• CSP meets Trente en Vinikus&Lazarus

    Pin it!

    Er zijn kwatongen die beweren dat er een wijnclub zonder pretentie bestaat die een sterke invloed heeft op hoe gerenommerde gidsen als Gault-Millau zijn punten uitdeelt. En die zeggen dat Kwinten De Paepe zijn verkiezing als Young Chef of the Year 2010 te danken heeft aan de in de coulissen fluisterende stemmen van CSP-leden. Wel, zij dwalen ! Wij doorzochten het WorldWideWeb, zoefden door Wikileaks en versleten drie privédetectives, en konden alleen maar vinden dat CSP reeds in april 2007 hier een bondig maar lovend blogje wijdde aan deze chef. En voor de rest vonden wij alleen maar een overvloed van complimenten voor de fijngesnaarde en geniale pen van de President-Fondateur-Directeur-Général van dit uitermate sympathieke clubje, een man zonder enige pretentie...

    Deze avond in november was het echter opnieuw de Grote Verzoeningsavond, het moment waarop wij diep in onze beurzen tastten om onze wederhelften culinair te verwennen (en zo krediet te verwerven voor de volgende 12 uit de hand gelopen degustatieavonden). Stichtend Lid Gert meende een band te ontwaren tussen Kwinten De Paepe van Trente en Gert van Vinikus en dit werd door mij vlot beaamd. We leerden beiden een drie, vier jaar geleden kennen als aanstormende jonge talenten in hun respectievelijke branche en beiden bevestigden ondertussen over de hele lijn en vestigden een reputatie die tot ver buiten de muren van ons proeflokaal is uitgedeemsterd. Tijd om die twee eens samen te brengen dus en Gerd vroeg Gert om eens contact op te nemen met Kwinten en iets uit te werken voor ons. 

    Onze avond werd onmiddellijk goed ingeleid door Gert (die elke wijn van commentaar zou voorzien) met een glas van niemand minder dan de huidige voorzitter van de Verein Deutsche Prädikatsweine, Steffen Christmann. De Riesling, Pfalz, WG Christmann, 2009 is een instapcuvée van dit huis dat als één van de drie beste domeinen van de Pfalz wordt aanzien. Deze lichte en elgante riesling combineerde citrus en iets als amandelpasta en was licht en lekker, een beetje zoals schrijver dezes in een ver verleden...Op ons bord kwamen er twee heerlijke amuusjes die mij deden denken aan een Noordzeestrand, voor mij mooi op zo'n druilerige Leuvense avond. Dankzij een buur met een mosselallergie gebeurde er overigens ook nog een wonderbare vermenigvuldiging, waarvoor mijn eeuwige dank (zie foto's). De wijn kreeg **.

    DSC02175.JPG

        

    DSC02176.JPG

    De president van de VDP werd afgelost door een aanstormend talent uit de Rheingau, Eva Fricke. Ik en Gert kenden hem al, maar de Lorch, Rheingau, Eva Fricke 2009 is een riesling die niet voorbij mocht gaan aan de leden van deze club rieslingofielen. Een licht vleugje mineralen en een droge, compacte, wel nog enigszins gesloten mond deden de liefhebbers rechtveren en vragen naar prijzen en voorraad, maar dat verbaasde niet (**(*)). In het bord lag een Ceviche van Zeebaars met Kokkels en Colombo, fris en wow! en gewéldig lekker ! En dit even terzijde: wie door het www wandelt op zoek naar info over Trente struikelt wel eens over commentaren over de kleine porties. Zij die dit schrijven hebben Trente niet helemaal begrepen. Elk bord is hier een schakering van smaken en smaakcombinaties die je hapje per hapje moet degusteren, anders werkt dit niet, en dit is een restaurant voor verwondering, niet voor massa.

    Sinds een jaartje zijn Vinikus & Lazarus een paar, en omdat Lazarus zijn heil eerder zoekt in Oostenrijk kon een Grüner Veltliner hier niet ontbreken. De Schlossberg Gruner Veltliner, WG Fritsch, Wagram, 2009 werd geserveerd in magnum's, en was een rijpe en fruitige vertegenwoordiger van zijn druivenras, heel droog (2 gram restsuiker astemblief!) maar ook heel fruitig en lekker (**). Hij begeleidde een schelvis met colchester en radijssoorten en ik kon alleen maar héél treurig zijn omdat mijn buur alleen allergisch was voor mosselen...verrukkelijk oesterke ! Persoonlijk houd ik niet van radijs, maar rondom mij schurkten culinaire orgasmes tegen elkaar, dus het was blijkbaar héle lekkere radijs. Fantastisch stukske vis ook !

    Wij zouden geen alom gewaardeerde wijnclub zijn mocht Gert ook geen specialleke voor ons hebben opgevist. Diep in de geheimzinnige kelders van Domaine Viret (zie hier) waarde Gert als een mannelijke Lara Croft door de geheimen van de kosmokultuur en dolf er kelderschatten op, die hij onmiddellijk toewees aan dit gezelschap. Het ging om niet minder dan een aantal flessen van Viret's topcuvée, de Les Colonnades, Côtes du Rhône Villages Domaine Viret, 1999, perfecte begeleiders van de fazant met butternut (pompoen) en catharellen, een schitterende schotel die bevestigde dat Kwinten niet alleen de zee maar ook het woud onder de knie heeft. De wijn was monumentaal én wild, een beetje zoals een voorbijrazende meute honden en paarden, inclusief hoorngeschal, zweet, bloed en herfst. Zelden zo'n indrukwekkende wijn geproefd, heel rijp maar ook heel complex, absoluut op dronk en zelfs tertiair maar nog steeds met dat frisse en smakelijke tikje van een goede vin naturel. Voor ons unaniem **** (alhoewel de dames hem wat overpowering vonden).

    DSC02186.JPG

    DSC02202.JPG

     

    Als dessert was er een verukkelijk schoteltje met ingewikkelde dingen die men had gedaan met mango/passievrucht/pistache (dat geheugen!), en de wijn die het begeleidde kwam recht uit een kwis (voor gevorderden) gestapt: een Albalonga Auslese, Rheinhessen, Philip Wittmann, 2009, van een druif waarvan ik nog nooit gehoord had maar die ik ** scoorde. Het dessert smaakte alsof iemand de wijn had ontleed, in stukjes gesneden en dan over het bord had verspreid: een perfecte combinatie dus.

    Trente is een geweldig goed restaurant, eigenzinnig en tot in de details perfect en Kwinten kookt op een hoog niveau. Ik ben maar een amateur en geen culinair recensent, maar dit lijkt me momenteel Leuven's beste restaurant, misschien op CouvertCouvert na (en daar is het alweer een hele tijd geleden).

     En voor de rest ben ik van mening dat België niet gesplitst mag worden (naar Cato).

  • La théorie du 1%

    Pin it!

    Ik dacht eerst uit dit stukje zelf een blog te puren, maar na wat gepruts ben ik tot de constatatie gekomen dat dat a/ nogal oneerlijk zou zijn en b/ wat overbodig: ik kan het eigenlijk niet beter zeggen.

    Allen daarheen dus !

     

    http://www.chassorney.com/theorie.pdf

     

  • Pinot raar

    Pin it!

    De pinot noir is en blijft een fascinerende druif die vele gedaantes kan aannemen. Dat ondervond ik onlangs nog eens bij een kleine blinde degustatie ten huize van een goede wijnvriend. Op de tafel stonden drie flessen, in drie verschillende formaten, die we na elkaar (en dus niet tegelijk) ingeschonken kregen. De vraag was wat hebben deze drie gemeenschappelijk ? 

    Het eerste glas was een donkere wijn met een kruidige neus waarin we wat grafiettoetsen meenden te herkennen. In de mond domineerden stevige tannines, en een soort mannelijke robuustheid die wat aan cabernet deed denken, maar daar had de wijn dan weer wat te veel zuren voor. In het glas evolueerde de wijn mooi, meer richting kruiden, maar het bleef een nogal zware, donkere jongen. Er werden wat halve gokjes gedaan (ik zat richting cabernet franc, maar niet overtuigd) maar in feite had niemand een flauw idee. 

    Glas twee had het aroma van een mislukte chemieproef met wolken solfer die de katholieken onder ons verschrikt in het rond deden kijken op zoek naar iets roods met horens (nee, geen jupiler !). In het glas deed deze wijn nog het meest denken een vers geperst fruitsap, met héél levendige zuren (mijn kaakspieren zijn er nog stijf van) en het licht tintelende gevoel van nog fermenterend druivensap. Dit is toch geen wijn, riepen velen, maar de door iedereen echt gerespecteerde wijnhandelaar die deze fles had aangebracht, vond dit één van de beste uitdrukkingen van deze druif die hij kende. Ondergeschikte vond plots dat hij wel heel erg leek op een andere fles die ik de week er voor had gedronken (en die een dag later al zijn vreemdheid kwijt was en gewoon heel mooi fruit gaf), schreef zijn idee op een papierke en oogstte een vaderlijk bevestigende blik van de organisator. 

    Omdat andere proevers ondertussen kale plekken begonnen te vertonen in hun al dan niet weelderige haardossen (door vertwijfeld krabben of gefrustreerd uitrukken), en omdat deze twee flessen ongeveer zover van elkaar afstonden als Elio en Bart, ontkurkte de gastheer de derde fles. Het stopte met regenen, het wolkendek brak op, en de zielen werden uit hun lijden verlost: dit glas bracht onmiddellijk het duidelijke en herkenbare fruitneusje van een mooie spätburgunder. We waren pinot noir aan het proeven !

    De pinot noir is één van die druiven die niet ophouden me te verbazen en na deze tasting werd dit nog bevestigd. Ik hoorde ooit eens van een oude, ervaren wijnproever dat het moeilijk is om een gerijpte Bordeaux blind te onderscheiden van een oude Bourgogne, en ik reageerde daar toen op met hoongelach. Vandaag begrijp ik dat iemand met mijn proefervaring er vooral nog nederig het zwijgen toe moet doen...

    Fles 1 was de Unter den Terrassen zu Jois, Pinot Noir, Josef Umathum, Burgenland 2002. Deze Oostenrijkse wijnmaker vinifieert zijn pinot noir op Oostenrijkse eik en of dat het nu was dat ons in verwarring bracht weet ik niet. Iemand in het gezelschap zei dat hij niet hield van vrouwen die zo zwaar opgemaakt en opgedirkt zijn dat je nog nauwelijks ziet wie of wat er eigenlijk onder die laag zit, en dat dat voor druivenrassen nog meer geldt: hij had misschien wel gelijk.

    Fles 2 was de LN12, Pinot Noir, Gérard Schueller, Alsace, 2004. De onvolprezen Laurent Mélotte had deze fles verkocht en aangeprezen als volgens hem één van de mooiste pinot noirs uit zijn portfolio. Dat begrepen wij eigenlijk niet zo goed...Voor mij leek hij trouwens heel sterk op een pinot noir van Binner, ook zo'n "natuurlijke" wijnmaker, die ik echter veel beter vond. Met Schueller hebben wij tot nu toch vooral bevreemdende ervaringen gehad...

    Fles 3 was de Grand Duc, Spätburgunder, Cossmann-Hehle, Ahr, 2005. Met *** de ster van deze flight, en zeer herkenbaar en goed gemaakt, en zonder twijfel de "lekkerste". 

    Toen ik aan het nadenken was over dit blogbericht viel er me plots iets op. In deze flight zat geen enkele Bourgogne, en wanneer ik rondkijk in de kelders van de csp leden, van vrienden, en eigenlijk bijna van de modale Vlaamse wijnliefhebber is het eigenlijk opvallend dat de pinot noir uit de Bourgogne vaak de grote afwezige is. Zou dat oude cliché dan toch waar zijn, dat de Vlaming naar de zee kijkt, en dus Bordeaux drinkt, en de Waal naar het land, en dus Bourgogne ? Of is het gewoon een kwestie van aanbod ? Of lijdt de Bourgogne zo onder zijn imago van duur en wispelturig dat hij aan het verdwijnen is uit onze kelders ? Als hij er al ooit in zat ?    

     

    Pinot%20Noir%20Cluster.jpg

     

  • To filter or not to filter: that's the question

    Pin it!

    Een strikvraag was het dus, die avond. Blind proeven voor twee flessen met dezelfde vorm en dan raden wat het verband was tussen de twee. Ik zelf kwam terug van een beurs, had de hele week nauwelijks geslapen en was de uitputting nabij. En vreemd genoeg zet precies dat me altijd heel scherp bij het wijnproeven. Terwijl de hele bende zat te vissen naar dingen als gelijke druivenrassen maar ander huis, zelfde regio maar ander huis, zelfde merk van ondergoed van de man die de vaten levert maar ander huis, gooide ik er quasi onmiddellijk uit dat ik dacht dat de ene wijngefilterd was en de andere niet.

     

    melitta.jpg

     

     

    Na de anderen nog even te hebben laten rondzwemmen in hun twijfel haalde de gastheer de etiketten van de flessen. Het bleek een mondeuse te zijn van Jean Vullien uit 2007, een Vin de Savoie dus, iets dat geen van ons had geraden. De ene was pré-filtré, de andere non-filtré en Jean had ze ooit meegegeven om het verschil te laten proeven. Onze gastheer wou dus wel eens testen of dat verschil gaf.

    Fles 1, de gefilterde, viel op door zijn stevige neus van zwart fruit met een toets die ik niet anders kan benoemen dan nat karton. Het is een aroma dat heel vaak terugkomt in goedkope flessen uit bijvoorbeeld de Languedoc die in de grootwarenhuizen worden verkocht en je moet dat echt eens proberen: een reeksje goedkope wijnen gaan halen in een supermarkt, ze allemaal openen en proeven (spuugemmer aan je zijde), en ze dan een dag of vier laten staan en de oefening herhalen: zeer leerzaam. Die kartonsmaak was me bij zo'n gelegenheid al opgevallen en een bevriende wijnhandelaar vertelde me dat dat typisch is voor gefilterde wijnen. Hetzelfde glas was ook kort en nogal scherp en zonder diepgang, zeker in vergelijking met het tweede glas, van de ongefilterde fles. Die bleek al snel complexer en breder en evolueerde ook veel beter in het glas. Hij leek wel te leven in vergelijking met de eerste, die plots vlak en dood leek.

    Ik maak persoonlijk vaak een onderscheid tussen gemartelde wijn en normale, en filtering, indien onoordeelkundig gedaan, behoort tot de marteltechnieken die een wijn kunnen voor het leven verminken. Het is één van die dingen die een fles in staat te stellen het hoofd te bieden aan de neonlichten van de supermarkt, maar voor de rest lijkt het mij niet veel zin te hebben en ik vind dat je het proeft...

    Ik ging die avond gezwollen van trots naar huis (ik had er nog ene juist, daarover meer volgende keer), om de dag daarop mijn gezin 's middag slaapwel te wensen in plaats van smakelijk, tegen een deur te lopen en een fotoapparaat in de vuilbak te gooien (drie dagen later op de valreep gerecupereerd). Met andere woorden: baasje dood, neuzeke groot. Ik heb ook de hele week flauwe moppen en woordspelingen gedebiteerd, maar dat zou nu over zijn...hoop ik.

  • Steak Frit

    Pin it!

    steakfrit.jpg

    Ik keek er eigenlijk naar uit en het eerste excuus dat voorbij kwam was goed genoeg om Steak Frit, de nieuwe restaurantketen in wording, te testen. Het is immers een gebeurtenis wanneer er iemand opstaat die beweert gespecialiseerd te zijn in al die ouwe trouwe Belgische goodies waar ik zo verlekkerd op ben. Ik stapte dan ook vol hoop binnen in de vestiging in de Predikherenstraat, een zijstraat van de Beenhouwersstraat in Brussel.

    Het interieur van SteakFrit is ruim en licht en nodigt uit. De bediening was van het begin snel en vlot en de nogal beperkte spijskaart had genoeg van mijn favorieten om echt te kunnen kiezen. Om mezelf te tracteren begon ik met een glas champagne, niet echt een hoogvlieger, maar we waren nog zeer vergevingsgezind, en dat beterde nog toen het broodmandje op tafel kwam. Dat was immers vergezeld van een potje reuzel of smout, en zelfs van hele goeie en heel goed gekruide. Het is één van de dingen die ik geweldig vind aan Duitse restaurants en die ik echt mis in België. Politiek correct is het niet meer, het gebruik van dierlijk vet als broodsmeersel, en je cholesterol hikt er waarschijnlijk stevig van naar boven, maar lekker ! En het werd nog beter door het voorhapje, dikke schijven jambon persillé van superieure makelij, vergezeld van een potje uitstekende mosterd.

    Tot daar echter het goede nieuws. Ik houd van garnaalkroketten. Ik houd zelfs veel van garnaalkroketten en ik ben een gemakkelijke mens, en of de inhoud ervan nu vast is of lekker smeuïg is als het verschil tussen bruin en blond: een kwestie van goesting. Maar een correcte garnaalkroket is vergezeld van gefrituurde peterselie en wanneer die wordt aangeleverd als een samengekoekte klomp olie is de lol er wel een beetje van af. En als die garnaalkroketten dan ook al niet uitblinken door smakelijkheid voel ik me wat bekocht.

    Een Brussels/Belgisch gerecht dat mij altijd bijzonder kon bekoren is een echte américain préparé en salle. Ik houd van de hele ceremonie, van de consistentie van rauw rundsvlees, van het smakelijke binnenglijden, en als het gerecht dan ook nog eens vergezeld is van lekkere versgesneden frieten en goeie mayonnaise, dan is het echt genieten geblazen. Laat me beginnen met het goede nieuws: correcte verse mayonnaise, sterk naar mosterd smakend, maar ook dat is een kwestie van goesting, en frieten à volonté, niet te groot, en van een correcte kwaliteit en krakendheet opgediend. Maar de américain zelf: grof gehakt en daarom eigenlijk de essentie missend van dit heerlijke gerecht: je moest hier op kauwen om het te verwerken en een echte moet binnenglijden. Afgekeurd !

    De wijnen waren correct, met een rode Vin de pays d'Oc van Bernard Magrez, de Domaine Tranquillité 2006, een fruitige en leuke wijn die de keuken eer aan deed. De koffie was zeer correct en plaats voor een dessert was er helaas niet meer. Maar nu komt de hamvraag...ga ik hier nog terug ?

    Het antwoord is neen. Ondanks de werkelijk zeer goede bediening, de correcte prijzen en het aantrekkelijke interieur ging ik hier buiten met één groot schreeuwend gevoel: tourist trap ! Eén van de betere weliswaar, misschien zelfs één van de beste, maar toch een restaurant voor toeristen, en niet voor Belgen die zich storen aan die details: nét niet goed genoeg, en dat is iets wat in die eenvoudigere belgische gerechten als garnaalkroket of américain moet. Ik kan me levendig inbeelden dat een Nederlander of een Duitser hier tevreden buitenkomt (de prijzen zijn ook erg ok) en ik zou het ze zelfs aanbevelen. Maar waarom iemand met culinair verstand voorbij zou gaan aan een etablissement als Vincent, of Aux Armes de Bruxelles, en hier dan zou opteren voor de kopie, is mij een raadsel. En plots leken mij zelfs de wat norse kelners van Vincent of de Armes te behoren tot een grote Belgische traditie.

    Ik zal het zo uitdrukken: met een Nederlandse vriend ga ik naar SteakFrit. Hij zal blij zijn dat hij niet te veel betaald, vriendelijk wordt behandeld, in het Nederlands, en buitengaan met de illusie dat hij echt Belgisch gegeten heeft. Maar in het gezelschap van een Fransman zou ik niet durven...Het is dan ook opvallend dat je in het restaurant vooral Hollands, Engels, Spaans, Russisch etc etc hoort. En als alle toeristen naar hier komen is er misschien wat meer plaats bij Vincent...Kinderen tot 8 jaar eten hier trouwens gratis, tot 12 jaar aan 50%. Er zijn nu drie SteakFrit's, de andere adressen vind je op hun website www.steakfrit.be

    Voor de rest ben ik van mening dat België niet gesplitst mag worden (naar Cato).