Napoli 2012: aan de toog bij de markies (in Rome)

Pin it!

Terug naar Sicilië ! Maar dan zonder een voet op Sicilië te zetten... Kan dat ? Uiteraard kan dat !

Van 1816 tot 1860 was de grootste en rijkste Italiaanse staat het Koninkrijk van de Twee Siciliës. Deze eigenaardige naam gaat terug op een periode in de geschiedenis toen er twee Koningen van Sicilië waren. Van 1130 tot 1285 vormde het eiland Sicilië en de onderkant van de laars met de stad Napels een koninkrijk, met Palermo als hoofdstad. Onder koning Charles I van Anjou, de op Sicilië zeer onpopulaire koning, vonden de Siciliaanse Vespers plaats: de bewoners van het eiland moordden de onpopulaire Franse bezetters uit en nodigden de Aragonese, van het huis van Barcelona, uit om de macht over te nemen. Koning Charles moest zich terugtrekken op het vasteland, met Napels als hoofdstad, maar bleef zich koning van Sicilië noemen. En voor een lange tijd zouden er dus twee koningen van Sicilië en twee koninkrijken Sicilië zijn. En wij besloten om dat tweede Sicilië eens nader te gaan bekijken.

Ondertussen had Alitalia zijn ochtendvlucht afgeschaft en konden wij uitslapen. Dat kostte ons een maaltijd in Napels, maar wij zijn grote improvisatoren en tegen 11 uur zaten wij al te grinikken achter een glas frisse en fruitige Pomino Bianco, Castello di Pomino, 2010 in de wijnbar Beaudevin op de luchthaven van Zaventem (terminal A). Beaudevin is op korte tijd mijn favoriete stop op de luchthaven geworden, en dat zowel omwille van zijn weliswaar nogal prijzige tapas, als van zijn prachtige wijnselectie per glas (samengesteld door Fiona Morrison !).

Niks is toeval en ook deze keuze niet. Het Castello di Pomino is eigendom van de Frescobaldi familie en dit glas witte wijn diende om ons te versterken voor de vlucht naar Rome, waar wij onze maaltijd gepland hadden bij diezelfde familie, of toch in hun wijnbar. De Frescobaldi's maken al wijn sinds de 13de eeuw. Al in 1300 exporteerden ze hun wijnen naar Engeland en Vlaanderen en wij deden dus niks meer of minder dan het verder zetten van een oude traditie. De Frescobaldi's zijn nu 30 generaties verder en de link met ons is nog springlevend. De meest erudiete vrouw van het gezelschap wist ons zelfs te melden dat princes Fiametta di Frescobaldi onlangs huwde met Jean-Charles d'Arenberg en in Brussel woont, waar ze zelfs een boek uitbracht.

fiametta.jpgOnze interesse was echter wat wereldser en wij renden door Fiumicino naar de Winebar dei Marchesi di Frescobaldi in hal 1B. Het was ons bij een vorige vlucht al opgevallen dat die wijnkaart er echt niet slecht uitzag, dat daar altijd véél volk zat en dat het er allemaal erg lekker oogde. De aanwezigheid van een echte Italiaanse mama achter de blitze toog overtuigde ons helemaal en wij ploften ons neer op de design barkrukjes. Seconden later hadden wij een heel aardig en goed gevuld glas Frescobaldi Brut Millesimato Trento Doc Metodo Tradizionale van het huis in handen en zaten we naar onze eerste spijskaart van de reis te staren. Er werd echter unaniem gekozen voor eenvoud én diversificatie en we bestelden elk een Misto della Casa, een gemengde schotel waar de bediening trefzeker wat van alle lekkers op flikkerde en serveerde. Dat elke schotel een beetje anders van samenstelling was vond ik erg leuk (jaloezie, nijd en bewondering fladderden door onze groep) en ik moet het die Italianen toch wel aangeven, binnen de kortste keren voelden wij ons thuis, kregen van mama nog een ongevraagd maar zeer gewaardeerd dessert en een glas grappa. En wisten wij dus waarom hier altijd zoveel volk zit...Wij lieten onze maaltijd begeleid worden door een glas PietraRegia Morellino di Scansano Riserva 2006, Tenuta dell'Amiraglia, een mooi glas wijn, fris, veel rood fruit en heel mooi truffato. Heel opmerkelijk vond ik trouwens dat dit ondanks alle glitter en show ook een echte familiebedoening is. Anacleto Bleve is met zoon en echtgenote al sinds het begin de uitbater van deze bar, en dat familiale aspect geeft een warmte die je op luchthavens niet veel ontmoet.

 

frescoroma.jpg

 

Na nog wat rondhangen hopten wij in een vliegtuig dat zelf naar Napoli hopte (25 min vliegen), maakten kennis met de grootste criminelen van Napels, de taxichauffeurs, en gooiden ons kortstondig neer in de pluchen zetels van de bar van ons hotel, het Excelsior, uitkijkend op de baai van Napels en het grote fort, om te bekomen van wat ongetwijfeld zowat de meest waanzinnige taxirit van mijn leven was. En om ons klaar te maken om naar onze eerste culinaire ervaring te wandelen, uiteraard ! 

 

DSC03477.JPG

 

 

De commentaren zijn gesloten.