• A League of Gentlemen

    Pin it!

    Ik denk dat iedere hard werkende wijnclubvoorzitter dit moment wel herkent: binnen drie dagen is het weer zover en ik heb nog geen thema... Gelukkig bevat onze bedrijfswagen echter ook een kleine collectie adressen van goede wijnimporteurs en hun openingsuren en tussen twee bezoeken door werd er naar Heusden gereden, deze keer niet voor Portugal, maar voor Bourgogne. En we hadden geluk, Kris was er weliswaar niet, maar Thieu was in de buurt, en laat het nu net de papa zijn die de Bourgogne man is ! Binnen de kortste keren zat die op een blad papier namen te noteren, door elkaar te schuiven of aan te passen, en na twintig minuutjes lag ze daar: een Bourgogne degustatie om U tegen te zeggen. Geen echt grote appellaties (het Sans Pretention lastenboek werd in het oog gehouden), maar een zorgvuldige selectie van kleinere namen die de moeite zijn om te leren kennen.

    CSP heeft eigenlijk zelden zo'n beschaafde, aangename proefavond gehad. Glas na glas verschenen er wijnen die met ons een rustig en goed opgevoed gesprek aangingen, allemaal met een heel ander karakter. Ik was de enige die met Thieu Jeuris gepraat had, en dus de enige die de opmerking kon maken, maar ik vond de selectie heel typisch voor de man. Rustig, intelligent maar ook zeer interessant en sterk. ik denk dat je als jonge snaak zo'n selectie niet kan maken, en ik proefde jaren ervaring en vakkennis door elkaar. Het leek alsof wij acht keer na elkaar kennis maakten met een gentleman die ons kwam vertellen over zijn leven, elke keer anders, maar elke keer een gentleman.

    1: Aligoté, Domaine du Comte Armand, 2010: "ik ga u laten beginnen met een specialleke", zei Thieu, en dat was het: een aligoté op onderstokken uit Meursault, gemaakt door Benjamin Leroux. In de neus kwam na walsen onmiddellijk heel rijpe citrusvrucht (ik had er pas een twintigtal gekregen uit een tuin in Turkije), pré-walsen was er in het begin vooral sprake van vuursteen, alhoewel dit redelijk snel verdween. In de mond heel droog, mooi fris, maar ook volumineus voor een aligoté. ** alhoewel hij de enige wijn was die in het glas redelijk snel in elkaar zakte. 12,15 euro. Deze gentleman was het nog niet helemaal, maar hij wilde het wel, en het was een aangenaam eerste gesprek met een aspirant-lid.  

    2: Cuvée des Forgets, Bourgogne Blanc, Patrick Javillier, 2010: Heel lichte boter en toast in het begin, evoluerend naar wat meer gebrande boter, wat gekonfijt fruit, en nog later kreeg hij een wat rokerige toets. Prachtige evolutie in het glas. In de mond een mooie volle start, mooi fruit, mooie fraîcheur achteraan en een prachtige afdronk. ***(*). 17,27 euro en elke euro waard. Eigenlijk een blend van twee percelen waarvan er één buiten de aoc Meursault valt, vandaar de generieke benaming Bourgogne Blanc. Patrick Javillier doet dat trouwens vaak, zo blenden, omdat hij vindt dat hij er complexere wijnen door kan maken. De perfecte gentleman, deze wijn, beleefd, beschaafd en vooral interessant genoeg om lange gesprekken mee aan het haardvuur te hebben.

    3: Viré-Clessé, Domaine René Michel, 2010: René Michel en zijn zoon en kleinzonen zijn bekend voor hun heel rijpe en rijke stijl. Ze oogsten met opzet heel laat omdat ze vinden dat de druiven dan veel beter de typiciteit van hun jaar laten zien. Goudkleurig en bijna stroperig. In de neus komt heel vreemd eerst even de geur van inox en hij is het mooist voor het walsen. Later kwam er vooral heel rijpe peer te voorschijn. In de mond heeft hij een attaque die doet denken aan een zoete wijn, dan wordt hij heel intens, fris en vet, heel rijp maar ook heel evenwichtig. **(*), 14,28 euro. Een gentleman, indeed, maar dan wel het dikkerdje van de club (en het eerste CSP-lid dat nu een grappige opmerking wil posten mag de volgende drie sessies zelf iets verzinnen).

    4: Le Montagne, Marsannay Blanc, Domaine Oliver Guyot, 2006: Goudgeel als de vorige maar donkerder. In de neus eerst heel chemisch, met lijm, vernis en boenwas, dan wat gedroogd fruit en heel herkenbaar zoute drop,om te eindigen met iets dat alweer aan een zoete wijn deed denken, dat mengsel van boenwas en honing dat bijvoorbeeld een oude Pacherenc ook kan hebben. In de mond echter strak, erg apart en complex, heel droog. Lange afdronk, interessant en speciaal. Mooie structuur. Na een uurtje kwam in de afdronk ook amandel te voorschijn. **, 26 euro. De oudste van de heren, nog mooi en klassiek, maar hier en daar begint de leeftijd zich wat te doen voelen...

     

    Gentlemen.jpg

     

     5: Mercurey Vieilles Vignes, Domaine Francis Raquillet, 2010:  Druiven van 60 jaar oude stokken op drie percelen. Heel fijn en elegant in de neus, dure confituur van krieken en bessenfruit, zakt wel wat weg na een tijdje. In de mond mooi vol en rijp fruit, elegant maar stevig en duidelijk, fris met een mooi evenwicht. Kreeg na een tijdje ook een heel mooie afdronk. **(*), 18,4 euro. Een heer van stand maar geen babbelaar, elegant en een beetje zwijgzaam, en praat liever over u dan over zichzelf.

    6: Clos du Cras Long, Givrey Premier Cru, Domaine François Lumpp, 2009: Dit domein plukt zijn druiven graag rijp maar niet té rijp en laat zien dat een Premier Cru uit Givry ook top kan zijn. Diep en geconcentreerd van kleur. Mooie en interessante neus, het aroma dat je krijgt als je een hete oven met een rundskotelet en pakken kruiden en knoflook opent. Werd steeds kruidiger en kruidiger. In de mond een rijpe zeer "opgevoede" stijl, heel rijk maar mooi en complex en met veel volume, en na verloop van tijd in de lange afdronk chocolade en koffie; kortom eigenlijk een complete maaltijd. Zéér lekker en wat heel leuk is, nu heel lekker. ***(*), 45 euro. Deze gentleman is naar school geweest, en naar een heel dure zelfs. Om lange lange gesprekken mee te hebben, over het leven, over de politiek, over kunst....

    7: Marsannay, Domaine Trapet Père et fils, 2009: Biodynamisch sinds 1996 en zeer traditioneel in de kelder. Over het algemeen wijnen die jong wat moeilijker zijn. In de neus heel levendig, gekonfijte appelsien, maar ook aardbeien die in een verse koeienvla zijn gevallen (die stalgeur verdween na een tiental minuutjes). Eindigde heel sterk als een spätburgunder. In de mond fijn, elegant en fris, maar nog wat hoekig en onafgerond. Te jong, en zelfs veel te jong, maar wat een wijn ! 22,66 euro. ***(*) 12 maanden eik en druiven van twee percelen. Zo weinig mogelijk interventie in de kelder. Dit is de intelligentste van de groep, waarschijnlijk geniaal, maar verlegen en wat stuntelig. 

    8: Auxey-Duresses, Premier Cru, Domaine du Comte Armand, 2009:  Zeer gesloten neus, na een tijdje vooral koude koffie. In de mond zuiver en fris, erg hoekig en droog maar ook al zeer intens. Veelbelovend maar nog wat in zichzelf gekeerd. Later cacao en koffielikeur. ***, 29,45 euro. Stuurs en wat onvriendelijk, deze heer, en waarschijnlijk niet de ideale werkgever, maar wie hem goed kent heeft er wel een goede vriend aan. Een langer gesprek was hier interessant geweest.  

    Op het einde van de degustatie zei iemand dat het leek of hij een avond had gebabbeld met een vriendelijk en welopgevoed gezelschap (en hij bedoelde niet ons). De wijnen waren werkelijk 8 verschillende persoonlijkheden, maar alle acht aangenaam en boeiend. Schitterend geselecteerd ! 

     

     

  • Napoli 2012: wat de Romeinen tegen die van Napels hebben, een drollige geschiedenis aan de voet van een pestzuil en sterreneten in een paleis.

    Pin it!

     

     

    Het Museo Archeologico Nazionale in Napels is één van de meest indrukwekkende musea die ik in mijn leven bezocht heb. Achter elke hoek vind je wel een beeld, een mozaïek of een voorwerp dat je onmiddellijk herkent, en dat deel uitmaakt van het collectieve geheugen van iedereen die ooit heeft opgelet tijdens de lessen geschiedenis. Voor de meer gespecialiseerden onder ons, de historici met een zwak voor Rome (ja, Bart De Wever, het is iets voor u), of de kunsthistorici in het algemeen is dit een lawine van beelden die je tijdens de cursussen in Leuven of Gent zag.

    De collectie opent met één van de mooiste verzamelingen Romeins beeldhouwwerk die er bestaan, de Farnese collectie. Tijdens de 16de eeuw, de periode van de Renaissance dus, werd de oudheid en alles wat Rome of Griekenland te maken had plots terug zeer populair. De Farnese familie, belust op macht en rijkdom, en dus op alles wat dat verzinnebeelde, begon toen met de opgraving van de Thermen van Caracalla in Rome. Dit complex van baden en sportinfrastructuur was ooit door Caracalla, één van de wredere en meer despotische keizers , opgetrokken, en bij de bouw ervan maakte hij driftig gebruik van recup-materiaal. Gelukkig voor ons verzamelde hij er een grote verzameling beeldhouwkunst, samengesteld uit delen van oudere beelden. Vandaag zijn die deel van het collectieve kunstgeheugen van Europa, en hier vind je dus, op een hoopje, de Farnese stier, dé Hercules zoals wij hem vandaag nog steeds inbeelden, een grote collectie keizersbustes die enorm is, en een groot aantal andere zeer bekende beeldhouwwerken. Eigenlijk moet je hier een touwtje rond je hoofd binden om de openvallende mond van verbazing in toom te houden, en ik vond het museum indrukwekkender dan dat van Rome zelf. Voor een Romein moet dat toch wel een beetje zuur zijn

    caracalla.jpg

    Keizer Caracalla

    Na die ene benedenverdieping ben je al behoorlijk onder de indruk, maar het moet eigenlijk nog beginnen. Wie ooit Pompeii en Herculaneum bezocht heeft zich misschien wel eens afgevraagd waarom het er eigenlijk zo kleurloos en leeg uitziet, en de uitleg is dus makkelijk: alles ligt hier. Een onwaarschijnlijke collectie gebruiksvoorwerpen, van de gewoonste tot de gekste, zowat alle mozaïeken (ook hier het ene na het andere beeld dat je bekend voorkomt), de ten dele opgegraven inhoud van één van de grote villa's van de regio die toen al een bezienswaardigheid moet zijn geweest (het touwtje rond het hoofd moest hier terug worden aangebracht) en een zeer amusante geheime kamer met erotische kunst (touwtje mocht er terug af), je wandelt van de ene wonderkamer de andere in.

    Museo_Archeologico_Napoli_660.jpg

    De alomtegenwoordige Japanners vonden de erotische kamer trouwens het leukste, leek het. Twee oudere Japanse dames stonden giechelend naar een portretje te kijken van een vrijpartij tussen sater en geit dat euh...nogal expliciet is afgebeeld, en kregen de slappe lach toen ze ineens doorhadden dat het beeld in kweste één meter verder in volle glorie stond te pronken.

    napolimuseum.jpg

    Het zal u dan ook niet verbazen dat wij enigszins vrolijk terug de straat op gingen, op weg naar ons middagrestaurant. Wij stonden te wachten op het grote plein voor het restaurant, aan één van de drie pestzuilen van Napels, en plotseling leek het alsof we in een Italiaanse film terecht waren gekomen. De zon scheen, families flaneerden in hun beste pak, en even verderop speelde een bandje een akoestische en zeer folky versie van Misirlou, een surfrock-nummer uit Pulp Fiction. Twee jongetjes, ik schat ze rond de tien jaar, en duidelijk broertjes, waren met een bal aan het spelen, onder het toeziend oog van hun ouders, toen plotseling de oudste uitgleed over een verse hondendrol en een pracht van een schuiverd maakte, en de drol mooi uitsmeerde over de volledige linkerkant van zijn kledij. Dit tot grote hilariteit van zijn broer, doffe berusting van zijn moeder en ingehouden woede van zijn vader, die hem in het nekvel greep en dirigeerde naar één van de zijstraten, gevolgd door de nog steeds schaterlachende broer en een glimlachende moeder. En nagestaard door drie glimlachende Belgen.

    In onze rug ging ondertussen de deur open van het Palazzo Petrucci, één van de beste restaurants van onze reis, trotse houder van een Michelin ster.  

     

    Palazzo_Petrucci_(Napoli).jpg

    Het Palazzo Petrucci opende als restaurant in 2007 als een initiatief van de zakenman Eduardo Trotta en de kok Lino Scarallo op het Piazza San Domenico Maggiore, in het hart van Napels. De tafels staan in de18de eeuwse stallen van het Palazzo, in een sobere maar gezellige ruimte, en het restaurant heeft een ster in de Michelin-gids. We kregen onmiddellijk een glas schuimwijn, de Prestige Rosé, Grand Cuvée Aglianico van Masseria Fratasi, een redelijk klein wijnhuis in Campania. Het was mijn eerste schuimwijn van deze druif, maar ik blijf er bij dat schuimwijnen van stevige druivenrassen verrassend lekker kunnen zijn. Hier werd het mooie frambozenfruit geflankeerd door een mooie mineraliteit en wij waren dus verrast...en vonden het lekker, net als het aperitiefhapje (foto hieronder).

    DSC03695.JPG

     

    DSC03696.JPG

    Mijn voorgerecht was héérlijk, en één van de lekkerste schotels die ik op de vijf Italië reizen al at. Battuto di calamari, ostriche e lime con tartare di vitello, carciofi e maiones d'astice was een prachtige combinatie van vis en vlees, heel fris en origneel en om duimen, vingeren, bord en servies af te likken. In de vistartaar zat inktvis, oesters en limoen en het contrast met de tartaar van kalfsvlees die er bovenop lag was geweldig. In het glas zat toen al een Greco, de Loggio della Serra, Terradora, 2009. De neus was heel rijp en overweldigend en iedereen riep direct eik, maar het etiket bevestigde het niet (later bleek het een langdurig verblijf sur lie te zijn geweest). Mooie mineraliteit ook. In de mond had hij veel structuur, mooi fruit en mooie mineraliteit, super, en om de één of de andere reden noteerde ik dat het een intelligente wijn was. Hij was op zichzelf al heel duidelijk en lekker, maar hij plooide zich prachtig rond mijn gerechtje.

    DSC03697.JPG

    De ravioli ripieni di capocollo di maiale alla genovese su guazzetto di vongole e pecorino e mirto waren ravioli's gevuld met stukjes coppa in een genovese saus, met daarover wat vongole gestrooid, en dus opnieuw wat monte e mare, maar mij hoorde je al lang niet meer klagen, alleen maar tevreden zuchten. Ook nog niet vaak zo'n lekkere ravioli gegeten, en vooral het contrast tussen de fraîcheur van het sausje van de vongole en het hartige van de ravioli zelf was verbluffend. Aan de overkant had iemand een schoteltje vis dat mij in verleiding tot moord en doodslag zou hebben gebracht, ware het niet dat ik met de eigen keuze ook zo tevreden was.

    DSC03700.JPG

     

    Tot onze vreugde herbergde de wijnkaart nog een verrassing om de vakantie af te sluiten: de Aglianico JQN104 van de mysterieuze Joaquin. Zeer complexe neus, heel elegant en heel evenwichtig, in de mond schitterend rond, maar ook heel complex en fris, met heel fijne elegante tannines. Het wwWeb weet me verder alleen te vertellen dat Raffaele Pagano in zijn Joaquin domein graag en veel experimenteert, maar wat een prachtige wijnen maakt die man ! De fles werd geledigd in het goede gezelschap van een konijn, het Coniglio laccato con salsa di porro al rosmarino pappa alla cacciatora, chips di ceci et bietola croccante. Er volgde nog een mooi nagerecht, een zoete gewurztraminer VT van Girlan, mooi, stevig en lang (ah! beschreef iemand mij zo eens...), een wandeling naar het hotel, een taxi, een vliegtuig, een hapje in Rome, en een druilerige koude nacht in België. Napoli, Ti Amo !!

  • Napoli 2012: Europeo di A. Matozzo

    Pin it!

     

    Met pijnlijke voeten en grote honger was de keuze tussen benenwagen en taxi snel gemaakt. Voeg daar nog de dosis adrenaline aan toe die een Napolitaanse taxirit je bezorgt, en wij kwamen terug behoorlijk bij de pinken aan in het restaurant van de avond. En dat was nodig, want twee beeldschone maar zeer energieke dames stonden ons daarop te wachten: Luigia en Fabiana, de dochters van Alfonso Matozzi. De Matozzi's zijn een geslacht van pizzamakers en restauranteigenaars dat al in de 19de eeuw over de hele stad etablissementen had. Grootvader Eugenio had lang geleden al wat gediversifieerd en opende een restaurant, Europeo, dat wat breder ging dan gewoon pizza, en zijn zoon Alfonso nam het later over: vandaar de naam.

    Het was misschien de meest Italiaanse culinaire avond van de reis: een combinatie van goddelijk eten en lawaaierige chaos, verwarring en consternatie,  gekruid met de charmante maar drukke aanwezigheid van de twee Matozzi dames. Voor mij was het trouwens ook het mooist ingerichte restaurant van de reeks.

     DSC03667.JPG

     

    De maaltijd begon zoals elke maaltijd zou moeten beginnen: met een reeks heerlijke en eerlijke streekgerechtjes en producten: een serie antipasti die ons achterlieten in een staat van culinaire verrukking. Gemaakt volgens een recept van opa Eugenio, en vroeger alleen met Pasen, maar zo populair bij de hele familie dat ze het nu het ganse jaar maken: een casatiello napoletano. Eigenlijk een groot brood met olijven, kruiden en spekjes, om duimen en vingeren en elk ander ermee in aanraking gekomen lichaamsdeel af te likken. Een reusachtige klomp mozzarella di bufala aversana die al mijn andere mozzarella ervaringen in de ijselijk diepe afgrond van de net niet mozzarella's wierp...een beetje zoals na een etentje en een nacht met een prachtige vrouw 's morgens de bus naar de stad nemen en denken dat er toch wel grote verschillen bestaan. Nog wat pizza rustica, nog wat carpaccio van vis, een garnaaltje of twee en nog wat andere knabbeltjes later waren wij zo ongeveer klaar met het doorworstelen van de menu's toen één van de dames ze bijna letterlijk uit onze handen rukte met het advies ze te vergeten (we are a restaurant, not a library...) en gewoon haar advies te volgen. Wat we, ervaren Italofiele restarantgangers zijnde, ook met veel plezier deden.

     

    DSC03659.JPG

     

    In het glas was ondertussen een Fiano 2010 van Terradora (inderdaad, van de andere Mastroberardino broer) verschenen. Licht rokerig fruit, citrus, mooie strepen mineraliteit, en in de mond mooi fris en tegelijk ook mooi breed. Aardig ! ** Hij werd opgevolgd door nog een andere Fiano 2010, van PietraCupa, een heel kleine maar sterke locale producent, met mooi complex wit fruit, veel volume en een erg lange en brede mond. ***, dus. In het bord verscheen eerst en vooral een pasta alla genovese alla napolitana,subliem lekker, maar vreemd: Genua ligt hier toch redelijk ver vandaan ? En was alla genovese niet met pesto ? Wel dus, niet in Napoli, waar het een pasta is met een rijke saus van ajuinen en vlees die acht uur staat te pruttelen voor ze klaar is. Daarna kwam stoccafissa, of stokvis, één van mijn favorieten (vreemd dat ik zo'n noordelijk voedingsbestanddeel terug leerde kennen in het zuiden van Italië), perfect klaar gemaakt, en afgesloten werd er met een dessertbordje waar tot ieders grote vreugde ook ons oude Siciliaanse vriendje, de cannoli, op terug te vinden was. We combineerden dat met een Passito, de Gocce d'Ambra, met de geur van honing en gekonfijte sinaasappel, heel rijp en mooi rond, afkomstig van het eiland Ischia.

    DSC03669.JPG