• Ontmoetingen met een druif: Abouriou

    Pin it!

    Het wintervakantie-scharrelen in de wijnkelder (eindelijk tijd om eens een paar van die dozen uit te pakken) levert geregeld een of meerdere wijnlijken op, maar af en toe ook eens een mooie verrassing. Ik had Stéphanie Roussel nog onlangs gezien bij Laurent Mélotte (in het gezelschap van een vrolijke puppy die mijn schoenen als het warmste plekje van de wijnzolder beschouwde) en was weer eens onder de indruk van haar Blanc qui Tente, een troebele natuurwijn van 100 jaar oude sémillon stokken. Toen ik haar complementeerde zei ze onmiddellijk dat ik met die wijn wel moest oppassen. Ofwel drink je hem snel (niet echt een marteling) ofwel bewaar je hem in een echt koele kelder (12°C of minder), in te warme omstandigheden wordt hij heel snel slecht.

    Ik schrok dan ook even toen ik bij het scharrelen zijn rode tegenhanger tegenkwam, de Rouge qui Tache. Zou die nog wel goed zijn ? Maar een echt hete zomer hebben we niet gehad, niet ? Opendoen, dan maar, en testen, en toen was ik voor een paar uurtjes een heel happy! jongetje....

    Mooi koel nu, kwam er uit de neus eerst en vooral mineraliteit, of nee, beter gezegd, stevige reductie (de twee worden nogal eens door elkaar gegooid). Die bleef lang hangen en verdween pas na een uurtje of twee toen ze plaats begon te maken voor vers fruit, eveneens gekoeld, en dus eerder knapperig dan zoet. Ernaast bleef wel plaats voor een soort korreligheid (in de neus!) en laat ons dat dan maar mineraliteit noemen. In de mond was de wijn vol en krachtig en fris en viriel en lekker en stevig. Na een tijd kwam dat zuivere fruit door dat in maart, toen ik hem de laatste keer proefde (gekocht in december 2013), nog veel krokanter en duidelijker was. Onwillekeurig vergeleek ik hem met Stéphanie's witte en omdat het nu eenmaal mijn stokpaardje is om de persoonlijkheid van een wijnmaker terug te zoeken in een wijn kwam ik tot de gedurfde conclusie dat deze wijn het karakter had van Stéphanie's ideale man (of van haar mannelijke kant).

     

     

    stephanielassolle.png

    Bron:

    http://www.mistelle.fr/news.php?id=103

    Maar tiens, wat drinken we eigenlijk ? Stéphanie's domein, het Château Lassolle, ligt in Romestaing, in de Côtes du Marmandais, in de Sud-Ouest. De AOC grenst aan Entre-Deux-Mers, en Stéphanie zegt vaak dat ze vanuit haar raam de wijngaarden in Bordeaux ziet liggen. Vroeger vond ze dat wat jammer, de Sud-Ouest is vaak het zwakke broertje dat niemand wil kennen, maar vandaag vind ze het vaak een voordeel omdat ze geen last heeft van het negatieve imago van Bordeaux. De meeste van haar wijnen worden trouwens gebotteld als Vin de France.

     

    chateau-lassolle-le-rouge-qui-tache-vin-de-france-10415767.jpg

    Wat deze fles echter nog unieker maakt is het druivenras, de Abouriou. Voor de phylloxera-crisis stond ze breed aangeplant maar erna werd ze overal vervangen door merlot en cabernet, gemakkelijkere druiven om wijn mee te maken. Abouriou levert een heel donker sap op, met weinig zuren en veel tannines, reageert eigenlijk niet zo goed op houtrijping en was vooral interessant vanwege zijn relatief hoge opbrengsten en zijn resistentie tegen meeldauw of botrytis. Precies dat maakt de druif opnieuw interessant voor biodynamische wijnbouwers en ze is dan ook aan een (zeer) bescheiden retour toe. Ook Marc Pesnot (Muscadet) werkt ermee. Traditioneel zit ze in nogal wat blends om meer kleur aan te brengen en is ze niet zo interessant. Bij mensen als Stéphanie die in de wijngaard biodynamisch werken en in de kelder non-interventionistisch worden er heel smakelijke drinkbare wijnen mee gemaakt, waarvan de inhoud zo natuurlijk binnenklokt dat het normaal lijkt om ze op een dag leeg te drinken. En dat is misschien niet zo gezond, maar wel een mooi compliment !

     

     

  • Le Beaujolais Nouveau est Arrivé...et reparti.

    Pin it!

    bojonovo.JPG

    In een ideale wereld zou de aankomst van de Bojonovo bij Maurent Mélotte een evenement moeten zijn waaraan ik elk jaar deelneem. Helaas is me dat nog maar één keer gelukt (oh, zalig herinnering), maar godzijdank bestaan er nog vrienden die zo vriendelijk zijn om mij een proefpakketje te kopen en mee te brengen.

    Ondanks de negatieve connotaties van dit massale evenement (de wijnwereld vierde zijn toekomende millésime door zijn slechtste wijn op de markt te gooien) bestaat er wel degelijk een interessantere kant aan dit fenomeen. Het is vooral ontstaan in Parijs, in de wereld van de wat alternatieve wijn-bars en -winkels, waar een nieuwe generatie wijnmakers in de bio- en naturel-sfeer een nieuwe wind doen blazen: de BojoNovo. Lees dit verslag er maar eens op na: http://parisbymouth.com/beaujolais-nouveau-death-march-our-report-on-the-2013-wines-parties/

    Sinds Marcel Lapierre startte met zijn Morgon's zonder of met weinig sulfiet is de Beaujolais aan een heropstanding begonnen. Volgelingen (of collega's) zoals Testard, Guignier, Ducroux, Descombes, Lapalu en anderen begonnen evenveel aandacht te schenken aan hun terroir en aan de gezondheid van hun wijngaard, en ik herinner me nog de fonkelende oogjes van Michel Guignier toen die me liet proeven van twee Beaujolais-wijnen waarvan de wijngaarden op maar een paar 100m uit elkaar lagen, maar waarvan karakter en smaak zo verschillend waren. Op een misschien wat vreemde manier vind ik dat ook de karakters van de wijnmakers doorschemeren in hun wijnen: Descombes interpreteert gamay helemaal anders dan Guignier, vind ik. Of is dat toch alleen maar terroir ? Of is terroir niet alleen grond, maar ook geest ?

    Hier zijn mijn bescheiden proefnota's:

    Justine 'Tite Goutte, Beaujolais Nouveau, 2013:

    In de neus eerst gewoon rood fruit, nogal simpel, maar na een tijdje sluipt er een beetje aardsheid in die hem interessanter maakt. In de mond onmiddellijk heel smakelijk en fris "als dauw in een wijngaard", en een uurtje later was daar de geur van de bedauwde aarde bijgekomen: het eten van een stuk fruit op een heuvel in de wind terwijl het net is gestopt met regenen...Heerlijk. 8,5 euro. 

    Les Lapins, Château de Montceau, Beaujolais Billages Primeur, 2013:

    Net als de vorige een wijn van Nicolas Carole Testard, maar iets complexer in de neus: fruit maar ook iets aards én iets geparfumeerds (de vrouw van de boer staat naast u op die heuvel :-) ). In de mond opnieuw die mooie combinatie van boersheid en fruit die deze wijn perfect maakt voor een schoteltje charcuterie (getest !! met superbe charcuterie van Italia Autentica in Waver). 9,5 euro.

    Beaujolais Nouveau, Georges Descombes, 2013:

    Opengedaan in goed gezelschap en verder dan leuk en fruitig ben ik niet geraakt...maar ook dat is de bedoeling van BojoNovo ! 9,95 euro.

    Cuvée Kéké, Beaujolais, 2013:

    Zonder de vermelding "Nouveau" of "Primeur" hier en ik ben vergeten te vragen waarom, maar V. vond dit de lekkerste van allemaal dus ik was erg nieuwsgierig. In de neus erg gesloten, een beetje rood fruit. In de mond een mooie aardse toets die deed denken aan een pastinaak, tamelijk aanwezige tannines en dan nogal kort. Herproefd bij Damien Coquelet tijdens het Weekend des Vignerons en dan anders en beter: had ik hem moeten decanteren ?

    Beaujolais-Villages Nouveau, Jean-Claude Lapalu, 2013:

    Heel kruidige neus, bijna kruidenkoek of speculaas. In de mond heel croquant en fris zonder zuur te zijn, echt een beet in een stuk fruit, mooi lang en met diepgang. Voor mij de lekkerste. Bij bloedworst, moet mooi zijn...volgend jaar twee flessen van elk kopen. 9,5 euro.

    Prologue, Beaujolais Nouveau, Christian Ducroux, 2013:

    Zoals verwacht, de speciaalste. In de neus eigenlijk geen fruit, wel een speciaal soort kruidigheid en nog later het aroma van paddestoelen. In de mond dan weer wel mooi zuiver beaujolais-fruit, mooi fris, en het is leuk joe dat fruit de mond vult en dan heel zachtjes, heel beleefd lijkt het wel wordt opzijgeduwd door dat aroma van paddestoelen. Heel aparte Bojonovo. 9,5 euro.

    Wie graag zijn neus eens steekt in het wijnjaar 2013 zonder daar Beaujolais Nouveau voor te drinken verwijs ik graag naar dit interessante artikel dat werd geschreven terwijl Mathieu Lapierre de oogst binnenhaalde: http://www.wineterroirs.com/2013/10/marcel_lapierre_morgon_beaujolais_devatting_pressing.html

    Héél interessante beschouwing over Vins Naturels onder in het artikel. Ik blijf de naam Real Wines eigenlijk beter vinden, maar de mensen van Vini Veri in Italië hebben daar al een proces voor aan hun broek gekregen, dus ik zal voorzichtig zijn. Hij heeft wel gelijk: fanatisme is nooit goed, maar ook ongelijk: het zijn de fanatici en de dromers die de dingen in gang zetten. Maar ze maken daarom niet altijd de beste wijn aan het einde van de rit. Soms wel de leukste... 

    Ik heb de wijnen deze keer niet gekwoteerd. Dat zou zijn alsof ik tussen zes mooie vrouwen de knapste moest kiezen. Dat is niet leuk, dat is zelfs gevaarlijk, en eigenlijk apprecieerde ik ze allemaal even erg...maar anders.

     

    PS De Bastards of Wine hebben nu ook een facebook account. Iedereen die hier www.bastardsofwine.com achter staat is welkom !!


     

     

  • Spontinase in Linden

    Pin it!

    Joepie ! en nog eens Joepie ! En nog eens opnieuw Joepie ! Voortaan moeten wijnliefhebbers uit de gemeenten langs de Diestsesteenweg in Leuven niet maar naar de andere kant van de stad voor een goeie fles wijn. Want Vinikus en Lazarus, een ondertussen bekend wijnkoppel, brachten een blozende baby ter wereld: een winkel in Linden. Wij dus daar naartoe om eens te piepen en te proeven, en naast een heel aantal lekkere wijnen (die rieslings van von Winning ! dat specialleke van Khalkhal-Pemiès ! die lekkere, romige Moro van Carpineti (stemmetje van Mme Rick) !) leerden wij ook een nieuw wijnbegrip kennen.

    Wij waren diep met onze neuzen verzonken in een glas Vulkangestein, Riesling, 2012 van Schäfer-Fröhlich, toen één van ons een opmerking maakte over de licht reductieve toets in de neus. "Dat is niet erg, dat gaat meestal weg bij het karaferen, dat is een spontinase." Een wat ? En is dat een fout ? "Nee, sommige mensen zien het zelfs als een goed teken, en nog eens, als je er niet van houdt, hop de karaf in, en dan is het meestal snel weg."

    Eénmaal thuis en een beetje gegoogeld vond ik weliswaar geen enkele uitleg, maar het viel me inderdaad wel op dat niemand dit als een fout zag (en het stinkt echt wel een beetje hoor...). Op het web vind je bij Duitse proevers van Rieslings vermeldingen als "tolle spontinase", "deutliche spontinase", "wilde, zunächst grenzwertige spontinase", en zelfs "wunderschöne spontinase". Ik heb het dan maar even aan Gerd (de Vinikus zijde van het duo) gevraagd.

    Het wordt inderdaad meestal niet als negatief ervaren door Duitse proevers. Wij noemen het reductie of mineraliteit. Het is niet duidelijk waar het precies vandaan komt. Het zou kunnen komen van spontane vergisting, maar sommigen die deze techniek toepassen hebben het niet. Anderen wijzen het toe aan rijping sur lie. Bij het karaferen verdwijnt het volledig of gedeeltelijk en in de mond proef je het gek genoeg niet.

    Voilà, op de volgende proeverij in Duitsland kunnen we weer eens indruk maken. U maakt dat alvast wanneer u u naar de winkel rept (die in Linden uiteraard, maar die in Merchtem ook) en er op tafel slaat met de gevleugelde woorden: "geef mij eens een riesling met een mooie spontinase". Wel niet proberen bij de apotheker ! of in een boksclub !

     

    lazarus.jpg

    Zoutrootjesstraat 23, Linden

    donderdag van 16-21u, zaterdag van 10-16u

    ook voor liefhebbers van top-tee !

     

  • Leve Lucie: het toetje

    Pin it!

    I Vigneri, Etna Rosso, 2010:

    De laatkomer van de avond G. kwam door een slecht toneelspelende Cocker Spaniel ("ik ben een boze waakhond" wou eigenlijk zeggen "laat mij erin, ik zit graag in een auto") enigszins boven zijn toeren binnen, maar hij had wel de leukste cadeaufles van de avond mee, met de bede om hem misschien nu al soldaat te maken ? Hij kwam immers van een nieuwkomer op de Leuvense wijnmarkt, surlie, die genesteld zou zijn in een kledingzaak in de Wandelingenstraat in Leuven en zich specialiseerde in natuurlijke wijn. Op G.'s vraag (hij ging er eigenlijk een sjakosj kopen, geloof ik) wat de meest representatieve fles van zijn gamma was, verkocht hij deze knaller van Salvo Foti en stal mijn en ons hart. De wijnen staan achter de hoek in de kledingzaak (ik ben er nog niet langsgeweest), U moet er zelf maar eens binnenspringen, ik ga het in ieder geval doen zodra ik wat tijd heb.

    Salvo Foti is na een paar Sicilië-reizen een oude bekende voor ons. Hij is afkomstig uit Catania, die chaotische maar o zo lekkere stad, en is één van de beste oenologen van Italië. Hij werkt op het eiland voor Benanti (daar kennen wij hem van), Gulfi en ViniBiondi, maar heeft ook een eigen project dat hij I Vigneri doopte. Daar maakt hij samen met andere specialisten en een reeks kleinere domeinen wijnen volgens een heel precieze, natuurlijke filosofie. Op de één of de andere manier moet hij een importeur in België hebben gevonden, want ook bij Titulus Pictus in Brussel trof ik twee van zijn flessen aan. 

    Deze wijn was alvast een schot in de roos. Hij werd onmiddellijk na het binnenkomen gakafeerd om wat te ademen en kwam in ons glas na de hoofddegustatie. Het is een blend van Nerello Mascalese en Nerello Cappuccio, druivenrassen die eigen zijn aan de Etna, hij fermenteerde in open eiken kuipen zonder temperatuurcontrole (maar de nachten zijn tijdens die periode koud op de Etna) en rijpte in cementen vaten. Hij werd niet geklaard of gefilterd en tijdens het hele proces werd rekening gehouden met de maanstanden.

    De frisse, kruidige neus was echt zoals ik me de betere Sicilianen herinnerden, hij deed me echt denken aan een paar mooie Etna's die ik ter plekke geproefd had. Mooie fraîcheur in de mond, heel elegant en interessant. In het middenstuk zat een curieus kruidig bultje dat heel aardig was. Hij deed me wat denken aan de Faro van Palari, maar dan jonger en nog wat bedeesder. ***

     

    i vigneri.png

     

    Savagnin, Dévoilé, Stéphane Tissot, 2005:

    Naar aanleiding van deze fles ontspinde er zich een leuke conversatie over de Jura en hoe mensen reageren op zijn wijnen. Zet tijdens een degustatie of een avond met vrienden maar eens een Jura op tafel en je ziet zo hoe een deel van de tafel met blinkende oogjes rechtveert en een ander deel in afgrijzen terugdeinst. Het zijn inderdaad nooit wijnen die onverschillig laten en deze conversatie gaf aanleiding tot een andere toen één van de proevers dit een "grellige" wijn vond. Bleken er toch wel geen vier Kempenaren aanwezig te zijn zeker !

    Maar terug naar de wijn. Stéphane Tissot is één van de grote namen in de Jura, en alhoewel sommigen hem nu al een beetje zien als één van de "classics" mogen we niet vergeten dat nog maar een tiental jaar geleden hij één van de grote vernieuwers was. Zijn wijnen zijn niet zo spectaculair anders als die van bijvoorbeeld Ganevat maar het zijn stuk voor stuk pareltjes en prachtige exemplaren van hoe biodynamisch wijngaardbeheer en heel zorgvuldige vinificatie de smaak van een domein kunnen verdiepen en verfijnen. Ik heb ze altijd van grote klasse gevonden en tegenover die van Ganevat of Overnoy verhouden ze zich als één van Hasselt tegenover één van Gent....allebei schoon, maar anders schoon.

    Deze wijn is tussen al die unieke wijnen ook op zichzelf een unicum: het is eigenlijk een 100% savagnin die sous voile had moeten evolueren naar een vin jaune maar die dat om de één of de andere reden niet heeft willen doen. Hij verbleef wel degelijk de voorziene zes jaren op vat en werd zo tot een wijn die bijna per ongeluk tot stand kwam. In de neus curry, honing en zwemen van noten, veel minder uitgesproken dan bij een vin jaune. In de mond is dit ongelooflijk lang, heel complex, rozijnen, honing, curry, nootjes, voorzien van een heel mooie fraîcheur en hier ga ik de schenker citeren want ik kan het niet mooier zeggen: "een wijn die heel je hoofd vult en dan heel langzaam terug verdwijnt". Eén van de mooiste wijnen van dit jaar, zo lekker zeg !! ****, dus. 

     

    devoilé.png

     

  • Leve Lucie !!

    Pin it!

    Nu CSP bijna tien jaar bestaat zijn er binnen de harde kern een paar interessante tradities aan het ontstaan. Eén daarvan is dat bij een geboorte het nieuwbakken toekomstig lid (wij geloven in de erfopvolging) haar of zijn vader's kelder opensmijt en allerlei pareltjes boventovert om de toekomstige schenkers van huwelijkscadeau's alvast dankbaar te stemmen. Sindsdien sturen sommigen de jongere leden Pabo-pakketjes op bij Volle Maan, worden met Valentijn de omgevingen van hun huis afgezet teneinde de atmosfeer te verbeteren (die violen waren erover, G. !) en is één lid al betrapt bij een poging om het stripje anti-conceptiemiddelen te vervangen door een placebo. De meest verhitte discussie gisteren was dan ook over het al dan niet voortbrengen van een derde spruit, waarbij vooral de oudere heren zich grote voorstanders toonden (zo lang ze het maar zelf niet moesten doen).

    Gisteren was het dan de beurt aan Lucie, de nu al beminnelijk glimlachende dochter van K., en ze was onmiddellijk zo vriendelijk om opa's bijdrage de degustatie te laten openen met de volgende fles:

    Château Gloria, 1966:

    Onmiddellijk een nogal animale neus, erg tertiair maar ook heel complex. Heel snel sloeg dat om in een erg mooie rokerigheid, die na een tiental minuten plaats maakte voor hardere tonen als tabak en leer, meer donkere cabernet sauvignon aroma's. In de mond eerst een mix van chocolade en gekonfijt fruit, met fluwelen tannines, en na een tiental minuutjes ook hier vooral die hardere stevigere tonen. ***

    In de loop van de avond begon er nog een meer filosofische discussie over de goeden ouwen tijd, de prijzen van wijn vroeger en dit lokte bij één van de bezoekers de volgende mooie uitdrukking uit: "uit den tijd dat de pauzeknop nog niet bestond en ge nog rap moest zijn als er een schoon blote madam op tv kwam...". Mijn buikspieren doen nog altijd een beetje pijn van het lachen...

     

    gloria.JPG

     

    Na deze glorieuze intro kwamen de volgende flessen blind en in flights van drie, een heel goede methode om iedereen te dwingen na te denken over wat hij in zijn glas heeft (en dus helemaal geen competitie, gelukkig maar). De eerste flight was wit en allemaal mono-cépage. Welke druif, heren ?

    1: Viré-Clessé, Bret Brothers, 2008:

    Heel medicinale, kruidige neus in het begin, na walsen veel zachter. In de mond redelijk vet, mooi droog met iets dat een beetje wrang was. Zelfs toen de organisator verklapte dat één van de drie een chardonnay was wist niemand deze wijn te plaatsen, en op deze manier werd alle zelfvertrouwen onmiddellijk de deur uitgejaagd. Lekker wel ! en dus *** Ooit gekocht bij Laurent Mélotte www.truegreatwines.be 

    2: Cour-Cheverny, Domaine des Huards, 2005:

    Eerste neus: stoofappeltjes plus, met andere woorden een duidelijke oxydatieve toets maar ook rijk en rijp. Mooi droog en heel apart. Heel complex in de mond, maar steeds ook ragfijn en elegant. V. had in het begin al even romorantin gepreveld en dat bleef in mijn onderbewustzijn hangen tot ook ik de link legde. 100% romorantin, dus, maar niet degene die wij kenden. Michel Gendrier is één van de grote romorantin-specialisten en het domein wordt biodynamisch beheerd. ***

    3: Akménine, Domaine Riffault, Sancerre, 2007

     Troebel, een vin naturel. Kelderappeltjes en lychee. Heel lang, heel intens, heel rijk, bijna stroperig qua consistentie, superbe finish !! maar welke cépage ? Sauvignon blanc dus, maar zo goed als onherkenbaar en niemand had hem dusHeel apart maar ook héél lekker. ***(*) Uit Pécrot, waarschijnljk.  

    De volgende flight was rood, thema "zelfde druivenras", maar van welk land ?

    4: Ahrweiler, Spätburgunder Trocken, Adeneuer, Ahr, 2008:

    Ah, een spätburgunder ? Redelijk donker gekleurd wel, en ook al iets ouder ? In de neus chocolade en kersen, in de mond zacht en romig en stevig, een beetje zuren missend om echt een topper te zijn. Het is dan ook een instapcuvée, ooit gekocht bij Vinikus, maar dan wel van een topdomein dat in dit jaar Aufsteiger des Jahres was bij Gault-Millau. ** Van bij Vinikus.

    5: Modri Pinot, Brda, Scurek, 2009:

    Heel apart, heel kruidig, mooi fris. In de mond zeer verrassend, fijn en speciaal en met een héél mooie afdronk met kruiden en chocolade. Heel verrassende pinot noir, zeker géén spätburgunder, dat had iedereen snel door, Frankrijk leek snel onmogelijk en dan dachten sommigen aan Italië. Stojan Scurek bezit dan ook wijngaarden in Friuli, maar zijn domein ligt in Slovenië. Bijna juist dus... **(*)

    6: R, Weingut Huber, Baden, 2007: 

    Onmiddellijk sprong hier fijn spätburgunder fruit uit het glas, maar de wijn kende een prachtige en heel complexe evolutie. Ook in de mond een pracht van een wijn, fijn en complex, heel elegant, herkenbaar spätburgunder en geen pinot noir, maar dan wel een hele grote. En dat was het ook, want de R van Huber is één van de toppers van Baden en één van de beste späts van Duitsland. ***(*)

    Voor de volgende flight van drie was het verband duidelijk: er was er geen. Maar probeer toch maar de regio te raden...

    7: Gestad, Syrah, Deutscher Tafelwein, Weingut Ziereisen, 2008:

    Tabak, roet, rook en dan ook fruit. Fris en levendig in de mond. Veel vraagtekens hier ? Licht gekurkt ? Maar de laatkomer in de groep identifieerde hem een half uur later direct als syrah en een goeie... De wijngaarden van Ziereisen liggen in het Markgräflerland, op een half uur van Basel, en wij vonden het vroeger al de perfecte syrah voor een blindproeverij...tot we hem zelf niet herkenden... *** 

    8: Haïtza, Domaine Arretxea, Irouléguy AOC, 2005:

    In de neus een mooie rokerigheid en heel leuk fruit. In de mond complex, mooi rood fruit, maar helaas ook uitdrogende tannines achterin die de pret wat bederfden. Tannat en cabernet sauvignon, wijn uit Baskenland. Viel een beetje tegen, en was een paar jaar geleden toen we hem ook al proefden toch wel beter. Verouderde niet zo mooi, volgens Kris. Door absoluut niemand herkend **

    9: Reserva Old Vines, Quinta do Crasto, Douro, 2007:

    Een erg ingetogen maar zeer complexe neus die zich verder opende maar dezelfde indrukwekkende complexiteit behield. Heel mooie mond, heel mooi bittertje, schitterend evenwicht. Prachtige wijn en dat bleef hij ook in het glas waar hij opmerkelijk stabiel was. Zéér goed gemaakte wijn die iedereen uitstekend vond. Wel door iedereen in het zuiden geplaatst, maar niemand dacht eerst aan Portugal. ***(*)

    Voor de volgende flight was er een verband: na het elimineren van cépage of regio, bleef het jaar over en ja hoor, het waren alledrie 2001's.

    10: Pirouette, Fontedicto, Vin de Table, 2001:

    We veronderstellen dat 2001 in één of andere beschaving het Jaar van het Paard was, want alledrei de wijnen geurden naar stal en paard. Voor deze was dat zeker zo, voor de tweede nog meer en voor de derde vroegen we ons af of we de geur niet via onze neus "transporteerden", maar het was in ieder geval opmerkelijk. Deze zeer donkere wijn opende dus met een duidelijke stalgeur en pas later kwam er fruit tevoorschijn. In de mond veel fraîcheur, maar ook stevige tannines en een blok mooi en zuiver zwart fruit. Leek eerst de minste van de drie, maar evolueerde heel mooi. 100% carignan, en, yes, herkend door uw dienaar ! **(*) eerst, later zelfs ***

    11: La Côte Ronde, Domaine Paul Autard, Châteauneuf-du-Pape, 2001:

    Aha. Dit was de grote brett geurverspreider. Stevig paard in de neus, dus, alhoewel ik daar persoonlijk niks tegen heb. In de mond wel ok, mooie tonen, maar het fruit is echt gekookt en daar waren we zo niet voor. 50% grenache, 50% syrah, een aardige wijn, maar niet voor deze aoc. **

    12: Château La Couspaude, St Emilion Grand Cru Classé, 2001:

    Beetje brett hier, tenzij we aan neustransport deden :-), maar ook heel zuiver fruit en frisse tonen richting menthol. Heel evenwichtig, heel goed gemaakt, mooi rokerig fruit, erg zuiver, prachtige en heel beminnelijke St-Emilion. "Hedonistisch" staat er in de Vinopedia, en dat klopt. Eén van de beste van de avond. Een Rolland-wijn, en een goeie. ****

    Eigenlijk was het nu gedaan, maar het is pas gedaan als het gedaan is, en er gingen natuurlijk nog een paar flessen open...volgende week blog ik over het toetje...