druivenrassen

  • Ontmoetingen met een druif: Pignoletto

    Pin it!

    Italië is een schatkamer van druivenrassen waaraan geen einde lijkt te komen. Zo vond ik onlangs bij Raineri een aantal flessen die met de pignoletto druif gemaakt werden en thuisgekomen bleek er zelfs een pignoletto website te bestaan.

    De druif is een familielid van de grechetto en komt voor in de Emilia-Romagna, de wijnstreek rond Bologna, en ondermeer de DOC Colli Bolognesi werkt ermee. De naam zou van pigna komen, het Italiaanse woord voor dennenappel, alhoewel er ook beweerd wordt dat het dezelfde druif zou zijn als de Romeinse Pino Lieta, die in oude geschriften wordt vermeld.

    Vandaag wordt er vooral een frizzante mee gemaakt, een echte zomerwijn in de stijl van de vinho verde, smakelijk, fris en zonder pretentie, maar er bestaat ook een stille wijn en een echte spumante. Meidoorn schijnt de meest karakteristieke geur te zijn (weer even geleden dat ik daar nog in hing). Hij moet jong gedronken worden.

    Ik proefde er voorlopig twee:

    Pignoletto, Frizzante, Colli Bolognesi DOC, Cieto Charli, NV: Deze non-vintage (geen jaargag) kocht ik bij Rianeri voor een bescheiden 6 euro. Hij was strogeel van kleur en sprankelend, had een wat krudige neus met wat onrijp fruit, en was in de mond zeer verfrissend maar echt wel zeer eenvoudig met een tikje kruidigheid en een nogal flauwe finish. Moet wel goed zijn wanneer het héél warm is. * Cieto Charli is eigenlijk gespecialiseerd in Lambrusco (en goeie, trouwens).

    Sit A Montui, Pigoletto Superiore, Tenuta Santa Croce, Colli Bolognesi, 2010: 8,15 euro bij Raineri. Een stille wijn, eveneens strogeel, het aroma lag tussen appel en peer. Leuke mondindruk, fris en elegant met een fijne fruitigheid, lekker lang ook. In de zomer in de schaduw van een fruitboom, met wat koude kip en een salade. *(*)

     

    pignoletto_druiven.jpg

     

  • Ontmoetingen met een druif: de groppello di revo

    Pin it!

    Groppello is afgeleid van het woord gropo dat knoop betekent en slaat op de vorm van de druiventros. Er zijn dus een paar druivenrassen in Italië die deze naam meekregen. De groppello di revo is één van de oude druivenrassen van de Trentino regio, door een handvol wijnmakers uit de vergetelheid gered. Het Istituto Agrarico di San Michele all'Adige ziet ze als een genetisch duidelijk onderscheiden druivenras dat alleen in de regio (vooral in de Val di Non) voorkomt en bijvoorbeeld sterk verschilt van de groppello van het Garda-meer. Om de biodiversiteit groter te maken moedigt ze het werken met deze druif terug aan.

    Groppello-wijnen, zoals ze gewoonlijk worden genoemd, met weglating van de di revo, zijn over het algemeen zeer donker gekleurd. In de neus zijn ze gewoonlijk kruidig, in de mond hebben ze eerder zachte tannines, de finish is zacht.

    groppello.jpg

    Ik proefde de El Filo, Vigneti delle Dolomiti, Pravis, 2004. 11,5 euro bij Raineri in Zwartberg. Drie weken schilweking, vier maanden op één jaargang oude barrique.  Zeer donker van kleur. ingehouden aroma, gedroogd fruit, peper; in de mond fris in de attaque maar snel een kruidigheid en zachte tannines. Zachte maar ook erg rustieke wijn met wat karakter en veel kleur. Zou ook erg gezond zijn... *(*)

     

  • Ontmoetingen met een druif: de braucol of fer servadou

    Pin it!

    Elke wijnliefhebber weet dat landen als Italië of Portugal schatkamers vol obscure maar interessante druivensoorten zijn, maar ook Frankrijk heeft zijn eigen rariteiten die door het succes van de grote druivenrassen in de vergetelheid gedrukt werden maar die nooit helemaal verdwenen.

    Eén van die rare jongens is de braucol, ook bekend onder de naam fer servadou, pinenc of mansois. Marcillac is de enige AOC waar ze als fer servadou de hoofdrol speelt, maar ook in de Gaillac wordt ze af en toe als monocépage gebotteld (alhoewel ze er gewoonlijk geblend wordt met syrah en duras). In Madiran speelt ze als pinenc een kleinere rol in de blend.

    Het is niet geheel duidelijk waar de druif vandaan komt, maar eerste DNA testen verwijzen naar een verwantschap met cabernet franc. In blends wordt de druif gebruikt om kleur en aroma te leveren. Typische aroma's van de braucol zijn cassis, bessen, kersen, frambozen. In de literatuur worden ook rabarber en groene peper vermeld. Heel typisch in de mond is de relatief hoge zuurtegraad die de wijn erg fris maakt.

    Ik dronk de Braucol 2002 uit de Gaillac van Robert & Bernard Plageoles, vader en zoon, en allebei gek op oude druivenrassen. Ze zijn vaak te vinden in lokale archieven waar ze opzoekingen doen rond oude druivenrassen en hun terroir, maar ze maken ook wijn met deze oudjes. Deze fles kocht ik in 2005 voor 8,25 euro bij Cavopro. In de neus vond ik kersen en bosvruchten en veel tertiaire elementen als truffel, paddestoelen, roet; in de mond over heel de lijn erg fris, geen tannines, zurige toetsen worden afgewisseld met zoetere, nog mooi bosfruit, erg frisse afdronk; ♥(♥). Met andere woorden: een aangename kennismaking...

    Braucol