• Het schreeuwen van de meeuwen: things to do and places to eat on Islay.

    Pin it!

    Islay leeft echt van het whisky-tourisme, en je komt dus om de haverklap groepjes jonge en niet meer zo jonge mannen (opvallend veel Scandinaviërs) tegen. De weinige koppels verkennen het eiland meestal al wandelend of fietsend. De natuur is er wondermooi, en het heeft een mooie geschiedenis. Voor ons lijkt het veraf en geïsoleerd, maar voor een zeevarend volk is het een plaats op de route van Orkney of Ijsland naar het zuiden, en ligt het redelijk centraal. Zelfs vandaag nog zullen veel eilandbewoners eerder hun boot nemen om te gaan shoppen in Ierland dan vijf uur met de auto te rijden naar Glasgow.

    A Place to Sleep

    Wij sliepen in The Inns by the Loch van Neil en Carol Scott, een B&B met prachtige kamers die uitzien op Loch Indaal, en pal naast Bowmore Distillery liggen. 's Avonds kan je in alle veiligheid (te voet dus) hier ook nog een stapje in de wereld zetten. Neil, de koning van de droge humor, is een goede gastheer, de kamers zijn ruim en licht, het ontbijt is wat het moet zijn en de badkamer is modern en goed uitgerust: perfect dus.

    www.theinnsbytheloch.co.uk

    Places to Eat

    Ons eerste maal op het eiland, in Katie's Bar, was onmiddellijk een schot in de roos: wij maakten er kennis met Gruinart-oesters, een lokaal product dat zeer in de smaak viel en met de bieren van Islay Ales, zeer goed gebrouwen exemplaren die je over het hele eiland terugvindt. Katie's Bar maakt deel uit van het Bridgend hotel, dat volgens Tripadvisor ook erg goed is, maar dat wat meer in het binnenland ligt (en wij zijn zeewolven, geen landratten!).

    Alleen al voor de sympathieke bediening zou ik de lunch in de Old Kiln Café van de Ardbeg distilleerderij aanraden, maar het was er ook nog eens verbazend lekker. Een mooie keuze aan Real Ales van Islay Brewery, een heerlijke Ardbeg-burger en een schitterende Capuccino-Crème Brulée, en onze dag kon al niet meer stuk.

    Heel geschikt voor 's avonds zijn de restaurants van twee van de hotels van het eiland. De Harbour Inn in Bowmore heeft een lounge met een prachtig uitzicht en een erg goede keuken. Ik kan u er de Peat Smoked Haddock Chowder én de Isle of Islay King Scallops aanraden, beiden héérlijk. De wijnkaart is trouwens meer dan degelijk. Voor een afzakkertje kan je nog terecht in Duffie's Bar van het Lochside Hotel, met een brede keuze whiskies (van 6£ per glas tot 300£ per glas), en gelegen op een paar honderd meter (met de rug naar de zee links).

    Op de westkust liggen de distilleerderijen Bruichladdich en Kilchoman, en het is in de tweede, een echte farm Distillery, waar je echt lekker kan lunchen. De Islay Ales zijn zoals gewoonlijk lekker, maar ze serveren ook een heerlijke Cullen Skink en lekkere wraps!!

     

    cullenskink.jpg

     

    Cullen Skink (voor 6 personen)

    In a heavy-based saucepan , genty fry a chopped onion in butter. Cut up a kilo of smoked haddock  into large pieces  - properly smoked Finnan haddock, if possible, witjout yellow dyes and artificial smoke flavouring - and add the pieces to the pan along with half a litre of water. Bring to the boil and simmer for 20-25 minutes.

    Remove the fish from the pan, discard the skin and bones and separate the flesh into flakes. Stir 250g of mashed potato into the remaining water, along with 750ml of milk, ad return the flaked haddock to the pan. Allow to cook for a minute or two, season with salt and pepper. Just before serving, stir in 150ml of cream and a tablespoonful of chopped chives.

    Uit Cornucopia. A gastronomic tour of Britain.door Paul Richardson.

     

    cornucopia.jpg

     

    De beste culinaire ervaring van het eiland was voor ons het restaurant van het Port Charlotte hotel. Het stadje Port Charlotte werd in 1828 gebouwd door Walter Frederick Campbell, the Laird of Islay, en genoemd naar zijn moeder, Lady Charlotte. Het hotel schijnt zeer goed te zijn, en de pub is dat zeker, mooie bieren, een knappe collectie whisky, en twee avonden in de week live muziek, meestal folk, maar ook het restaurant is top. Het is één van de enigen op het eiland met een mooie wijnkaart. Wij begonnen met een Californische schuimwijn, de Quartet Roederer Brut, een Non Vintage blend van Chardonnay en Pinot Noir, een beetje grof misschien, maar best lekker, **.  De Fiano, Terradora, 2010 was een oude vriend die we nog kenden van Napels, een fris mineralige en fruitige wijn, **, en lekker bij de Wood Pidgeon. Bij de fabuleus lekkere Guinea Fowl stuffed with Haggis, een combinatie van twee van mijn favoriete dingen, kwam er een Francesca Bay Pinot Noir 2011 op tafel, die daar zeer goed bij paste. Een erg gedistingueerd restaurant met een vlotte (en mooie) bediening, 275£ met zijn vieren.

    www.bridgend-hotel.com    

    http://www.ardbeg.com/ardbeg/distillery/tours    

    http://kilchomandistillery.com/tour-and-events/visitors-centre    

    www.harbour-inn.com     

    www.portcharlottehotel.co.uk    

     

    Places to Visit

    Als er één bezienswaardigheid op het eiland is die je niet mag overslaan dan is het wel Finlaggan, de vroegere woonplaats van de Lord of the Isles. Het bestaat uit twee eilandjes in Loch Finlaggan met de resten van een kapel en een kasteel, en het heeft een ongelooflijke atmosfeer. Het grootste, Eilean Mor, is bereikbaar via een houten brug, het Raadseiland of Eilean na Comhairle, ligt er recht voor en is niet bereikbaar. Ooit was het een heel belangrijke plaats waar de MacDonald's de scepter zwaaiden en vooral in de 14de en 15de eeuw was het een machtscentrum, tot de laatste MacDonald in ongenade viel en de infrastructuur op het eiland verwoest werd. Wanneer de Lord of the Isles werd geïnstalleerd kwam de bisschop van Argyle, een groep priesters en alle lokale chieftains naar het eiland om de investituur bij te wonen en de Great Hall was het centrum van de uitoefening van de macht. Je kan het vandaag nog nauwelijks zien maar errond lagen woningen en keukens, en het eiland werd bereikt door een stenen dijk. Het bezoekerscentrum aan de parking geeft een heel goed beeld van de geschiedenis van de plaats. Het eiland kende geen verdedigingsmuren, de galeien (drakkars dus) waren de beste verdediging.

     

    finlaggan.jpg

     

    Een erg mooie wandeling én een leuke plaats om te bezoeken is het Kildalton High Cross, op ongeveer 5 mijl van Ardbeg. De ruïne van de kerk, het zeer pittoreske kerkhof, de grafstenen in de kerk en uiteraard het beroemde kruis zelf, ze zijn echt de moeite om te zien. Van hier uit kan je ook een mooie wandeling maken op het grondgebied van Ardmore House (de aanduiding Private Road is voor voertuigen) en je kan wandelen tot aan de zee door de weg naar Ardmore House niet te nemen maar links te houden. Heel waarschijnlijk zie je herten, fazanten en als je geluk hebt zelfs zeehonden. Hier is een routebeschrijving: http://www.walkhighlands.co.uk/islay-jura/kildalton-cross.shtml

    Ook prachtig is de wandeling naar de Mull of Oa en het American Monument. Het herdenkt het zinken van de Amerikaanse troepentransportschepen Tuscania en Otranto in 1918, hier voor de kust. De Tuscania werd op 5 februari 1918 getorpedeerd door een U-boot met 2000 mensen aan boord. 266 van hen verdronken, de meesten wanneer hun reddingssloepen hier tegen de rotsen te pletter liepen. Op 6 oktober 1918 botste de Otranto, met 1000 soldaten aan boord, met de HMS Kashmir. Wanneer het gehavende schip naar de rotsen van Machir Bay dreef, haalde de destroyer HMS Mounsey honderden mensen van het schip, maar uiteindelijk zullen er nog 431 verdrinken in de koude wateren voor de kust. Wanneer je op de top van de Oa staat bij mooi weer krijg je prachtige vergezichten over het North Channel, de zee tussen Islay en Ierland, maar zelfs in de zomer waait de wind er hard, en je kan je amper inbeelden hoe het hier moet zijn tijdens een winterstorm. Geen plaats voor kinderen trouwens !

     

    mullofoa.jpg

     

    Vlakbij Kilchoman Distillery, op de Atlantische kustzijde van het eiland, liggen Machir Bay en Saligo Bay, mooie stranden met uitzicht. Als de zon schijnt zijn ze lieflijk en mooi, met prachtige zonsondergangen, maar bij slecht weer zijn ze woest en indrukwekkend. Saligo Bay is met zijn vreemde rotsformaties de mooiste.

     

    saligobay.jpg

     

    Helemaal in het puntje, maar je moet daarvoor terug naar Port Charlotte om aan de andere kant de kust te volgen, ligt Portnahaven, in de 19de eeuw planmatig aangelegd als investering. Het is een echt vissersdorp, naast Port Wemyss, waarmee het een kerk deelt. Een kolonie grijze zeehonden of kegelrobben heeft in het haventje zijn favoriete zonnestek, en je kijkt uit op de vuurtoren van de Rinns of Islay, in 1825 neergezet door één van de Stevenson's. Naast dit mooie uitzicht ligt er ook één van de leukere pubs van het eiland, An Tigh Seinnse, een heel kleine en gezellige huiskamerpub met goed bier.

     

    portnahaven seals.jpg

     

     http://www.islayinfo.com/islay_finlaggan_lords_of_the_isles.html

    http://www.islayinfo.com/islay_kildalton_cross.html    

    http://www.islayinfo.com/islay_oa_peninsula.html   

    http://www.islayinfo.com/portnahaven.html

     

     

  • Het schreeuwen van de meeuwen: een bezoek aan de distillerijen van Islay

    Pin it!

     

    laphroaig tasting.jpg

    Laphroaig: Ready to taste ?

     

    Al meer dan 25 jaar reist een behoorlijk anglofiel vriendenclubje, lang met z'n twee, nu met vier, naar Groot-Brittannië. Nadat eerst Engeland in alle hoeken en gaten verkend werd volgden Wales en Schotland, en wie Schotland wil leren kennen komt vroeg of laat terecht op het Mekka van Schotse whisky: Islay. Het eiland ligt aan de westkust van Schotland, heeft 3000 inwoners en acht distillerijen en is eerder moeilijk te bereiken: met auto en ferry vanuit Glasgow (een goeie zes uur) of met een vliegtuigje dat indien het weer het toelaat twee keer per dag vanaf dezelfde plaats vliegt. Maar zoals alle dingen zijn de beste diegenen waarvoor je het meest moeite moet doen, en op een grijze dag in mei landden wij met z'n vieren, klaar voor een huurauto en een trip langs Islay's distilleries.

    En wat is er dan meer logisch dan te starten met de oudste distilleerderij van Islay ? Het stadje Bowmore werd in 1768 gesticht door Daniel Campbell, een ontwikkelaar, en is vandaag de administratieve hoofdstad van het eiland. Op de cirkelvormige kerk in de hoofdstraat na, is er niet veel te zien, maar het is het thuis van Bowmore, de oudste distilleerderij van het eiland, officieel opgericht in 1779. In een ver verleden was dit de eerste whisky die mij echt deed opkijken en ik heb er altijd een boontje voor blijven houden. En soms is een kennismaking in den lijve met zo'n verre vriend een teleurstelling, maar hier was het een bevestiging.

     

    bowmore.jpg

     

    Bowmore Distillery ligt op de oever van Loch Indaal, een sealoch, een grote inham dus, en is bekend voor het zilte karakter van zijn whiskies. De rijpingskelders liggen dan ook onder de zeespiegel, de wind blaast het zoute zeewater de kant op in de winter, en op de één op de andere manier proef je dat...de man die mij ooit ermee deed kennismaken beweerde dat Bowmore smaakt naar "het schreeuwen van de meeuwen, het gebeuk van de golven op de kust en de wind die in de winter het zeeschuim aan wal blaast."...en gelijk heeft hij ! Het is ook één van de drie distillerijen die nog zelf een deel van hun gierst mouten, en net als bijna alle anderen wordt die stevig geturft of peated, waarbij in een stookplaats onder de gierst turf wordt gebrand om de whisky later een stevige, rokerige turfsmaak te geven.

     

    bowmoremalt.jpg

     

    De rondleiding hier is heel goed, het is een pracht van een distillerij, en ze laten je zo goed als altijd ook een specialleke proeven. Die dag was dat een 15 jaar oude, gerijpt in een Bordeaux-vat (Seguin-Moreau), en de liefhebbers mochten voor 100£ zelf hun fles vullen. Ik heb het niet gedaan, het was wat buiten mijn budget, maar ik heb hem wel geproefd en parbleu! or should I say damn! what a whisky! so rich and complex...

    www.bowmore.com

     

    DSC05782.JPG

     

    Volgende distilleerderij op de agenda was Caol Ila, en alhoewel we daar erg naar uitkeken was dit een teleurstelling. De whisky-crisis van de jaren 70 zorgde ervoor dat de oude gebouwen werden afgebroken en vervangen door een foeilelijke blok met de uitstraling van een betonnen stoeptegel, en de ligging, recht tegenover Jura, maakt maar een klein stukje goed. In het hele complex werken maar 8 mensen, maar er worden enorme hoeveelheden gemaakt, ondermeer voor blends als Johnnie Walker en Black Bottle. Het komt allemaal wat zielloos en industrieel over, de rondleiding was routineus en werd snel afgehandeld, en het stond allemaal scherp in contrast met de vriendelijkheid en passie bij Bowmore. We proefden een Distillers Edition, gerijpt op een mix van Bourbon en Moscatel vaten, heel rijk en fruitig, met honingtoetsen en een mooie rokerigheid, een heel aardige whisky. De 12 yrs Old, die we hier niet proefden, is lichter dan veel andere van het eiland, maar blijft wel duidelijk Islay, en ik drink hem wel graag. Leuke polo's wel !

    http://www.malts.com/index.php/en_row/Our-Whiskies/Caol-Ila

     

    DSC05789.JPG

    Het gaat over smaak, maar het gaat ook over imago, en nergens leken ze dat beter begrepen te hebben dan bij Ardbeg, maar als je weet dat LVMH (Louis Vuitton Moët Hennessy) de eigenaar is, dan is dat ook normaal. Je kan echt spreken van een Ardbeg-experience, en de rondleiding hier was fenomenaal. Nog een dosis humor erbovenop en een aantal prachtige whiskies en dit is by far de leukste distilleerderij van het eiland. Ardbeg gaat er ook prat op om de meest peated whisky van Islay te maken. De rondleiding hier kostte het dubbele van de andere, maar de tasting achteraf was zonder enige twijfel de beste. Die begon met de Blasda, een buitenbeentje bij Ardbeg omdat hij maar licht geturfd is (zachte, kruidige neus, licht rokerig). Na de inderdaad stevig geturfde 10yrs Old kwam de Alligator, een dijk van een whisky die zijn naam kreeg van de heel hevig gebrande Jim Bean vaten waarop hij rijpte (hout en zelfs roet, en heel lang en heel complex). Ik vond ook de Uigeadail (80% Bourbon-vat en 20% Sherry-vat) uitermate lekker (het aroma van een flakkerend houtvuur, en in de mond heel zacht en zelfs wat zoet, met een mooie rokerige afdronk. De afsluiter was de heftige Corryvreckan (zwarte chocola, vanille, olie en zwart fruit). Uitstekende lunch ook.

    www.ardbeg.com

    ardbeg.jpg

    Voor wandelaars en fietsers en whisky-liefhebbers is dit eigenlijk ideaal: drie prachtige distilleerderijen naast elkaar. Laphroaig, de tweede, is een beetje een buitenbeentje omwille van de Iodine wat de whisky een heel aparte smaak geeft waar sommige mensen gek op zijn (en sommigen niet). Ze beweren er dat ze bij sea fog de deuren van hun magazijnen laten openstaan zodat de aroma's van wat eigenlijk rottend zeewier is in de vaten kunnen doordringen. Hun Quarter Cask, de whisky die wij proefden rijpt dan ook nog eens in kleinere vaatjes zodat er meer blootstelling is aan zowel eik als buitenlucht. Hij is met zijn 48° ook een pak straffer, maar we proefden vooral een intense, rijke en mooi rokerige whisky.

    www.laphroaig.com

    laphroaig.jpg

    Lagavulin is de traagste en meest bedachtzame van de drie. Hij heeft het langzaamste distillatieproces, wat de whisky ronder en zachter zou maken, en de standaardfles is de 16yrs Old, een pracht van een whisky met honing en appelsien- en citrustoetsen naast een erg mooie rokerigheid (hij is eveneens stevig geturft). Wij proefden ook de 12yrs Old die een goeie reputatie heeft maar ik vond de turf té sterk naar voren komen. Vanuit de distilleerderij zie je de ruïnes van Dunyvaig Castle liggen, uitkijkend over wat ooit de basis was van de vloot van de Lord of the Isles.

    http://www.malts.com/index.php/nl_be/Onze-whisky-s/Lagavulin

    Op de westkust van Islay ligt een unieke Farm Distillery, Kilchoman. Het is een nog heel jong bedrijf, opgericht in 2005 door de ervaren Anthony Wills, en het is een unieke belevenis omdat ze hier nog alles zelf doen, en op een erg kleine en bevatbare schaal. Ze kweken zelfs hun eigen barley die ze ook zelf mouten en turven. De whiskies zijn nog jong, de basisfles, de Machir Bay, is maar 5 jaar oud, maar ze zijn zich al een aardige reputatie aan het verwerven. En ze zijn er bijzonder trots op om nooit ofte nooit caramel toe te voegen om meer kleur te krijgen...Ik vond de Machir Bay (unchillfiltered, 46%) erg zacht en evenwichtig. De 100% Islay was wat te straf naar mijn smaak. Uitstekende lunch ook !

    www.kilchomandistillery.com

    kilchomans still.jpg

    Kilchoman's distilleerinstallatie

    Ook op de westkust ligt Bruichladdich, de laatste distillerij die we bezochten. Eerlijk gezegd voor mij een nobele onbekende, maar het was één van de "sympathiekste" van allemaal. Het huis heeft een tumultueuze geschiedenis gekend van sluitingen en heropeningen, maar in 2000 kocht Mark Reynier, een Londense wijnhandelaar, samen met een groepje investeerders het bedrijf voor 7,5 miljoen pond, naar het schijnt omdat hij het niet meer kon aanzien dat zo'n mooi merk van de markt verdwenen was. Hij investeerde in de heropstarting, maar vanaf het begin investeerde hij ook in personeel en vandaag werkt hier 65 man, wat zeer veel is voor een disitilleerderij (bij Caol Ila zijn ze met 8). Je merkt dat in de shop en tijdens de rondleiding, de werknemers hier zijn zéér begaan met hun bedrijf. Voor Mark was het ook een goede investering, want in 2012 werd Bruichladdich verkocht aan Remy Cointreau voor 58 miljoen pond. Alhoewel hij ze liever zelfstandig had zien verder groeien...

    www.bruichladdich.com

    bruichladdich mouton.jpg

    Interessante vaatjes bij Bruichladdich...

    Tijdens de leuke tasting proefde ik de Port Charlotte Heavily Peated, een stevig geturfde whisky, en de Tina Mackinnon Port Charlotte, een 12 jaar oude whisky die rijpte op Franse eik, en die werd genoemd naar één van de medewerksters, een eer die elk personeelslid blijkbaar ooit te beurt valt. Hier wordt ook de Botanist Gin gestookt, de enige Gin die op Islay wordt gemaakt, in de Ugly Betty, een oude still die uitsluitend hiervoor wordt gebruikt. Mooie gin overigens !

    bruichladdich port charlotte.jpg

    Ik heb het een heel volwassen leven lang moeilijk gehad met whisky. Ik heb er een beetje schrik van, gezond is het uiteindelijk niet, maar ik begreep het ook niet. Tijdens onze drie whisky-reizen heb ik echter veel geleerd en vandaag ben ik vol ontzag voor de rijkdom van dit wereldje. Ik blijf meer een ruiker dan een drinker, maar sommige whiskies hebben een neus die echt ongelooflijk is, en die van Islay zijn daar heel straf in. En ik heb geleerd om héél traag te drinken...

    Alles over Islay: www.islayinfo.com

     

  • Here Come the Summer Wines 2014: rood.

    Pin it!

    Ook hier was de eerste wijn meteen een schot in de roos. Hij bleef ook overeind in het gezelschap van de later geproefden en werd zo de CSP Summer Wine 2014 in rood. De Tradition, Marion Pla, Saint-Chinian, 2009 wordt gemaakt in Cazouls-les-Beziers, op de domein van de familie Pla, oorspronkelijk afkomstig uit Spanje. Jean-Pierre Pla was "de moeilijke" van de lokale coöperatieve omdat hij als eerste groene oogst toepaste en later ook weigerde te irrigeren. Toen de coöp failliet ging belde hij zijn dochter Marion op, die op stage was in Nieuw-Zeeland, en vroeg haar terug te komen en zelf wijn te beginnen maken. Vandaag heeft Marion de touwtjes in handen. Ze doet nu al een tijdje aan enherbement en is bezig met de reconversie naar bio. Deze prachtwijn bestaat uit 50% grenache, 30% syrah, 15% mourvèdre en 5% carignan. In de neus heel zuiders, met zoethout, zwart en rood fruit, en een mooie kruidigheid die af en toe wat rokerig werd. In de mond was hij vlezig, fruitig, met veel body en een frisse finish. **(*) dus, en al even mooi als zijn maakster. Op een degustatie gekocht aan 5,14 euro, maar de huidige catalogusprijs is 6,9 euro. Te koop bij Wijnen Michel in Sint-Martens-Bodegem.

    marionpla.jpg

    www.marionpla.fr www.wijnenmichel.be

    Van de vijf andere roden was er eentje foutief en werd er eentje uitgesloten vanwege wel héél ver boven de limiet (13,5 euro), maar de drie anderen waren ook mooi en kregen eigenlijk dezelfde score. Ze waren echter ook duurder en werden dus niet verkozen als Summer Wine 2014. Het feit dat hun makers iets minder knap zijn had er misschien ook iets mee te maken.

    De Red, Heinrich, Burgenland, 2012, 9,45 euro bij Leirovins (Wetteren) is een blend van Zweigelt en Blaufränkisch en een beetje St-Laurent, en werd door één lid al snel herkend als Oostenrijks. In de neus was hij complex en interessant met overwegend rode bessen maar ook nog veel anders, en in de mond was hij fris en strak, de eerste tien minuten met wat teveel chocolade, maar dat verschoof naar iets als blonde tabak. Leuke afdronk ook, en eveneens **(*). Een mooie wijn voor wie eens origineel uit de hoek wil komen.

    De Carton Rouge, Domaine de la Péquélette, Côtes du Rhône, 2012 startte vreemd, met een zeepgeurtje, maar trok zich al snel terug recht. Dan kwam er een heel dense wijn tevoorschijn met heel veel body, met kruiden en fraïcheur en mooie tannines in de afdronk, een stevige knaap die meemag naar de barbecue. Ook **(*), en 8,6 euro bij Proef De Passie in Ninove.

    De Les Jardins, Domaine Saint-Antonin, Faugères, 2012 toonde nog maar eens wat voor een onderschatte wijnregio de Faugères wel is. Deze blend van in hoofdzaak Grenache met Syrah en Carignan, had een complex en zelfs intrigerende aroma dat wat aan een rum-cake deed denken. In de mond fijn gestructureerd, redelijk zacht en intrigerend, maar hij miste een beetje fraîcheur. Toch wel **(*) voor een fles van 7,35 euro bij Vine De Vos in Torhout.

    www.heinrich.at www.lapequelette.fr www.domainesaintanonin.fr

    www.leirovins.be www.proefdepassie.be www.vinedevos.be

     

  • Here Come the Summer Wines 2014: Wit.

    Pin it!

    Voor onze tweede Here Come the Summer Wines was de opkomst iets lager, maar de selectie opvallend beter, en iedereen had serieus zijn best gedaan. Het gevolg was dan ook een mooie reeks wijnen, onder de tien euro, en met een paar exemplaren die maakten dat er serieuze koopintenties ontstonden. Daarom werd besloten om volgend jaar nog iets meer de wijnhandelaren te betrekken (en te vissen achter volumekorting :-)). Ik vermeld hier alleen wat goed of interessant was, de tegenvallers bespreek ik niet. Alle wijnen werden blind geproefd om elk vooroordeel de wereld uit te helpen.

    De degustatie begon al meteen goed met een erg mooie witte die het nipt niet haalde als kampioen. De La Tète Blanche, Nicolas Grosbois was een 100% sauvignon uit de Touraine, speciaal gemaakt voor Titulus Pictus in Brussel, aangekocht bij Surlie in Leuven voor 8,9 euro. Hij werd gevinifieerd in de natuurlijke stijl, zonder of met minimale toevoeging van sulfiet. In de neus onmiddellijk appeltjes, en vooral het witte vruchtvlees, echt krokant, later evolueerde dat naar oogstappeltjes naarmate de wijn opwarmde en ademde. In de mond mooi fruitig, met een erg mooie frisse mineraliteit en redelijk veel body. *** om mee te beginnen en alleen niet als eerste geëindigt omdat er een ex-aequo was en de andere net iets goedkoper. Mooie start !

    www.domainegrosbois.fr www.surlie.be

     

    corbillieres2011.jpg

     

    Na een leuke en vooral goedkope Chileen, de Sauvignon - Riesling - Gewurztraminer, Casas Patronales, 2013 (5,49 euro in promotie bij Bu-V in Werchter, *(*) voor zijn fruit en zijn gezellige eenvoud én zijn prijs) en een erg interessante maar gediskwalificeerde (10,25 euro) Moldaviër, de Sauvignon de Purcari 2010 (boter en bloemen in de neus, goed gestructureerd en vlezig in de mond, **(*) en dus nieuwsgierig naar meer van dit huis), kwam de CSP White Summer Wine of 2014, de Domaine des Corbillières, Touraine, 2012.In de neus varens, kruisbes en kattepis, en in de mond een hele mooie mineraliteit, mooi fruit, heel droog en goed gestructureerd, de perfecte wijn voor zeevruchten en gegrilde vis. Hij kostte 7,35 euro bij Magnus in Deurne en was dus de goedkoopste van de drie wijnen die 16/20 hadden gekregen.

    www.bu-v.be www.casaspatronales.com www.purcari.md www.domainedescorbillieres.com www.magnuswijnen.be

    Er kwam nog een mooie witte na, de Sauvagine, Hautes Terres de Comberousse, 2011 van Proef de Passie. Troebel gekleurd en dus ongefilterd. In de neus boter, yoghurst zelfs en in de mond zacht met een mooi bittertje, droog, intrigerend en zelfs wat vettig, en met de beste afdronk van de avond. Het was een 80% grenache blanc en 20% rolle uit de Coteaux du Languedoc, en een fascinerende wijn voor weinig geld, maar niet geschikt als apero, wel voor bij het eten of voor bij lange gesprekken. 8,90 bij Proef de Passie. Het domein was ooit één van de eerste om goede witte Languedoc te maken en doet geen smaakconcessies aan de markt. De nochtans perfect droge witte wijnen hebben vaak aroma's van gember of honing.

    www.comberousse.com  www.proefdepassie.be  

     

  • Salvo Foti: I Vigneri

    Pin it!

    Salvo Foti is gebiologeerd door de wijngaarden en wijnrassen van de Etna, en ergens rond 2000 richtte hij I Vigneri op, een bedrijf dat zich wou concentreren op het delen van kennis en ervaring met het maken van Etna's wijnen. De naam gaat terug op een associatie uit 1435, La Maestranza de I Vigneri, een gilde van wijnmakers. In 2009 werd het een consortium van 7 wijndomeinen, met wijngaarden op de eilanden Lipari en Pantelleria, in Caltagirone, op de hellingen van de Etna en in het natuurreservaat van Vendicari. De eigenaars zijn druiventelers van vader op zoon, maar ook artiesten en zakenlui, maar allemaal beloofden ze wijn te maken met respect voor het terroir en de tradities van Sicilië. Salvo Foti is de centrale figuur.

    We proefden zes wijnen, twee van het eiland Lipari en vier van de Etna.

    1: Bianco Pomice, Tenuta di Castellaro, 2010:

    Het Castellara-landgoed ligt op het eiland Lipari, het grootste van de Eolische eilanden. Het ontstond ooit door een enorme vulkaanuitbarsting, en de laatste eruptie dateert uit 1230. Het is een prachtige, maar ook wat eenzame plaats die zowel onder de Romeinen als onder Mussolini fungeerde als verbanningsoord. De wijngaarden liggen aan de zee, de planten worden gesnoeid in alberello vorm en worden biologisch beheerd.

    pomice.jpgDe naam Pomice verwijst naar de uitbarsting uit 729 die de Monte Chirica bedolven onder 200m puimsteen, of pomice. De wijn is een blend van 60% Malvasia delle Lipari, 30% Carricante en 10% andere lokale rassen. De Malvasia fermenteerde op inox, de Carricante op gebruikte eik. Hij rijpte zes maanden sur lie. 2010 was een moeilijk jaar met veel regen tijdens de oogst. 27,9 euro bij Surlie.

    Zuurtjes en wat boenwas in de neus. In de mond mollig en vet, maar ook met mooie zuurtjes en mineralen. Mooi lang. Een zachte en heel vrouwelijke wijn die door de andere snel zou worden weggeblazen, maar die heel aangenaam en lekker was. **(*)

     

    castellara2.jpg

    2: Nero Ossidiano, Sicilia IGT, Tenuta di Castellaro, 2011

    Obsidiaan is net als puimsteen een lava-gesteente, maar het bevatte minder water (maar 3 tot 4%) en is een vulkanisch glas. Ooit was het begeerd als grondstof voor messen en sieraden. Bij de uitbarstingen op Lipari ontstonden twee stromen lava die zich omzetten in obsidiaan. ossidiano.jpg

    60% Corinto, 35% Nero d'Avola en 5% andere. Corinto is een van oorsprong Griekse druif die op Sicilië voorkomt en houdt van een zanderige ondergrond, nooit kennismaakte met phylloxera en goed tegen de harde wind kan die hier vaak voorkomt. Wijngaarden op 350m hoogte. Zeer goed jaar met veel regen in het voorjaar en een lang, droog en warm plukseizoen. 27,9 euro bij Surlie.

    Stevige neus met veel fruit maar ook heel sterk de geur van groene cacaobonen. Ook in de mond mooi fruit, heel zuiver en aangenaam, echt mooi. ***

     

    castellara.jpg

    3: Vinujancu, Sicilia IGT, I Vigneri, 2010:

    Druiven van de Nave wijngaard in het district Agro di Bronte, op de Noordzijde van de Etna, op 1200m hoogte. Carricante, Riesling Rhenano, Grecanico en Minella, door elkaar aangeplant. 0,4ha, aangeplant in 2005. Gesnoeid volgens het alberello-systeem. 10.000 stokken per ha. Bio. Geen koeling, geen vreemde gisten, geen filtering en overheveling en botteling bij de juiste stand van de maan. Vinificatie op houten vaten van 500l. Moeilijk jaar. 35 euro.

    Heel kruidige neus, kruidenkoek, Jip & Janneke krenten, Echte Werthers, room, heeel complex en continu verschuivend. In de mond eerst romig en kruidig, met heel mooie mineraliteit. Heel lang en droog à la sherry of een Jura wijn. Fascinerend. ***(*)

     

    vinujancu.png

     

    4: Vinudilice, Sicilia Rosato, I Vigneri, 2010:

    Eén van de speciaalste wijnen van de avond: een rosé van 35 euro ? en een field blend van rode en witte druiven ? dat zijn twee cliché's om zeep in één slok...

    De druiven voor deze wijn komen van de Bosco wijngaard op 1300m hoogte, en meteen dus de hoogste wijngaard van Europa. Hij is 0,35ha groot en ligt in het midden van een woud met steeneiken of querus ilex (vandaar de naam), in het district Agro Bronte. De aanplant bestaat uit Alicante, Grecanico, Minella en nog andere waarvan men niet goed weet welk ras ze zijn. De gemiddelde leeftijd is 100 jaar, maar sommige stokken zouden tegen de 200 jaar lopen. Ze staan in alberello, met een aanplantingsdichtheid van 10.000 stokken per ha, met andere woorden één per m². Alle druivenrassen worden samen gefermenteerd, een field blend dus, wat een rosé wijn oplevert die wordt gevinifeerd op oude houten vaten van 500l. Er wordt niet gekoeld of gefilterd en er worden geen vreemde gisten toegevoegd. Bij het overhevelen en bottelen wordt rekening gehouden met de stand van de maan. 35 euro bij Surlie.

    Zalmroze. In de neus elegant, fruitig en vooral ruikend naar pasgemaakte aarbeienconfituur (maar dan hele goeie). In de mond is dat duidelijk een confituur van bosaardbeitjes, en de wijn is droog, fris en elegant en zéért zéér lang. Eén van de betere rosé's die ik ooit dronk en een fantastisch verhaal, maar een beetje zwaar geprijsd. Zijn geld waard indien je het verhaal kent. ***

     

    boscovineyard.jpg

    http://winevirtuosity.com/sicilian-wine-adventures-part-27-i-vigneri-always-remember-wine-is-made-with-grapes/

     

    vinudilice.png

    5: I Vigneri, Vino Rosso, 2012

    Nerello Mascalese en Nerello Cappuccio. Gemaakt met de druiven van verschillende eigenaars en voor het eerst gemaakt in 2005 toen de oogst zo rijk was dat Foti en de andere Vigneri besloten om een wijn voor zichzelf te maken in een oude palmento. De eerste 200 gingen naar Japan, de volgende 200 naar de VS, 500 gingen naar de Vigneri zelf voor eigen consumptie. De laatste 100 waren voor Salvo zelf. Hij wordt bijna elk jaar gemaakt, maar soms zijn de hoeveelheden zo klein dat er geen verkoop is en ze zelf alles opdrinken. Voor Foti ligt deze wijn heel dicht bij de wijn die zijn grootvader maakte. Gevinifieerd in cementen kuipen en bassins uit lavasteen zonder koeling, in een oude palmento. De Italiaanse staat verbied trouwens om "hygiënische redenen" het wijnmaken voor commerciële doeleinden in zo'n palmento. Geen vreemde gisten, geen filtering. Bij het overhevelen en bottelen werd rekening gehouden met de stand van de maan. Minieme hoeveelheden sulfiet, uitsluitend bij het bottelen. Ongeveer de helft van de flessen gaat naar de leden, de andere helft wordt verkocht. Zeer kleine productie en zeker in 2012 wat een heel geconcentreerd jaar was. 27,9 euro.

    Harde, heel geconcentreerde neus, donker karakter, "Mordor-fruit", Vicks, continu evoluerend, een "pak mij voor ik u pak" madam. In de mond strak, droog en ronduit magnifiek. Prachtige evolutie. Een aantal CSP leden was zwaar onder de indruk. Onwaarschijnlijk lekker. ****

     

    i vigneri.png

     

    6: Vinupetra, Etna Rosso, I Vigneri, 2007:

    Nerello Mascalese, Nerello Cappuccio, Alicante en Francisi (een verzamelnaam voor druivenrassen waarvan ze niet goed weten wat het precies is). Druiven van de 0,5ha grote Calerera-wijngaard in Castiglione, in het Feudo di Mezzo district op de noordkant van de Etna, op 700m boven zeeniveau, in één van de oudste kraters van de Etna. Meer dan 100 jaar oude stokken, 10.000 per ha, gesnoeid in alberello. Geen koeling in de kelder, geen vreemde gisten, geen filtering. Bij het overhevelen en bottelen werd rekening gehouden met de stand van de maan. 49,9 euro bij Surlie.

    Complexe, donkere neus. Heel afgerond in de mond, een beetje medicinaal in zijn concentratie, iets té perfect. Beetje teveel confituur, beetje saai. Mooie lange afdronk wel. Een goede wijn maar we begrepen hem niet helemaal. ***

     

    vinupetra.png