geschiedenis

  • Sicily Revisited, over het Zoeken naar Parels in Woestijnzand: Sicilië 2010

    Pin it!

    Ik zal u iets bekennen: ik hou van Europa. Ik vind het geweldig om door landen te rijden die op het mijne lijken, maar waar je achter elke hoek wel ergens een spoor vindt van het verleden, een verleden dat ik ken en begrijp. Engeland heeft dat heel sterk, Rome heeft dat als stad, en ook Palermo is daar geen uitzondering op.

    Nu kan van Palermo veel gezegd worden, maar niet dat het een propere stad is. In het begin choqueert dat zelfs wat, met op de stoepen van sommige wijken kapotte zetels, versleten tv's en ijskasten, en zowat overal in de stad bouwpuin dat ergens op een stoep is blijven liggen en dat er jaren na afloop van de werken nog altijd ligt. Overal vind je nog ruïnes van Palazzi die in 1943 uitbrandden bij het grote bombardement van de Britten, woningen met een soort luiken om de voorbijgangers te beschermen tegen vallend puin en bestrating die, toegegeven mooi en charmant is, maar niet echt heel voetgangervriendelijk. Doe daar nog een behoorlijk chaotisch verkeer bij, een zeer grote vindingrijkheid in parkeren en (in ons geval) wat regen, en dat maakt dat Palermo niet echt een schoonheidskoningin is. En toch loert ook hier Schoonheid achter iedere hoek.

    Wij wandelden dus naar onze eerste Parel, het Palazzo dei Normanni. De geschiedenis van Sicilië, en dus automatisch ook die van Palermo, is grotendeels bepaald door bezetters. Dat waren Grieken, Feniciërs, Romeinen, Fransen, Italianen, Arabieren, maar af en toe ook meer onverwachte volkeren als de Normandiërs. In 1059 verleende de Paus in het verdrag van Melfi feodale rechten over Puglia en Sicilië aan Robert Guiscard, één van de negen zonen van Tancred de Hauteville. Dit was een nobele onbekende die Normandië nooit verliet maar negen van zijn zonen vertrokken naar Italië om er hun fortuin te zoeken en slaagden er in om na wat mislukkingen de Byzantijnse krachten in de regio te verslaan. Uit dankbaarheid erkende de Paus één van hen, Willem Bras-de-Fer, als graaf van Puglia, en na diens overlijden wist een handige Robert Guiscard, één van de andere broers, de Paus te overtuigen om hem te erkennen als graaf van Puglia, Calabria en Sicilië. Dat Sicilië nog in handen van de Sultan van Tunis was, bleek een detail en in 1072 veroverde zijn broer, Roger I, Palermo, en werd graaf van Sicilië. Hierdoor komt het dat niet alle blondines met blauwe ogen hier toeristen zijn, Roger had niet minder dan 15 legitieme kinderen bij drie echtgenotes, en daarnaast nog een onbekend aantal bastaarden. 

    Ondertussen was Palermo wel meer dan 200 jaar een Arabische stad geweest. Voor de stad en haar huidig uitzicht was het echter Roger II, zijn opvolger, die een heel grote rol zou spelen. Hij werd pas geboren toen zijn vader al 62 was, wist een erkenning als Koning los te krijgen, en maakte dankzij zijn inkomsten uit zeeroverij en belastingen (Sicilië was toen één van de meest succesvolle economiën van de Middellande Zee) en zijn verdraagzaamheid van zijn hof een trekpleister voor kunstenaars en intellectuelen uit de Christelijk-Byzantijnse, de Joodse en de Arabische wereld. Hij behield het Arabische stratenplan maar vernietigde de moskeën en verving ze door kerken. Hij bouwde ook het Palazzo dei Normanni, vandaag de zetel van het Siciliaanse parlement, en trok er een Palatijnse kapel in op, één van de mooiste van het gebied. De kerken en kathedralen die door hem en zijn opvolgers werden opgetrokken zijn uniek en ze smelten Normandische (het grondplan) en Byzantijnse (de mozaïeken) en Arabische (het dak en delen van de versiering) samen tot iets unieks.

    Wij bezochten eerst de Cappella Palatina, gebouwd tussen 1123 en 1143 en werden met verstomming geslagen. Ik had nog nooit zoiets gezien.

    DSC01347

     

    De Capella Palatina zit in wat van buitenuit lijkt op een nogal hysterische aan elkaar geplakte groep gebouwen rond een compleet ingesloten Normandische donjon. Ze is volledig versierd met mozaïeken die een heel verhaal vertellen en is zo een architecturaal prentenboek waarnaar je kan blijven en blijven kijken. Indrukwekkend.

    Omdat J. een hekel heeft aan grote lanen wandelden wij via achterstraatjes en sloppen naar onze volgende Byantijnse Kapel (zonder enig gevoel van onveiligheid trouwens, zelfs 's nachts niet). La Martorana werd gebouwd door de admiraal van Roger II en is nog steeds dé plaats voor trouwfeesten van gelovigen die de Grieks-Orthodoxe ritus aanhangen. Het heeft een barokke gevel, een Normandische klokkentoren en een Byzantijns interieur, is veel kleiner van de Palatijnse Kapel, maar wat echter en volkser. Eén van de opvolgers van Roger, Willem II, drukte er later zijn onafhankelijkheid mee uit toen hij in het mozaïek een portret van zchzelf liet maken terwijl hij gekroond werd door God (en dus niet door de Paus...).

    DSC01356

    La Martorana.

    DSC01355

    De ingang van La Martorana. Kon net zo goed in Tunis genomen zijn, vindt u niet ?

  • Teletijdwijn: de Fondillon

    Pin it!

    Whan that Bacchus, the Myghti Lord,

    and Juno eke, by one accorde,

    Hath sette a-broche of myghti wyne a tone,

    And after wardys in to the brayn ran

    Of Colyn Blobolle, when he had dronke a tante

    Both of Teynt and of wyne of Alycaunt,

    Till he was drounke as any swine;

    Uit "Colyn Blowbols Testament", een parodie die rond 1500 werd geschreven door een onbekende Engelse auteur. Een Blowbol is een middeleeuws woord voor een dronkelap.

    Historische wijnen fascineren mij: ik schreef hier al over verjus en een paar weken geleden nog over de East India Solera van Lustau. Af en toe heeft zo'n blogbericht het effect dat vrienden mij uitnodigen om iets in dezelfde lijn te komen proeven en na afloop van de Provence degustatie (verslag volgt…écht) haalde wijnbuddy Gert iets boven dat we "nog nooit geproefd hadden". En gelijk had hij…

    De fles in kwestie was een Gran Fondillon 1964 van Bodegas Brotons die hij in Herentals bij Van Eccelpoel op de kop getikt had. Alhoewel ik de naam Fondillon heel kort vermeld in mijn eigenste vinopedia moest ik toegeven dat ik er verder geen zinnig woord over kon vertellen. Ik moest ter plekke beloven om de vergeten historicus in mij weer wakker te maken en eens iets te schrijven over het onderwerp.

    fondillonenelpeurtodealicantye

    Fondillon is één van de historische wijnen van Europa. Ooit was dit wijn voor koningen en prinsen, heel populair en tamelijk duur (vier keer zoveel als sherry), maar vandaag is hij zo goed als vergeten. In de meeste bronnen wordt hij alicante genoemd, afgeleid van zijn volle naam Fondillon de Alicante en dat is dan ook de streek waar hij vandaan kwam. Hieruit werden namen als aligaunt, alycaunt, allecant, aligaunte, allegaunte, alegaunte, alligant en alicant afgeleid, maar in alle gevallen ging het om stevige, zoete dessertwijnen. Het is een 100% monastrell, gemaakt met zeer suikerrijpe druiven (16 tot 18° Baume) die in de zon op stromatten worden ingedroogd en dan worden vergist tot wijn. Daarna wordt de wijn bewerkt tot Fondillon, wat een rijpingsperiode van minimaal acht jaren vraagt. Dit gebeurde meestal volgens het solera-systeem zoals bij sherry, maar in topjaren worden er vintagewijnen mee gemaakt. Sommige fondillon's krijgen twintig jaar vat of meer.

    In historische bronnen wemelt het van vermeldingen en ik beperk mij dan ook tot enkele van de meest veelzeggende. Fondillon was heel lang bekend om zijn versterkende eigenschappen en was een beetje zoals de vitaminepreparaten van vandaag: het zou energie en levenslust geven. Het maakte dan ook deel uit van de proviand tijdens de ontdekkingsreis van Magellaan en was bekend als een remedie tegen scheurbuik, de grote vijand van de 16de eeuwse ontdekkingsreiziger, omdat het citroenzuur bevat. De combinatie van dit zuur en de alcohol verleende het ook licht ontsmettende capaciteit zodat het gemengd werd met water om ook dat een langere levensduur te geven. De wijn wordt geregeld in bronnen vermeld, van Shakespeare tot de Graaf van Montecristo in 1844, en het was de wijn die de laatste dagen van Louis XIV, de Zonnekoning, verlichtte. De phylloxera crisis en smaakverschuivingen deden hem zo goed als verdwijnen en één van de zeldzame degustaties op het net sprak over een ratjetoe van jaargangen uit vaten die ergens vanachter in de bodega waren teruggevonden op aanduiden van de schoonvader, of tiens wat zou hier nog inzitten ? tot gevonden en gekocht bij een lokale kleine wijnboer die er al lang mee gestopt is.

    DSC00223

    Fondillon kan tot zes weken geopend bewaren en wat ik die avond proefde stond al enkele weken open. De neus was erg notig en verrassend fris. Heel opvallend in de mond waren de frisse, bijna scherpe zuren (dat had hij van in het begin, volgens Gert) die alle kleffe zoetheid wegnamen zodat de wijn bijna droog leek. Daarbij kwam een zeer mooie smaak van noten en amandelen en een hele lange afdronk.

     

     

     

    Name, sirs! the wine that most invites your taste;
    Champaign, or Burgundy, or Florence pure,
    Or Hock antique, or Lisbon new or old,
    Bourdeaux, or neat French white, or Alicant

    John Gay (1685-1732), auteur van ondermeer The Beggers Opera.