij vandaan komt of waarom hij daar staat, en dat hele doelloze straalde ook af op die vreemde, vreemde stad.

DSC00996
 

Maar eindigden wij deze trip echter met een valse noot ? Néén ! Want dat was buiten de keuken van de Antica Marina gerekend. Omdat we wat laat hadden gereserveerd, moesten we wachten...en wachten...en wachten...en aperitieven...en aperitieven...

                                                                                                                         

DSC01001

                                                                                                                      

De reden voor dit alles werd ons later duidelijk. Ik heb van de hele reis niet zo goedkoop lekker gegeten. Ik apprecieer de fijne geneugtes van de culinaire toppers van dit eiland, enorm zelfs, maar hier was het back to basics. Géén menu, gewoon bordjes met antipasti (verrukkelijk), aan de toog je verse vis uitkiezen (grote gamba's, inktvis in alle vormen, grote mooie zeedieren) en die dan gegrild en gefileerd geserveerd krijgen. Een wijnkaart ? Is er niet, maar wilt u chardonnay, fiano of grillo, signore ? Geen gelul, geen chi-chi, maar gewoonweg een eerlijke viskeuken, zeevers en verrukkelijk. Het deed een mens wreed spijt krijgen dat hij terug moest vertrekken...We dronken hier de Kados 07 ©(©) van Duca di Salaparuta, een 100% grillo, een frisse witte met wat citrus en vanille en goed combinerend bij de gegrilde vis.

Op de luchthaven gooiden wij ons nog op de Litra 04, fijner en evenwichtiger dan de 03, maar nog altijd een (te) stevige knaap en de Neromaccarj 03 ©© van Guilfi, een zwoele, kruidige en rokerige nero d'avola, elegant, complex en fris in de mond en compleet op dronk. Goeie wijnbar, hoor, voor zo'n luchthaventje...

De temperatuur in Zaventem bedroeg -2°C. Dat deed pijn.
 

Commentaren

  • Het is niet mijn gewoonte om hier reclame te maken voor wijnhandelaars en ik heb de mensen van Swaffou ook nog niet ontmoet, maar in hun laatste mailing kondigden ze de aankomst aan van de nieuwe flessen van Cos en Marco de Bartoli, twee van de beste wijnmakers van Sicilië. Aanraders !

  • Antica marina ,lijkt me lekker eten ,maar is er voor een niet viseters ook iets lekkers te bestellen?

  • ik ben erniet zeker van, maar ik denk eigenlijk van niet...

De commentaren zijn gesloten.