lecce

  • Puglia 2014: Vergine, Vedove e Malmaritate...e Spiriti: Lecce !

    Pin it!

    Alhoewel zo'n winters bezoek waarschijnlijk echt wel een verkeerde indruk gaf (in de zomer is het hier 40 graden, toen wij er waren 15) scheen er toch genoeg zon om de schoonheid van de stad ten volle te waarderen. Lecce heeft een heel compact historisch centrum zodat je alles te voet kan doen. Onze wandeling startte vanop de Piazza Sant' Oronzo, waar een grote zuil prijkt met daarop de Heilige Orontius, een vroegchristelijke bekeerling die contacten had met de Apostel Paulus en door een vertegenwoordiger van keizer Nero werd terechtgesteld op ongeveer 3km van Lecce. In 1656 stopte hij een pestepidemie en sindsdien is hij de beschermheilige van de stad Lecce. Het plein ziet er nu wat anders uit dan in de Middeleeuwen, want het goed bewaarde Romeinse amfitheater lag honderden jaren lang verstopt onder een groep winkels en huizen. Momenteel werd het effect wel een klein beetje bedorven door het kerststalletje dat ze er in hadden geplaatst...

     

    DSC05494.JPG

    Lecce is bij uitstek een stad om in rond te slenteren en een leuke weg naar de Duomo is de Via Vittorio Emmanuele, een verkeersvrije Corso waar je slendert en winkelt en vooral jezelf op je paasbest toont. Dat laatste gebruik, de passeggiata, komt in de warme maanden op gang wanneer de hitte wat afneemt en families met kinderen, jonge koppeltjes of oudere mensen zich terug op straat vertonen. Het is één van de hoofdfuncties van zo'n straat. Ze komt uit op de Piazza Duomo, één van de mooiste pleinen van Zuid-Italiê, met de Duomo niet centraal maar in een hoek geduwd met een kanjer van een klokketoren of campanile ernaast. Het is een plein dat je moet zien met niet teveel mensen erop, en het is op zijn mooist 's morgens vroeg wanneer de eerste zon er op schijnt, of 's avonds laat, wanneer het prachtig verlicht is. De Duomo zelf is, zoals de meeste kerken hier, vooral mooi aan de buitenkant, waar de plaatselijke variant van de Barok zich volledig laat gaan. Mensen met een allergie voor putti dienen zich echter te onthouden !

     

    DSC05574.JPG

     

    Vanuit de Piazza gaat de Via Giuseppe Libertini verder, kerk na kerk, maar onderweg zagen we aan de ingang van het Conservatorium een leuk informatiebordje. Vroeger was er een opvangtehuis gevestigd voor Vedove, Vergine e Malaritate...Ik moet zeggen dat, alhoewel ik persoonlijk tot geen van de drie categoriën behoor de uitgang er uitnodigend uit zag...misschien met mij in de rol van trooster van al die weduwen, maagden en slecht getrouwden ?  

     

    DSC05557.JPG

    Eén van de leuke dingen aan Lecce is dat het, en daarin lijkt het wat op Leuven, een studentenstad is. Dat maakt dat er veel cafeetjes en goedkope restaurantjes zijn voor de studenten, maar ook dat er veel wat hippere en gesofisticeerde zaken zijn voor de docenten en de studentenkoppels die hier blijven hangen. Wij kwam voor ons aperitief dan ook terecht in het restaurantgedeelte van een boekhandel, All' Ombra del Barocco, waar de heren van het gezelschap uitermate positief verrast werden door het wijnaanbod. Wij consumeerden echtereenvolgens een Rosé della Quercia Extra Dry, Alberto Longo, een rosé schuimwijn van Nero di Troia, fijn schuimend en fris en elegant, en een Rosa del Golfo Brut Rosé, een negroamaro, fruitig en mooi gestructureerd. Het huis Alberto Longo ligt in Lucera, meer naar het Noorden van Puglia, ter hoogte van Napels, en is heel modern (een leerlinge van Giacomo Tachis maakt er wijn, en Alberto Longo is zelf een consulent). Rosa del Golfo ligt in Alezio, vlakbij Gallipoli, hier een goeie 20km vandaan, en is al sinds 1988 zéér bekend voor zijn rosé met de gelijknamige naam.

    Wij vonden dit een goede start en sloegen daarom in ons restaurant, de Osteria degli Spiriti, de schuimwijn over om ons onmiddellijk op de feestvariant van de bekendste rosé van de regio, nee, van Italië, nee, van de Verenigde Staten te gooien: de Five Roses Anniversario Leone de Castris 2013.   

    In 1943 zag Italië zware gevechten tussen Amerikaanse en Britse troepen en de terugtrekkende Duitsers. De Amerikaanse soldaten, voor een substantieel deel zelf van Italiaanse afkomst, hadden snel een sterke emotionele band met de veroverde gebieden. Terwijl de gevechtssoldaten echter snel verder trokken, volgden er in hun spoor mensen die zich bezig hielden met de wederopbouw. Voor Zuid-Italie was dat Lt-Kol Charles Poletti, een advokaat en politicus uit New York. Volgens de legende bezocht hij Don Piero Leone de Castris op zoek naar een rosé die in grote hoeveelheden kon worden geproduceerd voor de Amerikaanse soldaten die in Europa vochten. De luitenant-kolonel proefde de rosé, bevond hem goed, Don Piero beloofde de productie, Poletti de flessen (in het begin door het leger lege bierflessen te laten inzamelen) en al snel werd Five Roses de standaard-rosé in Amerikaanse kantines. Toen die na het einde van WOII terugkeerden naar de VS zochten ze terug naar die rosé die ze in Europa hadden leren kennen, en Don Piero begon met de export. Al snel was het de populairste rosé van de Verenigde Staten en je kan het vergelijken met de komst van Mateus rosé of Miracoli spaghetti naar België, iets dat voor ons zelfs wat vulgair is, maar voor onze ouders revolutionair.

    Over Charles Poletti heb ik het later nog wel eens, maar hij was een zegen voor het gebroken Italië van na WOII door de indrastructuur terug op te bouwen en de handel terug in gang te trekken. De wijn zelf was leuk, met framboosjes in de neus, fruitig, fris en ook wat vet, kortom goed gemaakt, maar ook heel commercieel, en voor ons verwende wijndrinkers wat te makkelijk. We vergeten echter soms hoe een rosé als dit in de jaren 50 als een summum van kwaliteit werd beschouwd, voor een groot deel omwille van toegepaste moderne oenologie en transport-technologie.

    Ondertussen was een heel scala aan antipasti de revue gepasseerd, het ene al lekkerder dan het andere, en begonnen de eerste alarmbellen te rinkelen. De keuken van de Puglia is een Cucina Povera die, grotendeels uit armoede, uitsluitend gebruik maakte van wat er in de omgeving te vinden was, cq van wat men zelf kon telen. Dat betekent hier dat men pasta maakt van Durum-tarwe, waarvoor geen (dure) eieren moeten worden gebruikt, dat men de voorkeer geeft aan geit en schaap boven rund, dat de meeste lokale kazen ook met de melk van die dieren wordt gemaakt, bier een luxeproduct is dat uit het Noorden komt terwijl je je je rode wijn in bidons van 5 liter koopt, je geen boter gebruikt maar olijfolie (40% van de Italiaanse olijfolie komt van de Puglia), maar ook dat elke mama een ruime keuze heeft aan lokaal geteelde groenten die én goedkoop én van topkwaliteit zijn. Dat laatste was trouwens echt een rode lijn door ons culinair avontuur. Helaas betekent dat ook dat light hier (terecht) niet in het woordenboek staat en dat ik mij geregeld heb vergist in de hoeveelheden.

    Toen ik dan ook aan de waard vroeg wat Ciceri e Tria waren begon hij onmiddellijk te ratelen over "lokale specialiteit" en "molto bene" (het gebrek aan Engelssprekenden is in de Puglia nogal markant) en meer was niet nodig om mij te overtuigen. Ciceri zijn kikkererwten en Tria zijn in olijfolie gefrituurde tagliatelle. Ze worden samen met gekookte tagliatelle opgediend en het is een héél lekker gerecht, maar gemaakt voor een landarbeider die daarna een akker gaat omploegen, en niet voor een al wat te dikke toerist die al goed geknabbeld had.

     

    DSC05580.JPG

    Ook qua wijn hadden wij ondertussen alle voorzichtigheid laten varen, en gesteund door ons zorgvuldig voorbereid wijnlijstje, hadden we op de wijnkaart een kanjer gevonden: Primitivo Old Vines, Morella, 2008. Wat krijg je als je Australië en Puglia samenvoegt ? Wel, in ieder geval géén subtiliteit. "Syrah", "Eucalyptus", "Koala beer" waren de kreten die onmiddellijk rond de tafel vlogen, en deze wijn was extravert en uitbundig in de neus, heel vlezig en peperig en straf en zou blind onmiddellijk als Aussie Syrah benoemd zijn. Ook in de mond was hij intens, straf en overweldigend en helaas totaal ongeschikt voor wat wij aan het eten waren. Met 16% alcohol, alhoewel die goed verwerkt was, was zijn impact ongeveer even groot als die van een Monster Truck  op een klein jongetje: misschien wel te doen in het juiste (culinaire) gezelschap maar zo op zijn eentje eigenlijk nogal angstaanjagend. De wijnmaakster is dan ook Australisch, het is Lisa Gelbee die hier verliefd werd op Gaetano Morella en op zijn oude Primitivo stokken, en ze maakt zeker goede wijn, maar dit had niet veel te maken met de Puglia, vonden wij.

     

    DSC05583.JPG

    Hmmm...maar dessertwijnen van de Puglia, hoe zit het daarmee ? Wel, we vroeger ernaar, en uit het Italiaanse geratel van de patron kwam één ding naar boven drijven: dolce naturale. En wat is dat dan wel ?

    Het grote verschil met veel klassieke zoete wijnen (en vooral de Italiaanse passito) is dat de druiven van een dolce naturale worden gedroogd aan de stok en dus niet na het plukken (in Frankrijk heet dat passerillage sur souche). Voor Primitivo di Manduria is dat 14 dagen en het wordt alleen gedaan in jaren waarin de omstandigheden het toelaten. Sinds 2010 is het een DOCG en dus één van de meer prestigieuze appellaties van Italië.

    Wij begonnen vandaag direct met een topper: de Es Piu Solé, Gianfranco Fino, Primitivo di Manduria Dolce Naturale, 2012. Gianfranco Fino is geobsedeerd door het potentieel van Primitivo en kocht in 2004 samen met zijn vrouw Simona een 1,2ha groot perceel met 50 jaar oude stokken, in alberelli gesnoeid en op terra rosso, de roodgekleurde ondergrond die hier zo typisch is. Ondertussen vond hij nog twee wijngaarden met oude stokken en is hij de maker van Es, één van de grootste Primitivo di Manduria's. Ik had geen idee dat er een dolce naturale versie van bestond, maar dit was hem dus.

    Heel complexe maar stevige neus, heel evenwichtig eigenlijk met mooie mineraliteit aan stevige fruit. Heel intens, zwarte bessen maar knapperiger, zuiverder fruit en niet zo jammy als de Morella, erg mooie fraîcheur. Met zijn 15% eigenlijk zelfs niet herkenbaar als een zoete wijn, zo evenwichtig, maar volgens de regels van de DOCG bevat hij wel degelijk minstens 50 gram restsuiker. Schitterend, en wij nu allemaal heel nieuwsgierig naar de Es zelf...maar daar komen we nog aan toe :-).  

    Maar morgen gaan we langs bij de godfather van de natuurlijke wijn in de Puglia, Il Pioniere !

    Slaapwel !

     

    DSC05586.JPG

     De websites:

    www.allombredelbarocco.it

    www.albertolongo.it

    De wijnen van Alberto Longo worden in België verdeeld door Licata (www.licata.be ).

    www.rosadelgolfo.com

    www.osteriadeglispiriti.it

    www.leonedecastris.com

    In België verdeeld door Tricépage uit Maasmechelen (www.tricepage.be ).

    www.morellavini.com

    www.gianfrancofino.it