italiaanse wijn

  • CSP goes Stappato III

    Pin it!

    Nu het verplichte zonder pretentie stuk achter ons lag leek het enthousiasme bij de inrichters te stijgen: de koning der druiven betrad het toneel ! Nebbiolo, de naam zou komen van de herfstnevels die hangen op de hoger gelegen wijngaarden waar hij het best aardt, en is de druif waarmee één van 's werelds topwijnen wordt gemaakt, de Barolo. De druif heeft een dikke schil en dus veel tannines en jong is hij vaak zo goed als ondrinkbaar, maar wanneer een goed gemaakte Barolo drinkklaar is is het een unieke wijn, zeer zinnelijk en van een buitenaardse schoonheid, maar helaas ook meestal met buitenaardse prijzen, zodat u, beste lezer, en ik, arme schrijver, het vooral van horen zeggen gaan moeten hebben...

    Het CSP gezelschap had echter besloten om Stappato uit te dagen en een paar nebbiolo's bij elkaar te krijgen die nog min of meer betaalbaar zijn en omdat de penningmeester er deze avond niet bij was en de kas goed gevuld, mocht er zelfs een redelijk duur exemplaar bij zijn (een dure fles wijn of een goedkope Barolo, het ligt in dit geval dicht bij elkaar). We begonnen echter met drie Langhe's, een vuilbak-appellatie waaarin zowat alle nebbiolo terechtkomt die om de één of de andere reden buiten de Barolo of Barbaresco regels valt. Of zo klinkt het toch...in feite zitten tussen die Langhe's heel vaak uitstekende wijnen die nog wél betaalbaar zijn, en de drie scoorden meer dan behoorlijk deze avond.

    We startten met een Einaudi, Langhe DOC, 2009,pas gebotteld en dus nog zeer piep, en eigenlijk een gedeklasseerde barbaresco om de idiote reden dat Einaudi geen postbus in de geklasseerde zone had. Hij wordt gemaakt met de druiven van jonge stokken en kreeg 12 maanden vatrijping. CSP houdt van dit soort wijnen, ze zijn wat ondergewaardeerd en zijn dan ook vaak én lekker én betaalbaar. In de neus kregen we onmiddellijk fruit (aardbeien), maar ook iets dat wat aan geuze deed denken. Onze twijfel werd echter weggeblazen door de mond: mooie complexiteit, veel diepgang, lekker vlezig, mooie tannines, breed en heel lang. Een zeer genereuze, héél mooie wijn, die met zijn 18,33 euro, absoluut zijn geld waard was. ***, en niet geschikt om a/20 jaar te laten liggen, b/ermee te stoefen tegenover uw onwetende maar rijke vriendjes en collega's, en dus bij uitstek een CSP wijn !

    nebbiolo.jpgEen jaartje ouder was de Nebbiolo, Langhe DOC, Roberto Voerzio, 2008, die één jaar op botti verbleef. Roberto maakte hem vroeger ook op barrique, maar kwam daarvan terug. Ik heb persoonlijk ook een voorkeur voor de smaken die die grote oude vaten (botti in Italië, holzfass in Duitsland...) meegeven. Deze fles vertoonde een heel intense, klassieke neus en was in de mond zeer complex, heel zacht en beschaafd, heel goed gestructureerd, met prachtige bittere toetsjes. *** en twijfelend over ***(*), en met 29,76 euro al wat duurder maar wel nog zijn geld waard !

    Waarom Voerzio met deze nebbiolo een Langhe maakte en geen Barolo, zijn we vergeten te vragen, maar voor de volgende fles, de Nebbiolo, Langhe DOC, Mascarello, 2008, zou het gaan om druiven waarvan Mauro Mascarello de druiven net niet goed genoeg vond voor zijn top-barolo (het was eigenlijk interessant geweest om ze naast elkaar te zetten). De neus was fluweelzacht en elegant, met aardbei en een mooie mineraliteit, heel complex en interessant. Ook de mond was zacht en heel complex en interessant, hele mooie afdronk met drop, een intrigerende wijn die in het glas sterk veranderde.  Ik proefde een tijdje ervoor de echte Monprivato, één van de betere Barolo's, aan 75 euro de fles, maar deze kreeg van ons toch ook ****, en kostte 28,65 euro. Is de Monprivato drie keer zo lekker ? Hij is perfecter misschien, en unieker, en als geld voor u geen probleem is, laat u dan vooal gaan...maar ik vond deze Langhe zéér de moeite.

    De nebiolo zou echter pas echt op zijn tenen staan in Barolo en Barbaresco, en alhoewel het prijsgewijs voor ons op het randje was, mochten ze toch niet ontbreken. De eerste fles was de Terlo, Barolo DOCG, Einaudi, 2005, afkomstig van een 3,2ha grote wijngaard waarvan de oudste stokken dateren uit 1962. Hij rijpte 30 maanden op barriques en botti, met zowel Sloveense als Franse eik (er worden zo verschillende wijnen gemaakt die nadien worden geassembleerd). In de neus bloemen, gestoofd fruit, pruimen, mooi zuiver. In de mond stévige tannines, maar ook rijp en rijk, en intens fruitig. Ik hield deze fles een paar dagen bij en hij werd stoffiger, met meer chemische toetsen, en vooral uitdrogender. Persoonlijk denk ik daarom dat het geen echt mooie bewaarwijn is. 42,81 euro, en ***. U betaalt 22 euro voor de wijn, en 20 voor de naam Barolo...maar 30 maanden vatrijping kost ook geld, natuurlijk.

    De DOCG Barbaresco ligt in wijngaarden die droger en warmer zijn dan die van Barolo, wat meer naar het oosten, maar in dezelfde heuvelketen. Hij kan jonger gedronken worden maar heeft vaak eveneens véél tannines en moet liefst toch ook een vier, vijf jaar kelder gekend hebben. Sommige wijnmakers maken zowel Barolo als Barbaresco, anderen hebben zich gespecialieerd. Piero Busso is zo iemand en wij dronken zijn Mondino, Barbaresco, Piero Busso, 2007, die 18 maande rijpte op grote botti. Deze vlezige wijn had een mooie bittere toets, met iets van zwarte chocola, en met mooie tannines, heel mooi fris en met mooie zuurtjes en een lange afdronk. Dit moet een hele mooie maaltijdwijn zijn, en met 30,67 euro nog fatsoenlijk geprijsd voor een aparte gelegenheid. Vertel als u hem serveert over de zwijgzame Piero (zie vorige blog), het maakt het verhaal nog leuker. ***(*)  

    Na afloop gaven wij allen volmondig toe dat er in de Piemonte zeer schone wijnen gemaakt worden. Wij vonden echter ook in blok dat veel wijnen te duur waren en dat je je echt moet concentreren en goed zoeken om qua prijs/kwaliteit niet te erg te verdwalen. Maar we hadden een zeer leuke, leerzame avond en ik ben geschrokken van de kwaliteit die Stappato in huis heeft, en de gedrevenheid waarmee ze zoeken naar nog betere flessen. Omdat ze zich ondertussen ook een klienteel hebben uitgebouwd voor al dat dure lekkers van grote namen kunnen wij ervan profiteren om van diezelfde halfgoden de kleinen wijnen te kopen, meestal met evenveel serieux en enthousiasme gemaakt als de grote. Een paar weken later kwam er nog wel een terechte opmerking van één van de leden die mij recht in het hart raakte. Als wij zo overtuigd zijn van het eigen gelijk (hoe pretentieloos !), hoe komt het dan dat er zoveel wijncommanderijen zijn, en maar zo weinig CSP's ?

     

     

  • Hilton Antwerpen, maart 2009: Wine World Taster of the Year

    Pin it!

    Het was weer zover...de grote zaal van het Hilton op de Groenplaats van Antwerpen zoemde weer van het wijnproevend volkje, de Wine World Taster of the Year 2009 werd verkozen, eminente wijnkenners als den Bervoets en den Verhofstadt namen de honneurs waar en wij proefden zowat zes uur aan een stuk uitstekende wijn (en namen tussendoor ook nog deel aan de wedstrijd). Omdat ik opnieuw uitstekende wijnen leerde kennen én omdat er enkele andere bevestigden in nieuwe jaargangen én omdat ik alweer veel bijleerde, wil ik u onze proefervaringen niet onthouden. Ze zijn gebaseerd op mijn nota's, die de door wijnmaatje Ghil aangevulde impressies weergeven. Ik ga de wijnhuizen af in volgorde van mijn stapeltje papier, wij proefden immers eerst wit en dan rood, en twee keer (jaja, twéé keer) kwam onze deelname aan de wedstrijd er dan nog eens door.

    Wijnhuis Jeuris mag de spits afbijten en bevestigde wat wij al wisten: er wordt in de Douro goede wijn gemaakt. Dirk van der Niepoort is een genie en hij bewees dat hier met een undrukwekkende reeks wijnen en porto's van de Morgadio da Calçada, een wat hoger gelegen estate waarvoor hij vinifieert. Allemaal ** of *** en een indrukwekkende tawny reserve, heel complex en evenwichtig, één van de beste betaalbare tawny's die ik ooit dronk. Van spitsbroeder Jorge Moreiro dronken we de witte en rode Po de Poeira en we waren al even opgetogen. Jeuris lijkt samen met zijn wijnhuizen te groeien en het gamma wordt ondertussen heel erg mooi (en zagen wij geen gelukkig pasgetrouwd koppeltje rondlopen, met een grote gekke mijnheer en een klein mooi eendje? een glas (goeie) wijn voor wie raadt over wie het gaat).

    Bij Pasqualinno dierf ik eigenlijk bijna niet langsgaan. Het is nu al drie jaar dat ik hem beloof, na alweer lekkere wijn gedegusteerd te hebben, dat ik zou langskomen om iets te kopen en dat het er telkens niet van kwam. Deze keer had hij echter iets bij dat zo speciaal was dat we ter plekke onze bestelbon invulden. De Riesling Fass 43 Spätlese 2004 van Clemens Busch uit de Moezel is een biologische wijn en een buitenbeentje in elk opzicht. Toen Clemens aan de slag was met vat nummer 43 merkte hij dat deze wijn, met een hoog suikergehalte, maar bleef gisten, en hij besloot bij wijze van experiment hem de vrije hand te laten. Hij borrelde twee jaar vrolijk door op een oud holzfass van 1000 liter en toen kwam er een heel aparte dessertwijn tevoorschijn, met een ontzettend kruidige neus, pakken kaneel ondermeer, die in de mond heel evenwichtig was, héél lang en opnieuw met die kaneel, kortweg schitterend. Niet voor herhaling vatbaar en echt een freak of nature maar wat een dessertwijn: geen spoor van plakkerigheid, grotendeels weggegiste suikers (14,5% alcohol, geloof ik), perfect bij taart of zoiets als tarte tatin. Hij kreeg ***(*) en daar gooien we niet mee. Om nog een betere reden te hebben om naar Opglabbeek te rijden proefden we nog even door en apprecieerden ook de biologische Ambelonas 2005 uit Naoussa, Griekenland, **, een fijne, goed gemaakte en evenwichtige rode van 80% xinomavro en 20% cinsault en een meer viriele en stevig-complexe Portugees, de Quinta do Vallado, ook **, een 100% sausão, en mijn eerste mono-cépage kennismaking met deze druif. Als afsluiter blies de Venje, een Kroatische wijn van Enjingi, ons uit onze sokken. Eén van de eigenaardigste wijnen die ik ken, maar fascinerend. *** maar eigenlijk niet te kwoteren.

    Vinesse was een naam die ik al lang kende, waar ik al veel goeds van hoorde, maar nog nooit was binnengeweest. Maar omdat pvo er mij onlangs vol lof over sprak kon ik mij niet bedwingen en we stopten hier om de witte te proeven en later, na wat verrassende wedstrijdgebeurtenissen, ook de rode. Ik houd wel van Soave, en zeker als ie van wat hoger gelegen wijngaarden komt. Als een wijn dan ook Monte Ceriani (Tenuta Sant'Antonio,2007) heet is onze nieuwsgierigheid gewekt en ja hoor, we kregen een mooie zuivere en intense soave in het glas die al onmiddellijk mooi scoorde **(*). Berglucht en druivelaars, het is een mooie combinatie en het volgende glas kwam van nog hoger. De Kerner "Praepositus" 2007 van de Abbazia di Novacella (of Kloster Neustift) komt uit Süd-Tirol (of Alto Adige) en kreeg zelfs nog meer: *** Droog, fruitig en interessant, goed gestructureerd en met een erg mooie afdronk. In rood kwamen nog de krachtige Essentia Benevento Rosso 2005 ** van Vigne Sannite uit Campania en de elegante (eufemisme voor een minder goed jaar...) Vino Nobile de Montepulciano 2005 *(*) van Poliziano. De meest interessante wijn kwam aan het einde. De Albereda 2005 van Mamete Prevostini is een Sforzato Valtellina DOC en wordt gemaakt met nebbiolo druiven die eerst drie maanden indrogen in een kelder. Je zou dan iets zoets verwachten maar deze zeer licht gekleurde wijn was vooral zacht, mooi en verleidelijk, super elegant en complex tegelijk, met echt een soort verdoken kracht zoals je dat wel eens ziet bij een mooie, al wat oudere vrouw. 

    mamete

    Ondertussen moesten wij ook even afscheid namen van de proefzaal. Tijdens de halve finale bleek plots, tot onze grote verrassing (wij nemen vooral deel om voor niks binnen te mogen), dat anderen nog méér fouten maakten dan wij...

  • Ontmoetingen met een druif: de sagrantino

    Pin it!

    Zes jaar heb ik gewacht en al een paar maanden geleden keerden ze terug in de Kessel-Lose kelderschoot: twee flessen Sagrantino de Montefalco, in juni 2002 gekregen van Jan en Leen, toen net terug van vakantie in Umbrië. CSP zat toen in een embryonale fase en de flessen, jaargang 1998, werden in een ver Kempens oord opgeborgen om er rustigjes op dronk te komen. Zaterdagavond was een bezoek van winebuddy Ghil een voldoende reden om er eentje uit zijn tienjarige sluimering te wekken.

    De sagrantino is een druif uit het dorpje Montefalco in Umbrië. Niemand weet goed waar hij vandaan komt en voorlopig heeft geen enkele DNA- test verwantschap met een andere soort opgeleverd. Meer dan waarschijnlijk is het een lokale variant. Alhoewel de aanplant maar goed is voor ongeveer 5% van het totaal in de provincie (een dikke 120ha, maar groeiend) wordt er de vlaggeschipwijn van de regio mee gemaakt, de Sagrantino de Montefalco, die in 1991 DOCG status verwierf. De dikke schil, de lage productiviteit met kleine druifjes en trossen maakten de druif lang niet interessant en alhoewel men vermoedt dat ze al lang in de regio aanwezig is werd ze tot in de jaren 80 van de vorige eeuw alleen gebruikt in blends of voor een zoete passito-wijn. Vandaag is het vooral de droge secco variant die populair is. Makkelijk is de druif echter niet: het is dankzij zijn dikke schil één van de meest tanninerijke soorten van de wereld. De in het begin vaak inktzwarte wijnen moeten minimaal dertig maanden rijpen voor ze op de markt komen, maar zelfs dan zijn ze nog niet echt drinkbaar en acht jaar in de kelder was vroeger het minimum. Door het steeds beter uitkiezen van het oogstmoment zijn de tannines wat beter onder controle (oude sagrantino's mag/moet je vijftien tot twintig jaar laten liggen), maar het blijft een tanninetijger en volgens veel oenologen is het oogstmoment zo belangrijk dat je het alleen in laboratoriumomstandigheden correct kan bepalen omwille van de zeer hoge polyphenolwaarden. Die polyphenolwaarden maken de wijn naar verluidt ook zeer goed voor het hart. Typische aroma's zijn pruimen, rode en zwarte vruchten, aarde, teer en een zoet elementje dat echter alleen in de passito vorm de overhand krijgt. Sagrantino wordt ook gebruikt om te blenden met sangiovese, met alleraardigste resultaten.

    Arnaldo Caprai maakt naar verluidt de beste sagrantino maar ik heb hem nog niet geproefd (je kan hem vinden bij Licata) en ik had geen zin om nog eens vijf jaar te wachten met dit blogbericht. Je vindt er ook veel bij Umbria.be in Geel. Sagrantino's die ik al wel proefde zijn de deze:

    Sagrantino di Montefalcone Secco, Antonelli, 1998: Dit domein werd in 1881 gesticht door Francesco Antonelli en begon in 1979 zelf zijn wijnen te bottelen. Het 170ha grote bedrijf heef 30ha wijngaard en de wijnen hebben de reputatie minder gericht te zijn op power dan op elegantie. De sagrantino aanplant dateert uit 1970 en 1990 (drie verschillende wijngaarden). 23 dagen schilweking.Gebotteld na twee jaar kelder. Twee bekertjes in de Gambero Rosso. Eerst zwart fruit, teer en sulfiet, dan evoluerend naar bloedworst (black pudding) met munt; in de mond rijp, echt op dronk, heel mooi en zacht, met nog aanwezige maar heel zachte mooi versmolten tannines, in de afdronk terug drop en teer; uitstekend en een mooie incentive om elke sagrantino voortaan tien jaar te laten liggen ♥♥♥

    Sagrantino di Montefalco, Spoleto Ducale, 2001: Coöperatieve uit 1973 met 259ha wijngaard. 12 euro. 5 december 07: in de neus vochtige bosgrond en leder; in de mond een zoetje, leder, pruimen en bramen en "staal", stevige tannines; de dag later noteerde Thomas chocola, framboos en afgebrand huis; kindermoord…maar wel al zeer ok ! ♥♥

    Taccalite, Sagrantino di Montefalco, Tiburzi, 2003: 8ha groot domein. 28 december 07. 18 tot 24 maanden op Franse eik, daarna 12 maanden op fles. Wijngaarden op 450m hoogte. Gedroogde pruimen, zwarte bessen, munt; tamelijk gesloten, ook in de mond; veel tannines, maar ook mooi en zuiver; merkbare alcoholwarmte (14,5%). ♥(♥)

    sagrantino

    Dit blogberichtje is opgedragen aan Jan Geerts die veel te vroeg van ons is weggegaan.

  • Wine World Taster of the Year 2008: Part 2

    Pin it!

    Ere wie ere toekomt: het centrale thema van dit event waren de wijnen van Griekenland, en dus op naar de stand van Canette, dé specialist in Griekse wijn. Ik moet toegeven dat ik het nog altijd moeilijk heb met Griekse wijnen: af en toe de hemel, maar nog veel te vaak de hel. Vanwege de grote drukte proefden we hier maar een viertal wijnen en de eerste was eigenlijk een goed voorbeeld: de Nykteri van Santo Wines, de grote coöperatieve op Santorini was een aardige wijn maar ook een "eigen"aardige wijn: krukdroog maar niet fris, geen fruit maar wel complex, twijfelend tussen iets chemisch of iets van hout of hars, maar met een goede afdronk. Zo uit het losse glas wat moeilijk maar bij een mezze waarschijnlijk erg goed. De Cuvée Maison van Hatzimichalis was walgelijk en dat is al de tweede keer dat dit huis mij absoluut niet aanstaat. De twee topwijnen op deze stand waren goed: de Alfa Estate 2004 goed, de Gaia Estate 2005 zéér goed. De Gaia is dan ook één van Griekenland's beste wijnen, aan 27 euro nog erg democratisch geprijsd. Ik verliet de stand met een wat ontevreden gevoel, maar nog steeds even nieuwsgierig...misschien heb ik een coach nodig om het allemaal eens uit te leggen.

    GRIEKSEVLAG

    Eén van de volgende wijnhandelaren had ook twee Grieken bij (en goede), maar hij bindt zich niet echt aan een streek. Pasqualinno is één van die wijnhandelaren waarvan het gamma vooral een eigen "goesting" weerspiegelt en, eerlijk gezegd, houd ik daar ook wel van. Het maakt elke degustatie nogal eclectisch, maar bon, ook alleshalve vervelend. Deze keer alleen de uitschieters, en dus de flessen die ik zou kopen: sauvignon blanc uit Oostenrijk van Wohlmuth (vooroordeeltje tgo sauvignon blanc ? proef dit maar eens !); assyrtiko-athiri 2006 van Sigalas op het eiland Santorini, zeer mineralig, zeer nerveus en vinnig, heel leuk, en wijn van een vulkanische bodem waar zelfs de druifluis niet overleeft; de Lusitano van Ervideira, commercieel maar lekker en een uitstekende prijs/kwaliteitsverhouding; en last but not least de vuilgebekte Kutjevo Zweigelt van Enjingi uit Kroatië, apart, héél apart zelfs, maar lekker !

    Aan Italiaanse wijnhandelaren kunnen wij ook altijd moeilijk voorbij gaan en dit jaar stopten we even bij Raineri. De eerste wijn was meteen een schot in de roos. De müller-thurgau druif heeft geen al te beste reputatie en zeker bij overproduktie brengt ze waterige, karakterloze wijn voort die je in Duitsland vaak als slobbervocht aantreft in cafés en hotels. Een regio waar ze het echter naar haar zin lijkt te hebben is Trentino. Dit is dan ook het tweede excellente exemplaar uit die regio dat ik ontmoet. De San Thoma 2006 van Pravis combineerde wat gele appel en mooi exotisch fruit en viel op door zijn mooie afdronk en erg smakelijke mond. Na een paar wat gewonere witte proefden we nog twee rode wijnen van Tasca d'Almerita, een wijnhuis dat ik al lang waardeer. Ze maken in mijn ogen nog steeds één van de lekkerste rosés van Europa, de Rosé di Regaleali, alleen al een reden om naar Zwartberg te rijden deze lente. De Toscaan Carlo Ferrini (Fonterutoli, Broglio, Poliziano en anderen) is dan ook consulterend oenoloog.  De twee nero d'avola's die je hier kon proeven waren schitterend: de Regaleali met een geweldige prijs/kwaliteitsverhouding (een goed gemaakt fruit- en kruidenbommeke voor 8 euro, daar kunnen er veel puntje aan zuigen) en de wonderlijk lekkere Lamuri, eigenlijk sterk op de andere lijkend maar dan met complexiteit en structuur als bonus (voor 11,5 euro, ook mooi!). Ik besloot dan ook ter plekke om hem op de csp-hitlist te zetten ! Wat mij er aan doet denken dat dit nog eens moet worden bijgewerkt...

  • De suprematie van het blanke ras ? Alvast in de Marche !

    Pin it!

    Zo, maar direct even een compromitterende titel voor onze laatste degustatie! Ons aller CSP-lid Ghil ging op vakantie in de Marche, en zoals het hoort, viel hij allerlei wijnboeren en -winkels lastig om er een uitgelezen selectie mee samen te stellen rond het thema Marche, een erg mooie regio trouwens, zonder massatoerisme.

    marche
    De wijnregio Marche is het bekendst voor zijn amfora-vormige flessen Verdicchio, dorstlessende bulkwijnen die decennia-lang ontelbare pizzeria's en trattoria's onveilig maakten (het witte equivalent van de chianti-mandfles). De laatste tijd is er echter zoals op zoveel plaatsen in Italië een echte kwaliteitsrevolutie aan de gang: in het overzichtsvolume van de Gambero Rosso klasseerde de Marche zich als 8ste op in totaal 23 regio's.

    In wit is de overheersende druivensoort de verdicchio. Er worden lichte, frisse limoenachtige wijnen meegemaakt die zeer goed combineren bij de zeevruchtenschotels van de regio, maar de betere producenten bereiken steeds hogere niveaus en meer en meer verdicchio's vervoegen de rangen van de betere witte Italiaanse wijnen. Van de twee DOC's is die van de Castelli di Jesi de grootste, en de kleinere Matelica DOC onderscheidt zich vooral door een grotere aciditeit. Er wordt ook witte wijn gemaakt met internationale varianten als de chardonnay, maar ook hier zijn de lokale varianten het interessantst, met naast de verdicchio vooral de pecorino als druif met nog veel potentieel.

    In rood is de regio minder groot. De DOC's Rosso Conero (100% montepulciano) en Rosso Piceno (sangiovese en montepulciano) zijn aardig, maar kennen weinig uitschieters.

    Het volledige overzicht van de degustatie vindt je op de website hier dus, maar hier komen de highlights.

    Garofoli, Serra Fiorese, Verdicchio dei Castelli di Jesi Classico Riserva, 2004

    In de neus herkenden we vooral limoen en mineralen, heel kruidige, diepe en ernstige wijn, die na opwarming wat deed denken aan zachte spierzalf; in de mond een heel elegante start, dan even mollig, daarna zeer complex evoluerend; ongelooflijke afdronk: héél sterk YYY

    Cambrugiano, Belisario, Verdicchio di Matelica Riserva, 2004

    In de neus eerst vooral fris, met lijsterbes, takjes, mandarijntjes, na opwarmen bijna als een Speyside whiskey. In de mond zéér elegant en fijn, lekker fris, met een aangename wat toasty afdronk die wat aan champagne deed denken; YY

    Ciprea, Pecorino, San Savino, Offida DOC, 2006

    In de neus eerst passievrucht, kisten vol passievrucht!, bijna een beetje monotoon, maar na enkele minuten kwamen er mineralige elementen die zowaar wat aan een Moezel-riesling deden denken. Ook in de mond eerst wat monotoon, maar ook heel origineel; deed nog het meeste denken aan een cocktail van champagne en groene meloen; lekker frisse zuren YY

    Opvallend aan deze drie witte wijnen was ook dat ze zo consistent lang in het glas goed bleven. De aroma's  van de witte wijnen ontlokten bij Karen  de opmerking dat al die wijnen zo lekker ruiken dat ge ze bijna op u kunt doen als parfum. Voor wanneer de verdicchio-verstuiver !?

    Ondertussen was er dankzij de uitstekende witte bij niet-spuwers al wat hilariteit ontstaan. Toen iemand vroeg waar we nu precies zaten in de degustatie weerklonk er unisono In Italië ! Een half uurtje later sprak er iemand over het lekkere buidelgeurtje van een wijn, wat pas na enige opgetrokken neusvleugels de correctie ontlokte dat hij eigenlijk geurenbuideltje bedoelde...

    In rood was er helaas minder reden tot juichen. De Rosso Conero van Umani Ronchi werd vergeleken met spa kers en weinig rode wijnen deden het gezelschap echt juichen. De grote uitzondering was de

    Morellone, Le Canette, Rosso Piceno, 2002

    In de neus heel apart: sommigen deed hij denken aan een keukenkastje vol kruiden, anderen aan een Marokkaans kraampje vol olijven en kruiden. In de mond was hij zeer droog, mooi fris met stevige tannines en een mooie afdronk. Een boertige wijn, maar dan wel op een heel mooie manier, à la Permeke. Opzoekingswerk na de degustatie bracht aan het licht dat dit ook de huisstijl is. YY    

    Een aangename verrassing was de afsluiter, een zoete verdicchio:

    Carpe Diem, Belisario, Verdicchio Passito, 2002

    Amberkleurig. In de neus gele muscat-krenten en noot. In de mond complex, verrassend: honing, peperkoek, gember en nootmuskaat kwamen voorbij, maar hier kon je aan blijven snuffelen. Ook een opvallende mooie, helemaal niet plakkerige afdronk. YY

    marche2