cotes de provence

  • CSP goes Provence

    Pin it!

    DSC00221
    Normaal gezien gaat CSP in juli en augustus in zomerreces. Maar het moet worden toegegeven, twee maanden zonder wijnsessie houden we eigenlijk al jaren niet vol. En omdat er deze keer aardig wat CSP'ers in het land waren in juli werd besloten om geen BYOB te doen, maar om de popelende Tom de kans te geven zijn Provencaals ei te leggen. Dat had moeten gebeuren in Gert's mooie tuin, maar het normale subpolaire Belgische zomerklimaat (zo ongeveer de temperatuur van een ontmoeting tussen Joëlle Milquet en Bart Dewever) dreef ons helaas naar binnen. Omdat dat dan weer het geurvermogen bevoordeelde weenden wij niet, maar wij gooiden ons welgemutst op deze harde taak: een Provence degustatie.

    Het moet worden gezegd: ik was zeer nieuwsgierig. Sommige, al dan niet met metsersspleet pronkende, wijnliefhebbers zijn die-hard liefhebbers van wijnen uit de Provence. Deze bandeloze Bandolezen wijden complete blogs aan de geneugten van de grote rode wijnen van deze regio en het benieuwde me zeer of deze microbe aanstekelijk zou werken. Temeer daar Tom (bij de BB's gekend als Venne) ons beloofde om ook op dronk zijnde exemplaren mee te brengen, een niet wegdenkbaar voordeel voor deze tanninetijgers.

    Het startte eigenlijk zoals ik verwacht had. Ik ben al lang een grote liefhebber van de betere witte uit het zuiden van Frankrijk en de drie meegebrachte exemplaren stelden niet teleur. De twee eerste (de Blancs de Blancs van Domaine Trians en Domaine Mas Berthe, beide 2005) waren heel typerend én lekker, de derde eigenlijk voor dat eerste heel wat minder, maar hij was dan weer zo goed, zo rustig en beschaafd dat hem dit vergeven werd (Domaine des Planes, 2006).

    De reputatie van de Provencaalse rosé's is tweesnijdend: een zee van lichte terraswatertjes met daar doorheen dobberend de jerommekes van de Bandol. De eerste, de Mas Sainte Berthe 2006, was nog echt een, weliswaar superieur, Provencaals zomerroséke, gewoonweg heel lekker, maar de tweede, de Chateau Pibarnon 2006, begon al duidelijk wat ambitieuzere karaktertrekjes te vertonen: een complexe, trage, nadenkende rosé, mijlenver weg van de eerste. Nummer drie veroverde ons hart: de Domaine Tempier 2006 is één van de beste rosés die ik in mijn leven al proefde. Geen fles om te delen (of het moet met de allerbeste….) maar om leeg te drinken, slokje per slokje, alleen op je dakterras met zicht op zee, terwijl je naar de ondergaande zon kijkt en mijmert over het leven.

    Rood. Donkerrood. We kregen acht rode Provence's voorgeschoteld en leerden twee dingen: er zijn tamelijk uiteenlopende stijlen en geen van deze wijnen kon klagen over een gebrek aan karakter. Eigenlijk vonden we ze alle acht goed, met helaas, helaas, een nogal duidelijk verband tussen kwaliteit en prijs, op één uitzondering na. Om toch nog een beetje eenvoudig te beginnen kregen we eerst de Cuvée Louis David 2004 van Domaine Mas Saint Berthe, een Beaux de Provence, achter de kiezen. Een aardige, fruitige en sympathieke wijn die iedereen kon appreciëren. Het Jerommeke dat hierna in het glas kwam was wat controversiëler: een rokerige en erg krachtige Côtes de Provence uit 2003 van het Domaine Miraval. Niemand schrok ervan dat het domein een Amerikaanse eigenaar had. Sommigen hielden van deze wijn, anderen hadden het moeilijk: de nieuwe eigenaresse van dit domein, Angelina Jolie, riep dezelfde discussie op. Die de kop werd ingedrukt door wijn nummer drie: de Cotes de Provence 2001 van Domaine Sorin, de man van de draaiende fermentatievaten, die zijn bourgondische afkomst niet kon verstoppen. Een hele, mooie, elegante wijn, eerder een intellectueeltje, meer Nicole Kidman, die mij enorm kon bekoren (de wijn, dus). Leuk geprijsd ook. Na twee kneusjes, OK lekkere kneusjes, in-mijn-kelder-welgekomen kneusjes, maar toch een beetje, allé, u begrijpt wat ik bedoel, dipjes (Cuvée St Clement, Domaine Trians en Domaine de Marchandise, Mourvèdre, 2005) kwam er eentje voorbij van het postuur Aretha Franklin: indrukwekkend, schoon, maar er een beetje over…dat was de Bandol 1999 van Domaine Sorin, daarstraks nog zo bevallig. En dan draaide de wereld rond zijn as, vielen vooroordelen als aangeschoten eenden uit de lucht en zag Rick het licht. De Bandol 2003 van Domaine Pibarnon was de meest evenwichtige wijn van de avond, een wijn die bijna perfect was in zijn prijsklasse, een schitterende diepgang ook, gewoon indrukwekkend goed. Maar nog niks vergeleken met de volgende: de Domaine Trevallon 1999. Geen over-the-top Angelina, geen wat al te icy Nicole, geen Aretha-bom: Uma Thurman in Kill Bill. Vrouwelijk, geraffineerd, complex, dodelijk lekker. Vier ♥♥♥♥, en dat was weer even geleden.