• "Vins naturels"

    Pin it!

    "On reconnaît les pionniers aux flèches qu'ils ont dans le dos."

    You can recognise the pioneers by the arrows in their back.

    From the website of the family Guillot-Broux, whose grandparents started with biological viticulture in 1954 (www.guillot-broux.com)

    I have lately seen and read quite a few articles where "natural wine"-loves are described as  fanatical ayatollah's, fools who don't understand the wine-making process or even left-wing communist dreamers. In a certain part of the wineworld it suddenly seems very fashionable to concentrate on the mistakes that result of a non-conformistic, almost experimental way of making wine, and to totally neglect the magnificent bottles these same people make. It's almost as if wine writers would concentrate their efforts on the sea of conventional factory-made wines that pollute the supermarkets and then come to the conclusion that you should limit yourselves to beer...

    This small article is meant to thank all the pioneers who introduced me to the wonderful world of natural winemaking. So to Jacques (http://www.troca-vins-naturels.be/) for my introduction to this wonderful world on a fair in Hoegaarden ("This wine tastes like electricity, Jacques !!!"), to Hans (http://www.wijnfolie.be/) for his restless search for new talents and for making me see the links between people, and for his "degustatiepakketten" or sample-packs that opened up my world, to St Etienne (http://stetiennesworld.blogspot.be/) for his assertive and sometimes even explosive defence of the real wine movement, to Laurent ( http://www.truegreatwines.be/) for his weekly tastings and his scientific approach of wine tasting and to this guy (http://www.wineterroirs.com/) who learnt me it's all about love: for people, for wine, for nature, and who is the only winewriter on the internet I really envy and admire (for his style and for his admiration for real people):  

    Thank you !! 

  • Les Bacchantes, of hoe herken ik een goed restaurant in Parijs

    Pin it!

    Lekker eten op reis is niet altijd gemakkelijk en vaak een bron van frustratie. Sommige mensen lossen dat op door alles tot in de puntjes voor te bereiden en onze drie Sicilië-reizen zijn daar een mooi voorbeeld van (eeuwige dankbaarheid, J.!) Mme Rick doet dat door te letten op de bordjes van de Guide du Routard of Trotter, en dat levert alvast vaak een uitstekende prijs/kwaliteitsverhouding op. Ikzelf ontwikkelde een aparte methode voor Parijs, die we nu al een tiental jaar gebruiken, even moesten aanpassen, maar tot nu altijd gewerkt heeft. Onlangs bewees de methode nog maar eens zijn nut toen we met enkele collega's achterbleven na intense vergaderingen en op zoek gingen naar een leuk restaurant. 

    De sedus showroom ligt in de Rue Auber, vlakbij Opéra en de Galerie Lafayette, waar Mme en Mlle Rick graag vertoeven (Rick zit er liever in de kelder ;-)) en het was van daar uit dat we vertrokken met onze zoektocht. We passeerden het ene na het andere restaurant dat er uitzag als een tourist trap en het was op de stoep van wat me de eerste uitzondering leek dat ik mijn theorietje uit de doeken deed. 

    Regel 1: er staat andouillette op de spijskaart. 

    Wie niet weet wat andouillette is, hoort niet thuis op deze blog of is jong (en moet dat dringend eens proberen). Amerikanen, Engelsen, Hollanders, kortom de meeste toeristen die u liever niet naast u heeft op restaurant, hebben een viscerale afkeer van ingewanden, en de aanwezigheid van dit gerecht wijst er op dat de eigenaar mikt op Parijzenaars, en niet op toeristen. 

    Regel 2: de tafeltjes staan zo dicht bij elkaar dat ze moeten worden uitgeschoven om mensen hun plaats te laten nemen.

    Ik vind die kleine buurtrestaurantjes veel leuker dan de grote brasseries, maar in die plaatsen telt elke centimeter, vooral omdat mensen er 's middags komen lunchen. Lunchen doen de meeste mensen ongeveer op hetzelfde uur, en je hebt dan ook vaak maar evenveel couverts als er tafeltjes zijn. Het is dus een puur economische beslissing, maar veel toeristen haten het, en tourist traps spreiden dan ook steevast hun tafels meer en ze draaien ook veel vaker twee shifts, toeristen hebben immers geen vaste uren. Die op elkaar gepropte tafeltjes wijzen er dan ook vaak op dat de eigenaar mikt op mensen die in de buurt wonen of werken.  

    Regel 3: (vroeger) de meeste mensen roken (nu) er staan bio-wijnen op de kaart. 

    Een mooi contrast tussen vroeger en nu, en hoe de mentaliteit gewijzigd is. Vroeger was dit een goede regel omdat Amerikanen weigeren een restaurant binnen te gaan waar gerookt wordt, maar vandaag is het ook in Frankrijk verboden en hebben we dus een nieuwe regel moeten zoeken. In Parijs is het heel makkelijk om goedkope, goed klinkende wijnen op je kaart te zetten, à la Duboeuf bijvoorbeeld, maar Parijzenaars hebben een goede basisopvoeding qua wijnen en letten op de wijnkaart. Een restauranthouder die biowijnen schenkt (natuurlijke is nog beter, maar dan moet je de namen kennen), heeft respect voor zijn klanten, en zal dat respect waarschijnlijk ook wel hebben in zijn keuken. 

    Daar stonden we dan, op de stoep van Les Bacchantes, in de Rue de Caumartin, een straat tussen de Bld Hausmann en de Rue Auber. Terwijl ik binnenpierend en druk naar de menukaart wijzend mijn theorietje aan het uitleggen was aan collega's, draaide een man die op de stoep met een vriend stond te praten zich geïnteresseerd om, zeggend dat dat geen verkeerde formule was. Vijf minuten later zagen we hem terug achter de toog van het restaurant..het bleek de eigenaar te zijn. 

     

    paristitisee 016.jpg

    We werden niet teleurgesteld. Gewoon al kiezen was hier een opdracht. De terrine de campagne werd aan tafel getoond en zag er uit zoals zo'n terrine er moet uitzien (grijs dus, en niet vleeskleurig), en naast andouillette (A.A.A.A.A.!) stonden er nog dingen op de kaart als os à moelle (mergpijp), cuisses de confit de canard, en bij het rundsvlees werd vermeld waar het vandaan kwam (de tartaar was Charolaise, de Entrecote van Salers). De wijnkaart was zeer evenwichtig met wat mooie flessen uit de Loire en de Beaujolais naast de klassieke Bordeaux (voor de toeristen) en ik koos een bio Beaujolais uit die ik nog niet kende.

    Clos de la Grand'Cour, Domaine de la Grand'Cour, Fleurie, 2010: Domein in Fleurie, van Jean-Louis Dutraive. Bio sinds 2009, maar sindsdien geen filtering, geen klaring, heel beperkt gebruik van sulfiet en geen truukjes in de kelder, wat ondermeer wil zeggen dat de fermentatie wordt opgestart met de op de druivenschillen aanwezige giststammen (en dat verschil kan je als je geoefend bent, proeven). Gemiddeld 30 jaar oude stokken. Tijdens de vinificatie kreeg de wijn telkens ongeveer een derde barrique, foeder en inox. Mijn nota's waren nogal summier, ik houd er niet zo van om die te opzichtig te maken in het gezelschap van collega's, maar dit was een excellente fles. Een beetje rustiek in de neus, het echte aroma van een goed gemaakte gamay, en in het glas fris en krokant zoals alleen een natuurlijk gemaakte wijn van gezonde druiven dat kan zijn. Excellent bij de uitstekende andouillette (tja, ik kon moeilijk anders), maar ook bij de andere schotels. 

    Kortom, Les Bacchantes, is een aanrader, ook goed gelegen om vrouw en kinderen naartoe te lokken na het plunderen van uw porteuille in Lafayette of Printemps, iets dat u als man recht geeft op een culinaire compensatie, vind ik toch. 

    Indien u trouwens indruk wil maken met uw kennis van Parijs (of héél snel goed wil eten) wandel dan even het straatje tegenover het restaurant in. Dat lijkt afgesloten door een hek en een verzameling moto's en scooters, maar dat is het niet. Het is een schitterend binnenplein, de Place Edouard 7, met een theater, ooit volledig eigendom van een bank die er kantoren had, maar nu een mengeling van theater, café's en appartementen voor heel rijke Parijzenaars. Een heel klassiek stukje Parijs van zijn deftigste kant, maar heel charmant. In het restaurant van het theater kan u 's middags goed en héél snel eten, maar voor de wijn moet u er niet naar toe. Daarvoor vind je hier véél betere adresjes: http://www.chateausanspretention.be/rzp.html 

     

    paristitisee 007.jpg

     

        

        

  • Een ontdekking in Baden...of een gat in mijn wijncultuur ?

    Pin it!

    Dit is eigenlijk één van de leukste aspecten van wijn. Wanneer je denkt dat je een bepaalde regio toch wel aardig begint te kennen, en de toppers van naam kent en in veel gevallen al geproefd hebt val je plots op een fles die je verrast. Je bent dan blij als een kind (een nieuw en jong talent!) om pas thuis te ontdekken dat de wijnmaker in kwestie al jaren één van de beste wijnmakers van zijn regio is. Alleen werd hij nog niet geïmporteerd... Ik vind dat leuk. Ik weet dat ik nooit in mijn leven het punt zal bereiken waar ik alles ken en alles geproefd heb (ondanks 7,5MB Vinopedia), en tot op de laatste dag van mijn leven zal wijn in staat zijn om me te verrassen.

    Afgelopen week gebeurde dat op het mooie terras van het hotel/restaurant Goldener Knopf (www.goldenerknopf.de) in Bad Säckingen (www.badsaeckingen.de), uitkijkend op de langste overdekte houten brug van Europa en de Rijn, en klaar voor een zeer lekkere avondmaaltijd. De wijnkaart was uitmuntend, met flessen van Bernard Huber, Ziereisen en nog heel wat andere spätburgunder-helden, maar helaas was ze ook nogal stevig geprijsd en had Mme Rick besloten om deze avond voor haar rekening te nemen, zodat het wegmoffelen van de prijs geen optie was. Creativiteit is dan geboden, en ik ging dan maar voor een 45 euro kostende onbekende, de Blauer Burgunder 2008 van Karl H. Johner. 

    DSC04510.JPG

    Thuis aangekomen bleek mijn nobele onbekende één van de grootste pinot noir specialisten van Duitsland te zijn...

    Karl-Heinz Johner heeft sinds 1985 een domein in Voigtsburg-Bischoffingen op de Kaiserstuhl, maar hij begon zijn wijncarrière eigeaardig genoeg in Engeland. Na studies in Geisenheim vertrok hij naar de Lamberhust Winery in Kent dat hij tien jaar lang leidde, en het was daar, in allerlei Engelse restaurants, dat hij kennis maakte met de grote rode Bourgogne's. Ondertussen had hij zelf wat perceeltjes geërfd in zijn geboortestreek en begon hij zich af te vragen waarom er niet meer grootse pinot noir werd gemaakt. Het weer zat goed, de ondergrond was goed en de gebruikte klonen hadden potentieel. In 1985 keerde hij terug om in zijn garage te beginnen wijn maken. Vandaag behoort hij al een hele tijd tot de top en het is zelfs één van de mensen die de opkomst van de grote rode burgunder wijnen in Baden in gang zette.

    Het domein heeft nu 97 percelen en het valt op dat Karl-Heinz, heel on-Duits eigenlijk, geen perceelwijnen maakt maar assemblages. Dat laat toe volgen hem toe om meer complexiteit in de wijn te brengen (cfr Bordeaux) en om de handtekening van de wijnmaker duidelijk te maken. Hij was ook één van de eerste om met barriques te beginnen werken en was daardoor zelfs verplicht om zijn wijnen uit te brengen als Deutsche Tafelwein. Op dat moment was alleen holzfass, het grote oude vat, toegelaten. Hij is ook fanatiek bezig met de wijngaard en had al heel snel door dat het het werk in de wijngaard is dat de grondslag is voor wat er in de fles komt. Dit klinkt nu erg logisch, maar dat was het in de jaren 80 helemaal niet.

    Zoon Patrick werkt al sinds 1999 mee en deed ervaring op in Bourgogne en Nieuw-Zeeland. Het domein heeft een mooie en informatieve website: www.weingut.johner.de Ik heb in België geen importeur gevonden, maar in Nederland zijn er een paar.

    Blauer Burgunder 2008: Een koel jaar. 20 maanden vatrijping, deels op nieuwe eik. Zeer mooie neus met rijp fruit en een stevige maar heel goed uitgewerkte eiktoets die niet overheerste maar versterkte. In de mond heel goed evenwicht, fris en fijn, lang en lekker met mooi fruit. Superbe pinot noir !!! *** en indien ik niet zo afgeleid zou zijn geweest door Mme Rick misschien meer waard.

    En dan, om aan te tonen dat toeval een vreemd ding is, iets over de combinatie. Op mijn bord kwam een erg origineel gerecht (voor Duitsland dan toch): gebratenes Schottisches Salzwiesenlamm mit Gurken-minzpuree und weissem artischokenragout. Lam met munt, een gerecht dat nauwelijks Engelser kon zijn. Onbewust koos ik er blijkbaar een wijn bij van een wijnmaker die in Engeland had gewerkt. Het resultaat was prachtig, een heel geslaagde begeleiding, en ik had geen flauw idee dat er een link was tussen mijn twee keuze's.

     

    DSC04512.JPG

     

     

      

     

  • ****(*)

    Pin it!

    Af en toe gebeurt het dat ik me op een degustatie afvraag waarom een op het eerste zicht aardige maar toch ook wel eerder simpele wijn zo veel geld kost, en steevast krijg ik het antwoord dat het een wijn is die werd geplukt met lage opbrengsten op een super-perceel en dat hij nog tijd moet hebben. Vooral bij wit vind ik dat eigenlijk erg moeilijk. Wat moet je bijvoorbeeld denken van een 40 euro kostende riesling die op het moment van de degustatie eigenlijk vooral naar niets smaakt...of gewoonweg naar simpel en zuiver fruit.

    Af en toe meent echter zelfs deze amateur dat hij ergens een kern proeft van grootsheid, echt een wegglippende schittering die zich verstopt, en dat intrigeert me dan vaak zo dat ik één of twee flessen koop uit pure nieuwsgierigheid. Soms probeer die ik dan met karaf en zuurstof uit hun schulp te lokken, maar de mooiste zijn eigenlijk degene die ik ergens diep in mijn kelder wegstopte in afwachting van betere tijden.

    Onlangs merkte ik dat één van mijn twee flessen Grüner Veltliner Kaeferberg 2005 van Fred Loimer wat had gelekt en dat leek me dus een goed moment om die fles sito presto te openen. Ik werd van mijn sokken geblazen en dronk één van de beste flessen van dit jaar. Ik wist absoluut niet dat gruener veltliner zo'n toppen kon bereiken.

    Op 27 november 2006, toen ik de fles proefde en kocht bij Leirovins in Wetteren aan 19,8 euro, schreef ik: "prachtig geconcentreerd, zeer zuiver en fris, mooi fruit en mooie mineraliteit; Waw.".  Op 25 augustus 2012 schreef ik: Dag 1: zelfde fruit en diepgang en concentratie. Dag 2: subliem. Wat een puurheid, wat een zuiverheid, wat een body. Echt loepzuiver, perfect gestructureerd, gewoonweg ongelooflijk lekker !! Ik heb hem ****(*) gegeven, en dat was één van de enige keren dit jaar dat ik die score gaf.

    Denk u eens even in. U kende toen u jong was een mooi meisje, zo'n 17-18 jaar oud, waarvan u toen, met uw eigen gebrek aan ervaring, dacht dat het een schoonheid was. 12 jaar later ontmoet u haar weer. U hebt wat meer ervaring, en zie is wat ouder, en nu ziet u geen mooi jong meisje maar een geweldig knappe vrouw. Dat was zo ongeveer wat ik ervoer bij deze fles...

    Hieronder de foto van haar schepper:

     

    loimer.jpg