• Decanting a Wine

    Pin it!

     

    "I've allways thought that decanting a wine an hour or more before tasting it is like people who make love only thinking about arriving at the climax of the act as swiftly as possible. I love discovering a wine the moment it's opened, in the first shock of contact with the air, and then tasting and retasting it over at least an hour or so."

    Uit Liquid Memory., Jonathan Nossiter, een boek van de regisseur van Mondovino, de ophefmakende film over de wijnwereld. Voor gevorderden, maar er staan een paar zeer ineressante denkbeelden in.

    liquidmemory.jpg

     

  • Burgundy revisited

    Pin it!

    Bourgogne. Ik heb er al lang een echte haat-liefdeverhouding mee. Aan de ene kant zijn er weinig wijnen die mij meer kunnen bekoren dan een goede pinot noir, en een grote witte chardonnay uit de Bourgogne is één van de lekkerste dingen die er zijn. Maar mislukking wandelt hier naast succes, en er zijn weinig zaken meer teleurstellend in de wijnwereld dan een slechte Bourgogne. Daar bonvenop is Bourgogne ook vaak duur en afstandelijk, en vloeit er meer inkt dan wijn rond sommige grote namen, iets waar een CSP president uiteraard een hekel aan heeft. Het was dan ook daarom dat deze blogger de uitnodiging aanvaardde van het Bureau Interprofessionel de Vins de Bourgogne, ofte het BIVB. Ik had enkele fundamentele vragen, en dit leek de ideale moment om ze te stellen. 

    Is de aanwezigheid van grote, onbetaalbare namen in een regio niet eerder een nadeel dan een voordeel ? Leidt het wijnsnobisme van een vorige generatie niet tot een verwerping door de volgende ? Zijn grote bewaarwijnen nog van deze tijd ? En wat is dan de toekomst van Bourgogne, toch een "moeilijke" wijnregio, waar je je vlot kan vergissen en een fles azijn en een fles wijn vaak broederlijk naast elkaar in het supermarktrek staan ? Loopt de Bourgogne niet het risico van de Bordeaux (de prijsexplosie is goed voor enkelen en slecht voor velen) ? Kortom, waarom moet een wijnliefhebber zonder pretentie nog geïnteresseerd zijn in de wijnen uit deze regio ? De twee aanwezige vertegenwoordigers van de regio haalden drie grote factoren naar boven die de Bourgogne anders maken dan de Bordeaux.

     

    DSC00124.JPG

     

    1: Terroir: Bourgogne is een land van climats.

    Dit is één van de grootste verschillen met andere populaire regio's als Bordeaux. De wijnregio Bourgogne bestaat uit een lappendeken van appellaties, met duizenden kleine wijnboeren, en met een zeer grote variatie aan omstandigheden. Op enkele meters kunnen de omstandigheden (de bodem, de blootstelling aan de zon, etc) enorm variëren en het is een Bourgondische traditie om dit ook naar voren te laten komen in de wijnen. Waar Bordeaux een streek is van assemblages, waar de wijnen van verschillende percelen worden samengevoegd om tot één bepaald resultaat te komen, worden in de Bourgogne al die kleine perceltjes (of climats) niet alleen apart gevinifieerd, maar ook apart gebotteld en gecommercialiseerd. Dat heeft een paar belangrijke gevolgen. Het heeft geen enkele zin om een marketing-machine zoals die van veel Bordelese kastelen in gang te zetten: de productiehoeveelheden zijn zo laag dat alles veel te snel uitverkocht is. De wijnen van Bourgogne zijn ook zeer wisselvallig: het is niet mogelijk om via assemblage scherpe kantjes weg te vijlen, dus er is echt variatie van jaar tot jaar en plaats tot plaats. Zelfs de allergrootsten maken niet één wijn, maar een ratjetoe van cuvées, die zeer sterk kunnen verschillen (en dat is net het leuke). Voor wijnmakelaars is dit niet interessant, de hoeveelheden zijn te klein, en de namen te uiteenlopend, de situatie te complex. 

    2: De wijnmakers

    In Bourgondië zijn zo goed als alle domeinen nog familiedomeinen, maar de laatste tien jaar is er een nieuwe generatie wijnbouwers die het over een hele andere boeg gooit. Het leidt geen twijfel dat het de vorige generatie was die dankzij een mix van technologie, traditie en nieuwe denkbeelden de grand cru's nog legendarischer heeft gemaakt, sneller drinkbaar ook vaak, en interessanter op de grote Geld-Markten als China en Rusland, maar het is de jonge generatie die verantwoordelijk is voor wat ons meer interesseert. Ze hebben zich geconcentreerd op de betaalbaardere appellations villages en premiers crus, vaak met minder ronkende namen. Dankzij nieuwe inzichten in wat er gebeurt in kelder en wijngaard maken ze elk jaar betere wijnen. Ze zijn betaalbaar en het is niet interessant om er mee te speculeren, maar ze verkopen wel lekker zodat ook de wijnbouwer kan blijven investeren, en de grote verschillen tussen jaargangen van vroeger kunnen wat beter gecontroleerd worden zodat er ook in slechte jaren goede en interessante wijnen gemaakt worden, en niet alleen door de kapitaalkrachtige groten. Of om één van de sprekers te citeren: "On ne sait pas augmenter la surface, mais on sait bien augmenter la qualité." 

    Een deel van de wijnmakers heeft echter ook door dat de regio het voor een groot deel moet hebben van toeristen, en meer en meer van mensen die de grote appellations wat laten links liggen en die op zoek zijn naar meer dan een kelder en een fles wijn. Er zijn er (meer en meer) die beginnen met een table d'hôtes en overal schieten nu op natuur en op eenvoud gerichte restaurantjes uit de grond, gericht op jongere mensen van vandaag die het niet alleen moe zijn om (te)veel te betalen voor de luxe van een would-be sterrenrestaurant  maar die letten op de kwaliteit van de ingrediënten én die van de wijnkaart die liefst goeie maar niet te dure referenties moet bevatten uit de buurt. Het zijn ook die mensen die hun kelderdeur openzetten voor degustaties, aan die poort nog verkopen ook en waar je het gevoel krijgt welkom te zijn. Bovendien organiseren ze ook activiteiten voor het gezin, of voor doelgroepen als de sportievelingen of natuurliefhebbers, zodat de families wat langer blijven rondhangen in de regio.

    3: De wijnkopers.

    Toen ik vroeg waarom er zo veel winkels in België zijn die niet langer een assortiment Bourgondische wijnen voeren vertelde de man mij dat ze heel goed weten dat zeer veel Belgen hier een stop inlassen als ze terugkeren van het zuiden. Ze hebben hun adressen waar ze wijn inslaan tijdens hun laatste overnachting op de terugreis en wijnmaker en wijnkoper hebben vaak een bestaande relatie, zodat de koper elk jaar weer terugkeert naar hetzelfde domein. Zo'n relatie laat toe dat de wijnbouwer ook zijn basisgamma kan slijten, en aan de koper laat het toe om ook de pareltjes van zo'n domein mee te nemen (voor een Amerikaan of een Japanner alles opkoopt). Ook is de aandacht verlegd naar de "kleine" appellations waar de kwaliteit het laatste decennium enorm gestegen is, en is er tegelijk een nieuwe generatie toeristen op gestaan, die prijsgevoeliger is maar die toch kwaliteit zoekt en die tegemoet gekomen wordt door honderden jonge wijnmakers.

    Bovendien is er nog een verandering die in het voordeel van de Bourgogne speelt. Er is ook al een tijd een verandering bezig in onze keukens. Langzaam maar zeker verdwijnt de zondagse rosbief en de steak-frites van onze tafels, en kippen en vissen nemen zijn plaats in in een veel lichtere en gezondere keuken. En welke wijnen passen daar perfect bij ? inderdaad, die van pinot noir en die van chardonnay.

    Dit alles lijkt er toe te leiden dat de Bourgogne niet afglijdt naar de problematische situatie van de Bordeaux waar alleen de toplaag duurder en duurder verkoopt en de grote massa wijnbouwers gebukt gaat onder het imagoverlies van de kleine wijnen. Dat probleem zit voor een groot deel in het hoofd (geen goede parkerpunten = geen goede wijn), maar het is ook een reëel kwaliteitsprobleem, veroorzaakt door vuile kelders en verwaarloosde wijngaarden, op hun beurt weer in gang gezet door gebrek aan kapitaal. Enkele collega-bloggers namen ooit deel aan een door de beroepsorganisatie ingerichte Bordeaux tasting voor de Belgische pers en kwamen niet bepaald enthousiast terug. De Bourgondische wijnen die ik hier proefde waren lekker, zeer gevarieerd (in prijs en karakter) en er zat er niet één slechte tussen, en wat me het meest opviel:er werd hier gevochten om het hart en de ziel van de jonge, aankomende consument: de wapens waren waren kwaliteit, prijs en een veel sympathieker overkomend imago, en géén Marketing en een dure campagne in de pers...

    Leuke en informatieve websites voor Bourgogne zijn:

    www.vins-bourgogne.fr

    www.ecoledesvins-bourgogne.fr

    www.logis-de-bourgogne.com

    www.bourgogne-tourisme.com

    www.bivb.com

    www.terroirs-bourguignons.com

     

     

  • Auf wiedersehen, mein freund !

    Pin it!

    Iemand zien vertrekken voor een carrière in het buitenland heeft altijd iets bitterzoets: enerzijds gaat hij het Grote Avontuur tegemoet, en da's leuk, anderzijds ga je hem wel een hele tijd niet meer zien, en wie mist er nu graag zijn vrienden ? Ons trouwe Duitse CSP lid vertrekt naar verre oorden en verzachtte de pil voor ons met een wijnfeestje te huize van, en met een leuk thema: welke wijn past het best bij kip ?

    We brachten allemaal een exemplaar mee, zorgvuldig ingepakt uiteraard, zodat etiket of naam geen invloed konden uitoefenen. Om de kelen en de magen wat te smeren begonnen we met twee buitenbeentjes: een rosé en een kakelfrisse witte. Eigenlijk hadden we die rosé moeten raden (het leven is soms simpeler dan je denkt): het was de Bandol, Rosé, Domaine du Gros Noré, 2005, en het was Venne, who else, die hem meebracht. Alleen G. haalde er de mourvèdre uit, en wij vonden hem vet en breed, maar zo goed als fruitloos, en wat voorbij. Nu is Alain Pascal, de maker, net bekend voor het bewaarpotentieel van zijn wijnen, maar dronken we deze nu op een slecht moment, of was hij al voorbij de top, we bleven het antwoord schuldig. Wel nog één * vanwege toch nog lekker en de fles leeggedronken...

    Om maag én keel te smeren had Stefan ons een fris lenteslaatje gemaakt en hij zou zichzelf niet zijn als daar geen witte uit de Pfalz bij werd geserveerd. De Weissburgunder, Jürgen Leiner, Pfalz, 2008 leek veel jonger dan hij was en had nog wat spritz, eigelijk overbodig in deze wijn maar wel bij het gerechtje passend. Wat nerveus, veel wit fruit, wat restsuiker, een sprankeltje en dus goed voor een *etje.

    Ondertussen gaarde de kip langzaam voort en ging de eerste fles van het examen open. Zo goed als iedereen plaatste hem in het warme zuiden, en er werd vooral Italië ! en Languedoc ! geroepen, tot er iemand Portugal...fezelde, en dat bleek correct. Kon iemand de druiven raden ? Neen, de woordjes codega, rabigato, donzelinho of viosinho zaten veilig opgeborgen in ons geheugen dat collectief dienst weigerde. Van der Niepoort stamelde nog iemand, en dat was wél correct: de wijn bleek de Redoma, Douro Branco, Niepoort Vinhos, 2009, vers gebotteld én lekker. In de neus overheersten wit fruit en heel mooie peper, in de mond was hij mooi vet, een wijn met een schitterende structuur, *** waard, meegebracht door D. waarvoor dank, maar géén perfecte begeleider voor de kip.

    Poging twee kwam uit een kelder in Wijgmaal, of beter gezegd Nieuw-Zeeland, en werd gelanceerd door ons wandelende wijngeheugen, G. Ook nu weer bracht hij een mooie fles mee, de Riesling, Pegasus Bay, Waipara Valley, 2006. Het was een zeer verdienstelijke poging om een wijn te koppelen aan de saus en niet aan de kip (citroenzeste), en hij paste perfect bij het uitschrapen van het bord en de restjes schil die veel intenser smaakten. In de neus was hij zeer herkenbaar als riesling van aan de andere kant van de wereld, met zijn pakken exotisch fruit en limoen, en ook in de mond was hij uitermate fruitig, maar ook wat prikkelend. Erg lekker, vonden we in blok, **(*) dus, maar deze wijn vroeg naar een kreeft of een langoustine, en tot nader order kunnen kippen niet zwemmen, dus ook deze was niet de ideale kipwijn.

    Bij het kiezen van mijn fles moest ik even nadenken. ik had iets in gedachten, iets leuks, maar ik dacht eigenlijk ook aan iets héél speciaals. Dat speciaals was echter ook zeldzaam en duur, en wat doe je dan ? eenzaam in een hoekje de fles leeglurken en alle lekkers voor jezelf houden ? Neen, echte goeie flessen moet je drinken met hele goede vrienden die genoeg van wijn kennen om te appreciëren wat je doet en dat je dan zelf minder drinkt maak je op een andere manier goed. Wijn is speciaal omdat het of herinneringen kan oproepen, of omdat het momenten kan creëren die het waard zijn om herinnerd te worden.  En om herinneringen te creëren moet je delen.

    Ik ontkurkte dus zonder gewetensbezwaar mijn Clos d'Opleeuw 2006, één van de mooiste flessen wijn die ik al gedronken heb. Dit is een top-chardonnay zoals er maar weinig gemaakt worden, op een schitterende manier geëikt, perfect op dronk (kon hij nog liggen ? ja, dat ook), en zonder enige twijfel momenteel de beste Belgische wijn. Bovendien was mijn gok ook de juiste: deze wijn paste pèrfect bij de kip. **** dus. Ere wie ere toekomt, G. met een t had door dat het een Belg was (maar dacht aan de topper van Genoelselderen), en werd gefeliciteerd, en ik had de beste fles en de best passende bij !

     

    opleeuw.jpg

    Om als het ware te bewijzen hoe flexibel de chardonnay druif is, was de volgende fles er ook eentje, de Fleur de Marne, En Chalasse, Côtes du Jura, Domaine Alain Labet, 2004. Op dit domein in Rotalier wordt gewerkt met lage rendementen en zonder gebruik van commerciële giststammen, in heel kleine oplages, en deze cuvée kreeg 18 maanden vatrijping. Het was een echte Jura wijn, mooi wit chardonnay fruit met die nootjes toets van de Jura, goed gestructureerd en lang, en de fles hield van een kippetje, maar dan wel van een ander kippetje. Hij kreeg wel **, en was op dronk, en ik doe dus binnenkort mijn fles ook open !

    Ik had in mijn kelder lang staan twijfelen tussen een Pommard of een rode uit Baden of een Chardonnay, en ik was dus blij dat er iemand met een spätburgunder opdook. En omdat dat dan nog eens de Spätburgunder, Christmann, Pfalz, 2009 was, waren wij allen zéér tevreden, te meer omdat niemand van ons besefte dat Christmann, een riesling-prins, ook rode wijn maakte. Spätburgunder is ongeveer goed voor 16% van zijn aanplant. Vinikus voerde hem nog maar pas in, en het was een echt mooie pinot noir, als ik hem zo mag noemen, met een grote complexiteit en genoeg karakter om hem interessant te maken. Ik gaf hem **, hij paste niet zo goed bij de kip, een gewone braadkip had beter gegaan, maar het was ondertussen al laat, ik was de spuugemmers vergeten, het was een zware week geweest, en afscheid nemen is eigenlijk altijd wat triest, dus wij vertrokken in stoet naar één van de café's aan het station van Leuven, en kieperden alle verdere verfijning en intellectualiteit overboord. 

     

    ...

  • Méthode Anglaise, of waarom Champagne eigenlijk een Engelse uitvinding is.

    Pin it!

    Het succes van Champagne is al oud en dankzij het goed gemarketeerde verhaal van Dom Pérignon aanzien als één van de meest Franse uitvindingen die er bestaan. Het Franse gerecht reageert gewoonlijk dan ook als een wesp gestoken als iemand van buiten Frankrijk de naam Champagne gebruikt. Ik las onlangs in het zeer vermakelijke en leerrijke boek "1000 years of Annoying the French." van Stephen Clarke de waarheid over Frankrijk's meest prestigieuze drank...

    De bescherming van de merknaam Champagne wordt uitdrukkelijk vermeld in het Verdrag van Versailles, het Verdrag dat de overwinnaars van Wereldoorlog I sloten met het overwonnen Duitsland. Artikel 275 omschrijft hoe het overwonnen Duitsland er zich toe verbind om alle regionale appellations te erkennen en te beschermen en het ontlokt Clarke de opmerking dat zelfs na het bloedigste conflict uit de recente geschiedenis Frankrijk nog altijd de tijd en de energie vond om zijn wijnen en kazen te beschermen. Ik kan mij het hoofdschudden van de Engelsen en Amerikanen al voorstellen wanneer de onderhandelaars aan dit punt waren toegekomen: een half verscheurd Europa, miljoenen doden en toch nog tijd vinden om je druk te maken over een wijnetiket...

    Maar is Champagne eigenlijk wel Frans ? Het leidt inderdaad geen twijfel dat de streek Champagne in Frankrijk ligt, en dat er schuimwijn wordt gemaakt, maar eigenlijk zouden de Fransen fair moeten zijn en op hun flessen tenminste de vermelding méthode anglaise moeten vermelden !

    Feit 1: In 1662 publiceert de wetenschapper Christopher Merret een artikel met de titel Some Observations Concerning the Ordering of Wines. Hij beschrijft er waarom schuimwijn eigenlijk schuimt en stelt voor om het proces gewild op te starten door de toevoeging van suiker of molasse om een tweede gisting op te starten. Op die manier kon je van elke wijn een schuimwijn maken, vond Merret, en terwijl Dom Pérignon in Frankrijk naarstig zocht naar een manier om wijn minder te doen schuimen (de flessen ontploften te vaak) vond Merrett de tweede fermentatie uit.

     

    voer sleutelwoorden in

     

    Feit 2: eén van de problemen met Champagne was het feit dat de druk die zich ontwikkelde in de flessen vaak te groot was voor de "gewone" wijnflessen die toen in de handel waren. Champagneflessen werden toen nog vervoerd in karren, goed ingepakt in stro, en ik kan mij inbeelden door koetsiers met een substantiële gevarenpremie. Dom Pérignon had het bijna opgelost toen hij de champagnekurk uitvond, maar helaas zocht de champagne zich toen een andere uitweg zodat bij ontploffing het de bodem was die aan stukken ging, en 17de eeuwe sommeliers zich na een decennialang beroepsrisico van rondvliegende houtproppen zich nu gebombardeerd zagen door vlijmscherme flesbodems. Ondertussen hadden Engelse industriëlen in het Noorden geleerd om glas te maken met door steenkool aangedreven vuren (in plaats van hout) die veel hogere temperaturen gaven en die toelieten om veel dikkere flessen te maken (de huidige champagneflessen).  Hun uitvinding werd vlot overgenomen door de wijnboeren van de Champagne, want ...

    Feit 3: Na de pest van 1665, de Grote Brand van London, en het aan de kant schuiven van Cromwell en zijn puriteinen vonden de Engelsen dat ze wel een feestje verdienden (ze zijn sindsdien nog niet gestopt). In feite dronken ze al Champagne sinds begin 1660 toen een Franse banneling hem begon te importeren, maar pas toen het ontploffingsgevaar onder controle was, begon de drank begrijpelijkerwijs echt populair te worden. Charles II hield ervan, en het werd een zeer modieus drankje in de wereld van de Engelse beau monde. Als het regent in London druppelt het in Parijs (quel sacrilège !) en onder Louis XIV waaide deze mode over naar Frankrijk, dat onmiddellijk naarstig begon aan het verzinnen van wat legendes om er terug een frans verhaal van te maken.

     

    voer sleutelwoorden in

    Het is in de mode om terug naar de bron te gaan, dus stop met het drinken van die verderfelijke kopie en ga voor het origineel ! een glaasje Ridgeview Blanc de Blancs bijvoorbeeld, gemaakt van druiven uit Sussex, door het volk dat de Champagne uitvond !

    Santé ! of beter gezegd Health !

  • CSP goes Stappato III

    Pin it!

    Nu het verplichte zonder pretentie stuk achter ons lag leek het enthousiasme bij de inrichters te stijgen: de koning der druiven betrad het toneel ! Nebbiolo, de naam zou komen van de herfstnevels die hangen op de hoger gelegen wijngaarden waar hij het best aardt, en is de druif waarmee één van 's werelds topwijnen wordt gemaakt, de Barolo. De druif heeft een dikke schil en dus veel tannines en jong is hij vaak zo goed als ondrinkbaar, maar wanneer een goed gemaakte Barolo drinkklaar is is het een unieke wijn, zeer zinnelijk en van een buitenaardse schoonheid, maar helaas ook meestal met buitenaardse prijzen, zodat u, beste lezer, en ik, arme schrijver, het vooral van horen zeggen gaan moeten hebben...

    Het CSP gezelschap had echter besloten om Stappato uit te dagen en een paar nebbiolo's bij elkaar te krijgen die nog min of meer betaalbaar zijn en omdat de penningmeester er deze avond niet bij was en de kas goed gevuld, mocht er zelfs een redelijk duur exemplaar bij zijn (een dure fles wijn of een goedkope Barolo, het ligt in dit geval dicht bij elkaar). We begonnen echter met drie Langhe's, een vuilbak-appellatie waaarin zowat alle nebbiolo terechtkomt die om de één of de andere reden buiten de Barolo of Barbaresco regels valt. Of zo klinkt het toch...in feite zitten tussen die Langhe's heel vaak uitstekende wijnen die nog wél betaalbaar zijn, en de drie scoorden meer dan behoorlijk deze avond.

    We startten met een Einaudi, Langhe DOC, 2009,pas gebotteld en dus nog zeer piep, en eigenlijk een gedeklasseerde barbaresco om de idiote reden dat Einaudi geen postbus in de geklasseerde zone had. Hij wordt gemaakt met de druiven van jonge stokken en kreeg 12 maanden vatrijping. CSP houdt van dit soort wijnen, ze zijn wat ondergewaardeerd en zijn dan ook vaak én lekker én betaalbaar. In de neus kregen we onmiddellijk fruit (aardbeien), maar ook iets dat wat aan geuze deed denken. Onze twijfel werd echter weggeblazen door de mond: mooie complexiteit, veel diepgang, lekker vlezig, mooie tannines, breed en heel lang. Een zeer genereuze, héél mooie wijn, die met zijn 18,33 euro, absoluut zijn geld waard was. ***, en niet geschikt om a/20 jaar te laten liggen, b/ermee te stoefen tegenover uw onwetende maar rijke vriendjes en collega's, en dus bij uitstek een CSP wijn !

    nebbiolo.jpgEen jaartje ouder was de Nebbiolo, Langhe DOC, Roberto Voerzio, 2008, die één jaar op botti verbleef. Roberto maakte hem vroeger ook op barrique, maar kwam daarvan terug. Ik heb persoonlijk ook een voorkeur voor de smaken die die grote oude vaten (botti in Italië, holzfass in Duitsland...) meegeven. Deze fles vertoonde een heel intense, klassieke neus en was in de mond zeer complex, heel zacht en beschaafd, heel goed gestructureerd, met prachtige bittere toetsjes. *** en twijfelend over ***(*), en met 29,76 euro al wat duurder maar wel nog zijn geld waard !

    Waarom Voerzio met deze nebbiolo een Langhe maakte en geen Barolo, zijn we vergeten te vragen, maar voor de volgende fles, de Nebbiolo, Langhe DOC, Mascarello, 2008, zou het gaan om druiven waarvan Mauro Mascarello de druiven net niet goed genoeg vond voor zijn top-barolo (het was eigenlijk interessant geweest om ze naast elkaar te zetten). De neus was fluweelzacht en elegant, met aardbei en een mooie mineraliteit, heel complex en interessant. Ook de mond was zacht en heel complex en interessant, hele mooie afdronk met drop, een intrigerende wijn die in het glas sterk veranderde.  Ik proefde een tijdje ervoor de echte Monprivato, één van de betere Barolo's, aan 75 euro de fles, maar deze kreeg van ons toch ook ****, en kostte 28,65 euro. Is de Monprivato drie keer zo lekker ? Hij is perfecter misschien, en unieker, en als geld voor u geen probleem is, laat u dan vooal gaan...maar ik vond deze Langhe zéér de moeite.

    De nebiolo zou echter pas echt op zijn tenen staan in Barolo en Barbaresco, en alhoewel het prijsgewijs voor ons op het randje was, mochten ze toch niet ontbreken. De eerste fles was de Terlo, Barolo DOCG, Einaudi, 2005, afkomstig van een 3,2ha grote wijngaard waarvan de oudste stokken dateren uit 1962. Hij rijpte 30 maanden op barriques en botti, met zowel Sloveense als Franse eik (er worden zo verschillende wijnen gemaakt die nadien worden geassembleerd). In de neus bloemen, gestoofd fruit, pruimen, mooi zuiver. In de mond stévige tannines, maar ook rijp en rijk, en intens fruitig. Ik hield deze fles een paar dagen bij en hij werd stoffiger, met meer chemische toetsen, en vooral uitdrogender. Persoonlijk denk ik daarom dat het geen echt mooie bewaarwijn is. 42,81 euro, en ***. U betaalt 22 euro voor de wijn, en 20 voor de naam Barolo...maar 30 maanden vatrijping kost ook geld, natuurlijk.

    De DOCG Barbaresco ligt in wijngaarden die droger en warmer zijn dan die van Barolo, wat meer naar het oosten, maar in dezelfde heuvelketen. Hij kan jonger gedronken worden maar heeft vaak eveneens véél tannines en moet liefst toch ook een vier, vijf jaar kelder gekend hebben. Sommige wijnmakers maken zowel Barolo als Barbaresco, anderen hebben zich gespecialieerd. Piero Busso is zo iemand en wij dronken zijn Mondino, Barbaresco, Piero Busso, 2007, die 18 maande rijpte op grote botti. Deze vlezige wijn had een mooie bittere toets, met iets van zwarte chocola, en met mooie tannines, heel mooi fris en met mooie zuurtjes en een lange afdronk. Dit moet een hele mooie maaltijdwijn zijn, en met 30,67 euro nog fatsoenlijk geprijsd voor een aparte gelegenheid. Vertel als u hem serveert over de zwijgzame Piero (zie vorige blog), het maakt het verhaal nog leuker. ***(*)  

    Na afloop gaven wij allen volmondig toe dat er in de Piemonte zeer schone wijnen gemaakt worden. Wij vonden echter ook in blok dat veel wijnen te duur waren en dat je je echt moet concentreren en goed zoeken om qua prijs/kwaliteit niet te erg te verdwalen. Maar we hadden een zeer leuke, leerzame avond en ik ben geschrokken van de kwaliteit die Stappato in huis heeft, en de gedrevenheid waarmee ze zoeken naar nog betere flessen. Omdat ze zich ondertussen ook een klienteel hebben uitgebouwd voor al dat dure lekkers van grote namen kunnen wij ervan profiteren om van diezelfde halfgoden de kleinen wijnen te kopen, meestal met evenveel serieux en enthousiasme gemaakt als de grote. Een paar weken later kwam er nog wel een terechte opmerking van één van de leden die mij recht in het hart raakte. Als wij zo overtuigd zijn van het eigen gelijk (hoe pretentieloos !), hoe komt het dan dat er zoveel wijncommanderijen zijn, en maar zo weinig CSP's ?