gastronomie

  • La Sagrestia, Rome: Tourist Traps and Slow Food

    Pin it!

    Kent u dat ? U hebt net de Grote Markt in Brussel bezocht, of de Plaza Mayor in Madrid, of de Piazza Navona in Rome en overal rond u lonken grijnzende obers voor uw klandizie. Monsieur, Dottore, hier is het goed, hier is het beter... Je medereizigers zien de terrasjes lonken, "ze zitten vol dus ze zullen wel goed zijn", "my best place for the beautiful ladies!" en u stevent doelbewust af op dat ene adresje dat een vriend of een collega u gaf: geen terras, geen smile, geen reclame en als u zelfbewust de deur van dat adresje vastgrijpt voel je bijna de wanhoop rond je: gaan we binnenzitten ? Bij deze onvriendelijke mensen ?

    Het is een theorietje van me. Zelfs in de meest toeristische buurten wonen en werken mensen. Die gaan ook uit eten en die doen dat in hun buurt, maar ze zijn uiteraard niet bereid om te betalen voor een bord verlepte pasta, een droevige steak frites en wat zure wijn. Er zijn een paar manieren om deze restaurants te herkennen: ze hebben geen terras, de deur is dicht, ze hebben een deftige wijnkaart en het klienteel is herkenbaar anders: goede weggevers zijn bejaarden (in koppel, niet in groep), politieagenten, brandweerlui, wegenwerkers, priesters...Op het menu staan vaak dingen waar de gemiddelde Amerikaan van gruwt (triperie, lever) en nee, ze hebben geen zeevruchtenbanket op de stoep...

    Wij wrongen ons door de mensenmassa rond het Pantheon in Roma, constateerden dat Armando, de andere aanrader volgeboekt was, en duwden schuchter de gesloten deuren van La Sagrestia open, een tip van mijn Romeinse collega. Het was er koel, de ontvangst was gereserveerd, maar er was plaats en we waren duidelijk noch Amerikaans, noch Aziatisch, en konden er dus wel mee door. Het interieur straalde verleden uit, en vele vele jaren vaste klanten, en onze quasi onmiddellijke bestelling van een fles bollicine of schuimwijn brak het ijs.

    De Cuvée Imperiale Brut van Berlucchi is een schuimwijn onder de DOCG Franciacorta en hij was mooi en vol, met veel diepgang en karakter en toch ook fris. Ik bestelde als starter een paar schotels met gemengde bruschetta en toen vielen ook bij mijn gasten de schellen van de ogen. Zelden zo'n mooie en lekkere gezien, en zelfs van die met tomaten waren we onder de indruk (ze deden me wat denken aan die van Per Tutti in Leuven). Het gezelschap had ondertussen geleerd dat voor de lunch de genialiteit ook vaak in de eenvoud zit en bestelde een pasta cacio e pepe (peper en kaas) die de verse pasta helemaal in zijn eer liet. Ikzelf ging voor de Seppe i Piselli uit pure nieuwsgierigheid: succulent...De Chardonnay, Alto Adige, 2009 van Elena Walch vergezelde dit, een droge, fruitige en erg lekker-zuivere chardonnay uit de bergen. Om helemaal een ode aan de eenvoud te brengen was het dessert een handje vers fruit met ijsblokjes.

    La Sagrestia ligt in de Via del Seminario 89, op honderd meter van het Pantheon. Voor het naar het schijnt al even goede Armando al Pantheon (Salita de Crescenzi 31), aan de andere kant van het Pantheon, moet je reserveren (www.armandoalpantheon.it).

    DSC01874

    Ceppe i Piselli                                                                             

    DSC01878

    Dessert...

    We verbleven twee nachten in Rome en andere aanraders zijn: Il Cantuccio, Corso del Rinascimento 71, vlakbij de Piazza Navona, een plaats waar theaterbezoekers en artiesten komen, en het wat duurdere maar gewéldige Al Ceppo, Via Panama 2, aan de bovenkant van het Borghese park en beter per taxi te doen. Ik vindt mijn eigen risotto goed, maar toen ik proefde van de risotto al limone e spigola marinata allo zenzero voelde ik me terug een kind dat zijn eerste eitje gemaakt heeft in de keuken van mama: er is nog een weg te gaan. Mooie wijnkaart trouwens waar ik mijn eerste Schiopetto dronk, de pinot bianco specialist uit de Friuli, en een heerlijke zoete Sagrantino de Montefalco 2005 van Antonelli.

  • Koken met klompen: de Auberge du Sabotier

    Pin it!

    Diep in de Ardennen ligt een huisje waar ik graag vertoef...en liefst in het gezelschap van sympathieke lui die graag met mij de salon induiken om de Rochefort 10 populatie uit te dunnen ! Het was de tweede maal dat ik in de Auberge du Sabotier verbleef en ik weet nu weer waarom ik er de vorige keer zo'n heimwee naar had. Het is zelden om zo'n mooie combinatie te vinden van topgastronomie en gemoedelijke gezelligheid, van toerist zijn en toch ook het gevoel hebben om een beetje thuis te komen. Voor een groot deel is dat het gebouw dat prachtig ingericht is met grote haardvuren en met allerlei memorabilia volgeplakte muren, maar nog meer is dat het gevoel dat je binnentreedt in iemands eigen wereld waar elk voorwerp ook een betekenis heeft, ver van alle commercie, ver van alle fake Flamant toestanden en vooral ver van de wereld van gastronomische huichelarij die Vlaanderen soms lijkt te overspoelen.

    sabotier

                                                                                                                                 

    Luc Dewalque is de verpersoonlijkheid van de gastvrijheid (en zo goed als perfect tweetalig) en verstaat de kunst om iedere gast de indruk te geven dat hij zijn allerpersoonlijkste aandacht krijgt en tegelijk bijna mystiek afwezig te zijn als je hem niet nodig hebt. Dat is zeldzaam en omdat dat bijna een full time job is verdween hij al een aantal jaren geleden uit de keuken om Olivier Accinindus de vrije hand te geven. Olivier is een terroir-king en werd nog onlangs verkozen tot Beste Ambachtelijke Kok van België. Luc is ook Maître-Sommelier, in de jaren 90 één van de beste van België, en beschikt over en wijnkelder die aan het waanzinnige grenst (een deel van zijn voorraad ligt onder de dorpskerk). Combineer nu maar eens die drie dingen: een gastronomische terroirkeuken, perfecte gastvrijheid en intimiteit én een schitterende kelder, je zou voor minder in je wagen springen. En voor ik het vergeet, het huis geeft je dan ook nog eens stafkaarten mee om alle overbodige vet er terug af te wandelen in de schitterende omgeving.  

    Het begon met drie heerlijke hapjes in het salon, waarvan ik mij een ongelooflijk lekker mini-quichke en een superbe soepje herinner. Daarna kwam een zeer origineel en lekker gerecht met een oesterschelp op een torentje kalfstartaar, gevuld met een ravioli van oester met wat details die mijn culinair frans te boven gingen maar die mij sprakeloos lieten. Een combinatie van gemarineerde en gekarameliseerde paling en foie gras werd begeleid door een kervelsausje dat enkelen onder ons even melancholisch deed worden (er waren nogal wat herinneringen aan mama's kervelsoep). Deze schotels werden subliem begeleid door een Cheverny 2006 van Benoit Daridon *(*), complex genoeg om weerwerk te bieden en zelfs iets toe te voegen, dankzij zijn blend (sauvignon, chardonnay), zijn mineraliteit en een beetje eik.  

    luc        Luc Dewalque

                          olivier     Olivier Accindinus      

                                                                                                                                    

    Het werd nog indrukwekkender...een kalfszwezerik is maar een kalfszwezerik, maar als hij van topkwaliteit is en begeleid wordt door boontjes met truffelvinaigrette, beenmergbolletjes en parmezaanijs dan springen al mijn smaakpapillen een halve meter omhoog. Tot groot jolijt van de aanwezige heren bleken sommige dames vies van zaken als oesters of beenmerg of zwezerik zodat wij schoteltjewissel konden doen (zij minder, wij méér caloriën, en beiden gelukkig? Mars en Venus zeker ?). Een subliem (ik zit bijna door mijn superlatieven) stukje duif werd begeleid door groentebereidingen die Frank Fol zouden doen blozen en ook deze keer (eikes ! ik lust geen duif !) viel ik dubbel in de prijzen. Drie kaashapjes brachten mij vervolgens de tranen in de ogen. De begeleiding werd hier verzorgd door de Caractère 2005, een Côtes de Bourg en de topcuvée van het Chateau de la Grave. Hij was kruidig, fruitig met een zweem wierook en erg expressief, wat hem de perfecte gesprekspartner voor die duif maakte. Ik was ondertussen zo euforisch dat ik vergat de dessertwijn te noteren. Mea Culpa, ik zal nog eens moeten teruggaan ;-)

    Super-dessertjes sloten de maaltijd af, een sloot Rochefort 10's sloot de avond af. Alhoewel Luc ook een hele mooie kaart met soms stokoude digestieven heeft, met ondermeer een verzameling Madeira om u tegen te zeggen, laat ik mij hier elke keer weer verleiden door de bieren...laat iemand anders daar maar eens over bloggen. Het was een tijdje geleden dat ik nog zo'n lekker-gezellige avond had (zie hier). O ja, de officiele naam van het restaurant is Les 7 Fontaines. De Auberge ligt in Awenne, vlakbij Saint-Hubert.

  • De Feniks van Ragusa en zonsondergang in Siracuse - Sicilië 2009

    Pin it!

    Wij hadden grote plannen in Siracuse. De zon had dat die namiddag echter ook en na onze geweldige maaltijd bij Don Camillo bleven we dus plakken op een terrasje...en plakken...en plakken...en van die grootse plannen kwam niks meer in huis.

                                                                                                  

    DSC00984

     

                                                                                                                             

    De mooiste terrasjes van Siracuse liggen op het eiland Ortygia, tussen de fontein van Arethusa en het niet toegankelijke Castello Maniace. Op zomeravonden (en winterse late namiddagen) vindt hier de passeggiate plaats. De Sicilianen komen dan uit hun huis en wandelen op en neer langs de terrassen van een paar honderd meter baai met de bedoeling om kennissen en vrienden te ontmoeten en om te pronken met hun nieuwe garderobe en hun tot in de puntjes verzorgde voorkomen. Het moet een al eeuwenoud gebruik zijn, heel belangrijk in hun sociale leven, en een beetje vreemd voor ons, inwoners van een permanent doorregend land. Eén van de dingen die mij in Italiaanse steden altijd opvallen is trouwens dat de mannen op het vlak van modebewustheid niet moeten onderdoen voor de vrouwen. Het moet serieus dringen zijn in een Italiaanse badkamer. Wij zaten very underdressed neer, dronken bier en espresso's en keken er naar en genoten ervan.

    De zon ging ondertussen onder in de baai van Siracuse. Het was een vreemd gevoel om naar die zonsondergang te kijken en te beseffen dat voor mij Feniciërs, Grieken, Romeinen, Normandiërs, Fransen, Engelsen en Italianen hetzelfde moeten hebben gedaan. Plots voelde ik de schaduw van kapitein Aubrey en dokter Maturin naast me...

    Onze avondmaaltijd was een beetje een stijlbreuk, maar bewees tegelijkertijd dat een in Geschiedenis doordrenkte plaats als Sicilië ook in het Heden leeft. Restaurant Le Fenice van het Hotel Villa Carlotta heeft een hypermodern interieur en is één van de populairdere zakenrestaurants van de regio. Op een zaterdagavond zaten we er zo goed als alleen en toegegeven, ik had er een beetje schrik van. Het is bekend omdat het de traditionele Siciliaanse keuken in een modern jasje steekt maar ik las ook dat de bediening nogal stijf zou zijn, de hele bedoening nogal ernstig. Of het nu lag aan de lage bezetting lag of aan onze gefascineerdheid door wat er op het bord en in het glas kwam, de kelners waren zeer betrokken en geïnteresseerd en er werden geanimeerde gesprekken over wijn gevoerd.                                                                                                            

    villacarlotta

                                                                                                                                      

    Na onze goede ervaringen met de Murgo Extra Brut van Don Camillo kozen wij de Brut 2005 als schuimwijn, charmerender dan de Extra Brut, iets minder apart misschien (deze rijpte wat minder lang), maar toch echt wel ©© waard. Net toen ik dacht nu toch echt wel alle Siciliaanse druiven te kennen kwam de Minella 2007 ©© van Benanti voorbij. Net als de nerello komt deze druif voor op de hellingen van de Etna waar ze meestal in blends gebruikt wordt. Hier bracht ze een leuke, lekker frisse en naar peer geurende witte voort, in de mond kurkdroog (een peer maar dan zonder de suiker). Onze volgende witte was de Carjcante 06 ©© van Gulfi, een blend van carricante en albanello, eveneens twee lokale druivenrassen. Deze heel droge wijn geurde naar bloemen en druiven, leek licht geëikt (dat klopte) en had een mooi volume, met een heel mooie complexiteit en een leuk middenstuk. We aten hier uitermate lekker bij, maar het was onze laatste avond en het gezelschap was leuk, we werden het wat gewoon, dus helaas geen nota's en dus ook geen commentaar.

    Bij het speenvarken met rozemarijnpatatjes (dàt herinner ik me wel...) werd een Pithos 07 van Cos gedronken, een cerasuola di vittoria van één van de origineelste wijndomeinen van Sicilië. Giusto Occhipinti, Giuseppina Strano en Giambattista Cilia waren architecten en vrienden die in 1980 wijn begonnen te maken onder de naam COS. Al vanaf het begin goed en modern uitgerust evolueerden ze steeds meer naar biodynamische en zelfs natuurlijke wijnbouw en vandaag werken ze nog uitsluitend met kuipen in beton en amforen. Josko Gravner, Eloi Durbach en Nicolas Joly zijn hun voorbeelden en raadgevers en alhoewel ik nog bijlange na niet alles proefde was wat ik al wel ontdekte de moeite: apart vaak, maar wel echt de moeite. Deze Pithos was verrassend fluwelig en tegelijk erg herkenbaar als natuurlijke wijn.

    DSC00142

    Ondertussen was onze geloofwaardigheid als wijnliefhebber bevestigd en werden de heren uitgenodigd voor een bezoek aan de wijnkelder. Deze ligt in een oude ondergronds citerne (lekker vochtig, zo vochtig zelfs dat mijn foto's mislukten) en bevat een wonderlijke verzameling wijnschatten (Sassicaia, Opus Öne, Petrus, Gaia...), maar wij stelden ons tevreden met een Siciliaanse Cabernet sauvignon, de Litra 03 van de Abbazia Santa Anastasia, een Vlaamse leeuw van een wijn, met klauwen en tanden, mooi fruit maar ook ballen en genoeg tannines om er leer mee te looien (een beetje een BartDeWeverke, dus).


     

  • Dolfijnvissen en Griekse tempels - Sicilië 2009

    Pin it!

    Na onze tumultueuze maaltijd in Licata raceten we naar Agrigento en ontdekten waarom we ons zo gehaast hadden. De Valle dei Templi licht op een heuvelrug en is een absolute must voor elke bezoeker aan Sicilië. Drie grote Griekse tempels, de ene al wat meer vervallen dan de andere tronen er op hun hoge uitkijkplaats en herinneren aan de tijd dat de Grieken hier de plak zwaaiden. Sicilië zou Sicilië niet zijn als daar dan ook niet wat vroegchristelijke en Byzantijnse geschiedenis door werd gesmeerd, maar wat mij het meeste trof was hun ligging. Ooit waren deze tempels witgeschilderd met een mengeling van verf en vergruisd marmer en fel gedecoreerd. Ze moeten vanop zee van ver zichtbaar zijn geweest, en voor vriend en vijand een zeer indrukwekkend baken van beschaving, maar voor de inlanders vooral een teken van bezetting. Ik moest plots denken aan Gianni's opmerking over de Italianen: hij zag ze als de meest recente bezetters van het eiland en waarschijnlijk als de ergsten...Wij hadden het grote geluk om de tempels nog te zien in de ondergaande zon, een zeer apart spektakel.

                                                                                                                                     

    DSC00917

                                                                                                                       

    Sicilianen gaan 's avonds, als de winkels terug opengaan, winkelen en een verplaatsing van A naar B kost echt uren. De dames werden dan ook verplicht om zich op een kwartier op te knappen (een bijna bovenmenselijke opdracht), maar het was nodig want wij zouden uit eten gaan in het aan het hotel verbonden restaurant, Don Serafino, vlakbij de Duomo van Ragusa Ibla. Het was de enige keer dat de wijnkaart op zijn Belgisch geprijsd was met een veel hogere factor dan elders, maar ook hier was de keuken zeer goed. Van degustatiemenu's hadden we ondertussen onze buik wel vol en we gingen dus à la carte. En ik ging voor de meest politiek niet-correcte beslissing uit mijn gastronomisch leven. Bij het doorlezen van de kaart viel mijn oog op het woordje Dolphin. Dolfijn op de kaart ? Dit werd op algemeen afkeurend gegrom onthaald bij mijn disgenoten, maar het prikkelde mijn nieuwsgierigheid zo dat ik het niet kon laten. Het is pas nu dat ik, enigszins tot mijn opluchting, ontdek dat de correcte vertaling voor lampuga dolphin fish is, in het Nederlands goudmakreel. De Strisce di grano duro con tochetti lampuga e vellutate di broccoli (zie de foto) was overigens heerlijk ! Wij namen ook wraak op onze eerste dag en het gemiste speenvarken door de gastronomische variant te bestellen, de Maialino nero dei Nebrodi con salsa al ciocolato e marsala, ofte speenvarken in chocoladesaus. Uitermate lekker !

                                                                                                                         

    DSC00116
     

                                                                                                                            

    De wijnen die dit maal vergezelden waren mooi en kwamen uit een reusachtige kelder die we na de maaltijd ook mochten bezoeken. Uit nieuwsgierigheid startten we met de Brut van Tasca d'Almerita, mooi parelend, mooi gestructureerd en met een fijn mondgevoel. Bij de volgende fles, de Baccante 2006 ©(©) van de Abbazia Sant'Anastasia, had ik nog eens geluk: bij het proeven riep hij herinneringen op, zodat ik spontaan opperde dat het een blend van grillo en chardonnay was (het etiket was er al afgevallen, ze hebben er een mooie maar erg vochtige kelder). Het was toch wel juist zeker ! Ik bouw traag maar zeker mijn smakencataloog uit: geen zak aanleg, maar wel véél oefenen... De wijn mengde rijpe witte peer met pompelmoes en ananas en had een frisse afdronk met een Italiaans bittertje in de finish. De getatoueerde sommelier overtuigde ons dan om te gaan voor oud: de Tancredi 1997 ©© van Donnafugata, een blend van 70% nero d'avola en 30% cabernet sauvignon. Heel tertiair aroma dat al verwees naar een goede aceto balsamico. In de mond heel rijp, nog evenwichtig maar al op het randje: toch wel een wijn met al wat rafels, maar interessant en een goede begeleider van het speenvarken. Onze eerste kennismaking met een oude marsala was interessant en lekker, maar moeilijk: een gebrek aan referentiekader ? De Marsala Vecchio Sampieri De Bartoli Riserva 20 Anni ©© refereerde wat naar noten en was heel fris, maar deze beschrijving doet hem onrecht aan. De tafel was al wat te vrolijk voor een contemplatieve wijn als deze (of het lag aan mij...).

    's Nachts door de straten van een stad als Ragusa wandelen heeft iets, zeker op een frisse januari-avond wanneer het er zo goed als verlaten is...tot we plots rockmuziek hoorden. Op zoek naar de bron (een dancing? een café) kwamen we er plots achter dat het uit de basiliek kwam, waar een soort jongerenmis werd beëindigd. Erg apart hoor, de geloofsbelevenis van de Sicilianen. Of zijn wij het die zo'n koude kikkers zijn ?

    DSC00880
     

  • De gladheid van boter en de lekkere waanzin van Licata - Sicilië 2009

    Pin it!

    Wakker worden in Ragusa op een januari-dag en blauwe lucht zien betekent iets anders dan in België: ongeveer 25°C verschil. En het was dus enigszins optimistisch en goedgemutst dat wij de rit naar Butera aanvatten.

    DSC00882
                                                                                                                                        

    Ik kan U één ding verzekeren: je kijk op het leven verandert terdege wanneer je 's morgens het raam opengooit en dit ziet....

    De rit naar Butera was lang maar mooi, door een soort maanlandschap van kalk en zandsteen, in onze ogen zuiders kaal, in de ogen van Gianni abnormaal groen.Ondertussen ondervonden wij wat vijf dagen regen hier aanricht met het wegennet, maar uiteindelijk arriveerden wij toch, lekker door elkaar geklutst, op het domein Feudo Principe di Butera. Dit hypermodern uitgeruste domein is eigendom van de familie Zonin, van één van de grootste wijnimperia van Italië, in 1997 opgericht om er kwaliteitswijn te maken. Het hele domein is 180ha groot en wij werden er zeer vriendelijk ontvangen en deskundig rondgeleid. De "betalende" tasting was leuk en vond plaats in een prachtig lokaaltje (of was het de zon?) en ging gepaard met leuke hapjes. 


    DSC00904                                                                                                      

    De degustatie startte met wat eigenlijk mijn favoriet zou zijn; een Inzolia 2007 © vol aroma's van bloemen, fijn en eenvoudig en een wijn om in de zomerse zon te delen met vrienden. De Chardonnay 2007 ©(©) was origineel in die mate dat hij geen malolactische gisting onderging maar wel voor een deel rijpte op medium-toasted eik. Het fruit (perzik) overheerste, en in de mond was hij modern en smakelijk en krokant. De Syrah 2006 ©(©) was een beetje een valserikske: eerst heel bescheiden en eenvoudig, als een lekkere, verse fruitconfituur, maar hij had een verrassend lange afdronk. TCA killed the nero d'avola star...twee keer achter elkaar (wij dierven de tweede keer niks meer zeggen) en de schenkster/proefster gaf geen kik. De Riesi 2006, ©, een blend van nero d'avola en syrah was jammy en wat porto-achtig, maar werd gered door net voldoende fraîcheur. De hele degustatie, het hele bezoek was leuk, goed georganiseerd en interessant, er was niks dat mij hier negatief stemde, maar er was ook niks dat mij hier deed opkijken. Eigenlijk was dit de enige keer dat we wijnen dronken die zowat overal vandaan konden komen...

    's Middags aten wij bij Pino Cuttaia in Licata. La Madia, zijn restaurant ligt in het centrum van Licata, thuisbasis van de meest ongedisciplineerde chauffeurs van de Europese Gemeenschap. We arriveerden dan ook opgejaagd en te laat en eigenlijk veel te ongeduldig en spraakverwarring zorgde voor enig onaangenaam gediscussieer achteraf toen il menu corto zeven gangen bleek te tellen en wij de tempels van Agrigento al aan onze neuzen voorbij zagen gaan. Maar zoals Gianni zei, de Siciliaanse vertaling voor het woord ongeduldig is stupido ! Want eigenlijk heb ik hier goddelijk gegeten en als er één restaurant is waar ik wel eens op mijn gemak terug wil gaan is het dit. Een vreemd gevoel: de indruk hebben om toch wat opgelicht te zijn én tegelijk fantastisch lekker te hebben gegeten. De ober die met alle geweld Duits met ons wou spreken hielp er ook al niet aan. We dronken een erg oxydatieve schuimwijn van Milazzo, de Classico Riserva als aperitief, maar dan werden onze ideeën over de witte wijnen van Sicilië nog bevestigd door de Chiaranda 06 ©©© van Donnafugata, een blend van 50% ansonica en 50% chardonnay. José Rallo's 300ha grote domein ligt in Marsala en op het eiland Pantelleria en wie de namen Giacomo Tachis en Carlo Ferrini iets zegt (het zijn twee top-oenologen) weet al hoe het er hier aan toegaat. Deze prachtige witte had een heel aparte neus die verwees naar ranzige boter, een oude eiken kast die je plots opentrekt en iemand zei Colonial Wax (mij onbekend). Een prachtig openende mondindruk, duidelijk minstens ten dele malolactisch gegist, een schitterende structuur. De Tripidium 04 ©(©) van Duca di Castelmonte was een blend van nero d'avola, cabernet en syrah, mooi, krachtig en compact, en zeker complexer gemaakt door de mix en de 12 maanden eik, maar geef me toch maar de locals... Dessert en dessertwijn misten we (we raceten naar Agrigento voor het donker zou worden: stupido, zou Gianni zeggen, maar goed, wij komen hier maar één keer, hij kan ze elk weekend zien).

    DSC00102

     

     

    .  

     

  • Kasteel met pretentie

    Pin it!

    Zeggen de naam Martijn Soen en Stefaan Camerlinck u iets ? Nee ? Dan bent u nog niet langs geweest bij wat in korte tijd één van de culinaire toppers van België is geworden.

    Het Kasteel Withof in Brasschaat riep bij mij al van bij zijn ontstaan enigszins tweeslachtige gevoelens op. Ik hoorde van in het begin de meest waanzinnige geruchten over de wijnkelder die één van de beste van België zou zijn, over de twee piepjonge maar zeer getalenteerde sommeliers (voilà, nu zeggen die namen u wél iets), over de keuken die vernieuwend en gewoonweg perfect zou zijn (twee sterren in de Michelin) en over het kader en de bediening die dat dan ook nog allemaal waard zou zijn. Helaas hoorde ik ook over de prijzen (verduiveld duur) en de link met Brasschaat met zijn villa's, zijn rijke hollanders en zijn pfaff's maakte nu niet dat dit direct een plek was waar ik perse naar toe wilde. Mijn lokale verdeler, Burovorm, had echter goed gewerkt in 2007 en mocht kiezen...

    Ik heb dit nog niet vaak gezegd van een restaurant: het was perfect. Ik heb in mijn leven nog niet vaak zo goed gegeten (mijn Hof van Cleve experience werd gesaboteerd door een sinusitis), om niet te zeggen nooit. Alles was in orde, van de bediening, het kader tot wat er in bord en glas kwam. Indrukwekkend. Ik at de gebraiseerde kalfswezerik met witlof, zoethout en koffie: verbluffend. De jonge duif uit Anjou met met wortel, sinaasappel en dadels deed me bijna in snikken uitbarsten. Mijn dessert, een bikini van taleggo kaas was goddellijk.

    We dronken twee wijnen en ik heb nog nooit in mijn leven zo hoge scores gegeven aan twee flessen tijdens één maaltijd. Mijn eerste was een witte Arbois Pupillin van Emmanuel Houillon uit 2000, een natuurlijke wijn van de opvolger van Pierre Overnoy, de pionier van de wijnen zonder sulfiet. Hij was troebel en goudgeel van kleur. Het zeer complexe aroma was ragfijn en elegant en ontzettend precies en van een zeer grote klasse. Zoals het hoort een heel mooi ouillé  toetsje dat de Jura wijnen zo mooi en apart maakt. In de mond was hij kurkdroog, fijn, apart en eigenzinnig, zeer evenwichtig en absoluut op dronk. Voilà, ♥♥♥♥ en dus direct één van de beste wijnen die ik al dronk. Hij combineerde perfect bij de kalfswezeriken, ook heel complex van smaak (en bedankt, mijnheer de sommelier, voor het basisadvies en uw steun voor deze een beetje gedurfde keuze). Je vindt de wijnen van Houillon bij TrueGreatWines in Pécrot.

    Onze tweede wijn was een oude liefde, maar dan in een mij nog onbekend jaar: de spätburgunder spätlese Burkheimer Feuerberg 1998 van weingut Bercher. Ik houd al heel lang van spätburgunders én van de Bercher's die er heel sterk in zijn. Ik heb van deze wijn alleen opgeschreven dat hij perfect was. Hij was al wat bruinig van kleur en ik kreeg even schrik toen men hem uitschonk, maar dit is van een zo waanzinnig hoge lekkerheidsgraad dat je er stil van wordt. ♥♥♥♥♥ dus... Hier vragen ze binnen tien jaar het dubbele voor. Ik kocht mijn Bercher collectie deels op het domein, maar in België vindt je ze bij Langbeen.  

    Het Kasteel Withof is duur. De wijnen op de wijnkaart zijn voortreffelijk maar ze zijn ook duur. En toch geef ik u, tegen alle Chateasanspretention-idealen in, het volgende advies: spaar, troggel af, chanteer, ga de geregelde misdaad in of wordt wijnjournalist (hmm...dat is er misschien iets over) en ga hier eens eten: het is een belevenis. Of doe zoals ik: zoek u een sponsor. De mijne is de maker van de beste kantoorstoelen ter wereld...

    bild-quer-1